Werkgever houdt contracten mobiliteitsbudget en mobiliteitsvergoeding minstens 5 jaar bij

De federale regering neemt de overeenkomsten over de mobiliteitsvergoeding en over het mobiliteitsbudget op in de lijst van sociale documenten die de werkgevers gedurende een bepaalde periode moeten bewaren.
Elke werkgever is verplicht om de overeenkomst over de mobiliteitsvergoeding of de overeenkomst over het mobiliteitsbudget die hij met een werknemer heeft gesloten, bij te houden op de plaats waar die werknemer is tewerk gesteld. Hij moet de overeenkomst achteraf ook minstens 5 jaar bewaren.
De termijn van 5 jaar start op de dag nadat de overeenkomst een einde nam.
Uiteraard bezorgt de werkgever ook een kopie van de overeenkomst aan zijn werknemer: ten laatste op het moment dat de overeenkomst in werking treedt.
In een overeenkomst over een mobiliteitsbudget krijgt de werknemer de mogelijkheid om zijn bedrijfswagen in te ruilen voor een bepaald budget, waarmee hij dan kan combineren: een milieuvriendelijker model van bedrijfswagen kiezen, een duurzaam transportmiddel, een deel cash.
Bij de mobiliteitsvergoeding of het cash-for-car-regime levert de werknemer zijn bedrijfswagen in, in ruil voor cash. De werknemer kan niet kiezen voor een andere, meer milieuvriendelijke bedrijfswagen.
Elke werkgever houdt nu al de volgende sociale documenten bij: het personeelsregister, het speciaal personeelsregister en de individuele rekeningen. Daarnaast zijn er ook sociale documenten die enkel voor een speciale categorie van werknemers gelden, zoals studentenovereenkomsten of beroepsinlevingsovereenkomsten.
In werking: 8 augustus 2019.

Gepubliceerd op 31-07-2019

  87