Coronavirus-COVID 19 – Het belastingstelsel van de financiële uitkeringen verkregen in het kader van het heropstartoverbruggingsrecht

We hebben het belastingstelsel van de financiële uitkeringen voortvloeiend uit het crisis-overbruggingsrecht al besproken (zie “Coronavirus COVID-19: het belastingstelsel van de financiële uitkeringen in het kader van het crisis-overbruggingsrecht”).

Een nieuwe circulaire handelt ditmaal over de financiële uitkeringen voortvloeiend uit het heropstartoverbruggingsrecht voortvloeiend uit artikel 4ter dat het K.B. nr. 41 van 26 juni 2020 toevoegt aan de wet van 23 maart 2020 tot wijziging van de wet van 22 december 2016 houdende invoering van een overbruggingsrecht ten gunste van zelfstandigen en tot invoering van tijdelijke maatregelen in het kader van COVID-19 ten gunste van zelfstandigen.
Deze maatregel dient om de heropstart van bepaalde sectoren in de maanden juni, juli en augustus aan de hand van een overbruggingsrecht te ondersteunen zonder nog een onderbreking van hun activiteit gedurende 7 opeenvolgende kalenderdagen te eisen.
Net zoals het crisisoverbruggingsrecht hangt het belastingstelsel van de financiële uitkeringen in het kader van het heropstartoverbruggingsrecht af van de aard van de activiteit die de zelfstandige uitoefent.

Verkrijgers van bezoldigingen van werknemers of bedrijfsleiders

Als de verkrijger een activiteit heropstart waarvan de inkomsten moeten worden beschouwd:
  •  als bezoldigingen van werknemers bedoeld in artikel 30, 1°, WIB92 (een zelfstandige helper wiens inkomsten als bezoldigingen van werknemers belastbaar zijn); of
  •  als bezoldigingen van bedrijfsleiders bedoeld in artikel 30, 2°, WIB92 (een zelfstandige bedrijfsleider);
dan zijn de financiële uitkeringen verkregen in het kader van het heropstartoverbruggings-recht belastbaar als in artikel 31, 2e lid, 4° of in artikel 32, 2e lid, 2°, WIB 92 bedoelde vergoedingen verkregen tot volledig of gedeeltelijk herstel van een tijdelijke derving van bezoldigingen. Het stelsel is identiek aan dat van het crisisoverbruggingsrecht.

Verkrijgers van winsten of baten

Als de verkrijger een activiteit heropstart waarvan de inkomsten als winst of baten bedoeld in artikel 23, § 1, 1° of 2°, WIB92, moeten worden aangemerkt, zijn de financiële uitkeringen verkregen in het kader van het heropstartoverbruggingsrecht in principe belastbaar als in artikel 25, 6°, b of 27, 2e lid, 4°, b, WIB92 bedoelde vergoedingen verkregen tot volledig of gedeeltelijk herstel van een tijdelijke derving van winsten of baten.

Verkrijgers van bezoldigingen van meewerkende echtgenoten

Als de verkrijger een activiteit heropstart waarvan de inkomsten moeten worden beschouwd als bezoldigingen van meewerkende echtgenoten bedoeld in artikel 30, 3°, WIB92, zijn de financiële uitkeringen verkregen in het kader van het heropstartoverbruggingsrecht niet belastbaar. Er bestaat immers geen wettelijke bepaling die dergelijke inkomsten aan de inkomstenbelasting onderwerpt.
Bron: Circulaire nr. 2020/C/114 over de aanpassingen in het crisisoverbruggingsrecht en de invoering van het heropstartoverbruggingsrecht, www.fisconetplus.be, © FOD Financiën, 04/09/2020
 

Gepubliceerd op 08-09-2020

  68