Expert talks: “Wij gaan voor tien op tien. Voor een zesje doen we het niet.”

Interview met Liesbeth Bergsma – Manager Opleidingen & Marketing Wolters Kluwer

Gepubliceerd op 31-07-2020

Wolters Kluwer voorziet gemeentediensten van de juiste juridische informatie. Ambtenaren die verantwoordelijk zijn voor alles wat met omgevingsrecht te maken heeft, vinden in de Schulinck databank het antwoord op hun vragen over bijvoorbeeld ruimtelijke ordening en leefmilieu. Die juridische informatie wordt verzameld en in klare taal omgezet door een team van juridische experts. In Nederland zijn deze databank en bijhorend team al jaren een groot succes, mede dankzij de marketingstrategie en -beleid van Liesbeth Bergsma.

Welke functie heb jij binnen het team?

Liesbeth: “Ik ben manager Marketing en Opleidingen voor Schulinck in Nederland, en stuur dus mee de strategie en het beleid achter Schulinck databank en het bijhorend dienstenpakket en opleidingenaanbod. Dat gaat van erg algemene richtlijnen tot heel concrete en praktische tips. Zo werd recent een update voor onze beleidswijzer gelanceerd en dat werd trots met de medewerkers gedeeld, maar niet met onze klanten. Daar wijs ik dan wel op: dat ook onze klanten zulke zaken graag vernemen en hier ook blij om kunnen zijn. 

 Ik help dus nadenken over hoe we de zaken aanpakken in Nederland en ook in hoeverre we die aanpak kunnen overnemen in België. Voor sommige zaken lukt dit perfect en voor andere helemaal niet. Dat maakt het enorm boeiend.”

Kan je een voorbeeld geven van de verschillen en gelijkenissen tussen de Belgische en Nederlandse markt?

Liesbeth: “Een eerste opvallend verschil stelde ik vast in het gebruik van social media. Als wij in Nederland ons doelpubliek via content marketing willen bereiken, zetten we vooral in op LinkedIn en Twitter. In België is LinkedIn ook erg belangrijk, maar heeft Twitter moeten plaatsmaken voor Facebook. Opmerkelijk toch, want ik zie Facebook in Nederland toch vooral als een platform dat voor privé-gebruik is weggelegd.

Verder heb je natuurlijk de gebruikelijke misverstanden door verschillend woordgebruik, waardoor ik een meeting om 13 uur voorstelde toen mijn gesprekspartner aangaf dat hij ‘in de voormiddag’ vrij was (lacht). Hier blijft de u-vorm ook vaak behouden wanneer we in Nederland eerder ‘je’ of ‘jou’ zouden gebruiken. En het woord ‘kennisbank’ hebben we voor de Vlaamse markt gewijzigd in ‘databank’ omdat kennisbank hier weinig belletjes doet rinkelen, als we op Google Trends mogen afgaan.

Anderzijds merken we dat bepaalde zaken in beide landen goed werken. Onze blogartikelen en  infographics, bijvoorbeeld, krijgen in België evenveel bijval als in Nederland en onze nieuwe LinkedIn showcase page is zeer populair bij onze doelgroep.”

Je ervaring met de Nederlandse markt en de enthousiaste reacties in België geven je wellicht erg veel vertrouwen in de goede afloop?

Liesbeth: “Je weet inderdaad wel dat de gemeenten op zo’n aanbod zitten te wachten, en de Nederlandse versie heeft zijn meerwaarde intussen allang bewezen. Maar daarom kan je nog niet op je lauweren rusten. Je moet het nog steeds aan de man brengen, en uitleggen waarom jouw combinatie van software en diensten zo veel beter is dan de concurrentie. We hebben het ooit al gezien dat klanten opleidingen links lieten liggen waarvan we nochtans wisten dat ze die hard konden gebruiken.

Daarom is het zo belangrijk dat we erg veel tijd steken in de bewustmaking bij onze doelgroep en in onze keuze van de instrumenten om dit te realiseren: ze moeten weten dat we er zijn, en waar precies onze meerwaarde ligt tegenover de concurrentie, en wij moeten ervoor zorgen dat ze die boodschap effectief oppikken. Als we daarin al slagen, ben ik er 100% van overtuigd dat we al heel wat gemeenten zullen kunnen overtuigen.

Hoe zorg je het beste voor deze bewustmaking? Stoort het dat de grote beurzen en events even niet doorgaan?

Liesbeth: “Even vreesden we van wel. Maar intussen hebben we gemerkt dat de sociale media meer dan behoorlijk die lacune invullen. Onze LinkedIn groep groeit hard, zelfs harder dan in Nederland, en de blogs die we zo verspreiden, krijgen ook heel wat aandacht. Het is beter dan verhoopt, maar tegelijk ook het verdiende resultaat van erg hard werken aan onze bekendheid.”

Hoe ben je naar deze functie gegroeid?

Liesbeth: “Ik werk al acht jaar voor Wolters Kluwer. Voordien had ik een eigen bureau, waarmee ik marketingprojecten beheerde voor alle soorten organisaties, van klein tot erg groot. Toen Wolters Kluwer me een baan aanbood als marketeer, kwam dit uiterst gelegen. Ik was al even op zoek naar de juiste vacature bij het juiste bedrijf om terug deel te kunnen uitmaken van een leuk team, en dit was de ideale mix.

Na enige tijd kreeg ik de kans om het Schulinck verhaal in Nederland uit te werken, bijna vanaf de grond. Er was toen nog geen verantwoordelijke voor marketing of voor opleidingen, maar nu  zijn beide afdelingen al goed draaiende eenheden geworden. Dat uitbouwen vanaf de grond geeft toch altijd een kick en ik ben best trots op het resultaat.”

Voel je die kick opnieuw nu de Belgische versie wordt opgestart?

“Toch wel. Iets nieuws opstarten doet altijd je hersens een beetje kraken; je moet alles weer in vraag stellen en ik  leer er ook van voor mijn activiteiten in Nederland. In België gebruiken gemeenten bijvoorbeeld veel meer modellen, en dat lijkt me iets waar we in Nederland ook meer kunnen op inzetten.

Maar de voldoening komt ook uit het behalen van je doelstellingen op elke stap van het traject: het aantal LinkedIn-volgers vandaag, het aantal proefabonnementen binnenkort, de omzetverwachtingen… bij elke nieuwe stap die je zet, hoop je de beoogde resultaten te behalen, en tegelijk houd je er sowieso enkele interessante ‘lessons learned’ aan over. Dat content marketing het gebrek aan vakbeurzen en congressen grotendeels kan opvangen, is bijvoorbeeld een belangrijke les die we de voorbije maanden hebben geleerd. We hadden dat wel gehoopt, maar je moet het allemaal toch nog even afwachten.”

Is er nog tijd om je te ontspannen?

Liesbeth: “Toch wel, hoor, en niets beter om me helemaal te ontspannen dan een lange wandeling met mijn man, twee zonen en de Berner sennenhond die begin dit jaar deel van het gezin is geworden. Ook met een spinning-sessie krijg ik mijn hoofd wel leeg. Het enige dat ik mis als vrijetijdsbesteding is het reizen. Voor het eerst in twintig jaar heb ik in de hele vakantieperiode niet naar een of andere vakantiebestemming gevlogen. Musea bezoeken en cultuur opsnuiven in verre en nabije landen, daar kan ik hopelijk weldra weer volop van genieten. Maar tot dan geniet ik wel extra van de lange fietstochten die we sinds Corona hebben herontdekt.

Liesbeth Bergsma

  42