Coronavirus COVID-19: oplossing voor arbeidsongeschikte zelfstandigen die niet tijdig bij hun behandelend arts raken

Arbeidsongeschikte zelfstandigen die een uitkering willen krijgen van hun ziekenfonds moeten hun arbeidsongeschiktheid normaal gezien laten vaststellen, dateren en ondertekenen door hun behandelend arts en het getuigschrift opsturen naar de adviserende arts van hun verzekeringsinstelling. Door de coronamaatregelen en het verplichte uitstel van niet-dringende raadplegingen en medische behandelingen was en is het voor zieke zelfstandigen echter niet altijd mogelijk om snel hun arts te zien. En dat kan gevolgen hebben voor hun uitkering. De Regering Wilmès II zorgt dan ook voor reglementaire aanpassingen om financiële gevolgen te vermijden.
Meer concreet
  • is het voorschrift uit artikel 53, tweede lid van het KB van 20 juli 1971 ‘m.b.t. het toezenden van het volledig ingevulde, gedateerde getuigschrift van arbeidsongeschiktheid aan de adviserende arts van de verzekeringsinstelling’ niet van toepassing op ieder tijdvak van arbeidsongeschiktheid dat aanvat tijdens de periode van 1 maart tot en met 15 april 2020.
  • is het voorschrift uit artikel 58, tweede lid van het KB van 20 juli 1971 ‘dat stelt dat het tijdvak van arbeidsongeschiktheid in principe ten vroegste kan aanvangen op de datum van ondertekening van het getuigschrift van arbeidsongeschiktheid door de behandelende arts’ niet van toepassing op ieder tijdvak van arbeidsongeschiktheid dat aanvat vanaf 16 april tot en met 30 september 2020.
En dat vanaf 20 mei 2020.
Deze aanpassing geeft de adviserende arts van de verzekeringsinstelling de mogelijkheid om de arbeidsongeschiktheid van de zelfstandige, in voorkomend geval, vanaf de eerste dag van de periode van arbeidsongeschiktheid zoals bepaald door de behandelend arts te erkennen wanneer deze zelfstandige zijn behandelde arts niet op de eerste dag van de desbetreffende periode van arbeidsongeschiktheid heeft geraadpleegd.
Bron:

Koninklijk besluit van 18 mei 2020 tot tijdelijke schorsing, ingevolge de COVID-19-pandemie, van de toepassing van de voorwaarde dat het tijdvak van arbeidsongeschiktheid in de uitkeringsverzekering ten voordele van de zelfstandigen en van de meewerkende echtgenoten ten vroegste kan aanvangen op de datum van ondertekening van het getuigschrift van arbeidsongeschiktheid, BS 20 mei 2020.

Gepubliceerd op 27-05-2020

  71