Wachtdiensten thuis na het Matzak-arrest

In het arrest Matzak van 21 februari 2018 oordeelde het Hof van Justitie dat wachtdiensten thuis van een vrijwillig brandweerman arbeidstijd uitmaken. De auteurs analyseren in welke mate wachtdiensten thuis tot nu toe door de Europese en Belgische rechtbanken als arbeidstijd werden beschouwd. Zij komen tot het besluit dat het Hof van Justitie met het arrest Matzak zijn eerdere rechtspraak in verband met wachtdiensten sterk nuanceert en vaststaande Cassatierechtspraak in twijfel trekt.

Dans l’arrêt Matzak du 21 février 2018, la Cour de justice a jugé que le temps de garde au domicile d’un pompier volontaire constitue du temps de travail. Les auteurs analysent dans quelle mesure le temps de garde à domicile a jusqu’à présent été considéré comme du temps de travail par les tribunaux européens et belges. Ils concluent que la Cour de justice, avec l’arrêt Matzak, a fortement nuancé sa jurisprudence antérieure en matière de temps de garde et remet en cause la jurisprudence établie de la Cour de cassation.

Heleen FRANCO, Liesbet VANDENDRIESSCHE en Stijn DEMEESTERE, “Wachtdiensten thuis na het Matzak-arrest”, NjW 2019, afl. 395, 50-59.

franco-heleen
Heleen Franco
vandendriessche-liesbet
Liesbet Vandendriessche
demeestere-stijn
Stijn Demeestere
  100