Mobiliteitsbudget: NAR stemt in met sociaal luik cumulatieverbod

De Nationale Arbeidsraad (NAR) gaat akkoord met een ontwerp-KB dat het RSZ-besluit wijzigt. Het gaat om een uitvoeringsbesluit bij de wet die het mobiliteitsbudget heeft ingevoerd en die eerstdaags zal verschijnen in het Belgisch Staatsblad.

Cumulatieverbod

Het mobiliteitsbudget biedt (wellicht vanaf 1 maart 2019) een duurzaam alternatief voor de bedrijfswagen via drie pijlers: een milieuvriendelijke bedrijfswagen, een gamma van duurzame vervoersmiddelen, en het saldo van het budget dat in geld (bijzondere bijdrage van 38,07%) wordt uitbetaald.
 
Uit de aangenomen tekst blijkt dat zo’n budget niet gecombineerd mag worden met de fiscale vrijstellingen voor vergoedingen of voordelen voor woon-werkverplaatsingen. Gebeurt dat toch, dan worden die vergoedingen beschouwd als normaal loon.
Maar er geldt een uitzondering voor werknemers die gedurende minstens drie maanden (voor de aanvraag van het mobiliteitsbudget), het voordeel van een bedrijfswagen hebben gecumuleerd met een voordeel voor woon-werkverplaatsingen.

Sociale zekerheid

Het fiscaal luik van dat cumulatieverbod zit al in de nieuwe wet, maar het socialezekerheidsluik komt nu pas aan bod. Een aanvulling van artikel 19, §2 van het RSZ-besluit bepaalt dat de werkgever die, afgezien van het mobiliteitsbudget, toch nog de vergoedingen of kosten voor woon-werkverplaatsingen betaalt, geen beroep meer kan doen op:
  • de RSZ-vrijstelling voor verplaatsingskosten (artikel 19, §2, 4°);
  • de vrijstelling van de kilometervergoeding voor fietsverkeer (artikel 29, §2, 16°);
  • de vrijstelling van het voordeel dat voortvloeit uit de terbeschikkingstelling van een fiets en toebehoren, met inbegrip van de onderhouds- en stallingkosten, die wordt gebruikt voor woon-werkverkeer (artikel 19, §2, 23°).
Kortom, het mobiliteitsbudget kan voor de sociale zekerheid evenmin gecombineerd worden met andere vergoedingen voor woon-werkverplaatsingen, die in dat geval onderworpen zijn aan socialezekerheidsbijdragen. Maar ook hier geldt een uitzondering voor werknemers die gedurende minstens drie maanden voorafgaand aan de aanvraag, een voordeel bedrijfswagen cumuleerden met een voordeel woon-werkverplaatsingen.  
Bron:

NAR-advies nr. 2.121

Wetsontwerp van 15 februari 2019 betreffende de invoering van een mobiliteitsbudget

Gepubliceerd op 02-03-2019

  132