NAR-advies: vrijwilligerswerk

De Nationale Arbeidsraad (NAR) heeft een wetsontwerp bekeken dat de regels voor vrijwilligerswerk aanpast. Het gaat om activiteiten die ‘onbezoldigd en onverplicht’ worden verricht voor organisaties die activiteiten organiseren met een onbaatzuchtige doelstelling.

De wijzigingen moeten:

  • bevestigen dat de vrijwilligerswet van toepassing is op de bestuurders-vrijwilligers;
  • de informatie verbeteren;
  • de fietsvergoeding afstemmen op die van werknemers;
  • benadrukken dat vrijwilligerswerk onbezoldigd is;
  • bepalen welke occasionele geschenken niet in aanmerking worden genomen voor de berekening van de kostenvergoeding;
  • de kostenvergoeding niet vatbaar maken voor overdracht en beslag;
  • een wettelijke basis voor de Hoge Raad voor Vrijwilligers (HRV) invoeren (systematische raadpleging).

De NAR is ‘overwegend positief’. De raad stelt voor om de kwestie van de fietsvergoeding te regelen via een andere juridisch–technische techniek. Voor de occasionele geschenken stelt hij voor om dit te doen via een circulaire.
De raad steunt het principe om het maximumplafond van de fietsvergoeding op trekken en om de occasionele geschenken niet te verrekenen, maar meent wel dat iedere expliciete verwijzing naar het werknemersstatuut binnen een regeling voor vrijwilligers moet worden vermeden.

In verband met de onvatbaarheid voor overdracht en beslag stipt de NAR aan dat personen met schulden niet ontmoedigd mogen worden om  vrijwilligerswerk te doen.

De bestaande wil om de vrijwilligerswet toe te passen op de bestuurders en mandatarissen krijgt juridisch vorm. Al voegt de NAR er wel aan toe dat dit geen vrijgeleide mag zijn om bezoldigingen als onkosten in aanmerking te nemen.

Tot slot acht de NAR het nuttig om de bestaande praktijk van erkenning van organisaties bij de RVA (met of zonder) vrijstelling van individuele aanmeldingsplicht te herbekijken.
 

Bron:

Gepubliceerd op 07-08-2017

steven-bellemans
Steven Bellemans
Wolters Kluwer
  339