Coronavirus COVID-19: Fiscale vrijstelling voor extra quotum van vrijwillige overuren

Bij speciale volmachtenbesluit nr 14 van 27 april 2020 wordt een nieuw quotum van maximaal 120 uur vrijwillig overwerk per werknemer toegekend, met een maximum van in totaal 220 uur vrijwillig overwerk in het tweede kwartaal van 2020, in bedrijven die tot de kritieke sectoren behoren. Wat is het belastingregime?

Vrijwillige overuren

De wet van 5 maart 2017 betreffende werkbaar en wendbaar werk (B.S. 15 maart 2017), de ‘Wet Peeters’ genoemd, voerde een nieuwe overurenformule in, waarbij de werknemer op eigen initiatief de normale arbeidsduur met maximaal 100 uren per kalenderjaar mag overschrijden. Dit werkt enkel als de werkgever deze uren wil laten presteren. Hij moet hiermee dus ook akkoord gaan. De grens van 100 uren is door CAO nr. 129 verhoogd tot 120 uur en kan door een verplichte bindende sectorale collectieve arbeidsovereenkomst (CAO) worden verhoogd tot maximaal 360 uur (over een kalenderjaar). Deze formule wordt ‘vrijwillige overuren’ genoemd.

De werknemer moet zijn schriftelijk akkoord geven, vóór de periode waarin de overuren gepresteerd zullen worden. Dit akkoord kan slechts voor een (verlengbare) duur van 6 maanden worden gesloten. Tijdens deze periode van 6 maanden kan de werkgever, indien nodig, de werknemer vragen om overuren te presteren.
Die vrijwillige overuren moeten niet gerechtvaardigd worden door een “buitengewone vermeerdering van werk” of een “onvoorziene noodzaak”, in tegenstelling tot de klassieke overurenregeling. De grens van 11 uren per dag en 50 uren per week moet echter wel nog gerespecteerd worden.
De wet van 15 januari 2018 bepaalt voortaan dat in de horecasector de grens van 100 overuren opgetrokken kan worden tot 360 uren bij werkgevers (of gebruikers in geval van uitzendarbeid) in de horecasector die in de plaats van uitbating gebruik maken van het geregistreerd kassasysteem zoals bedoeld in het koninklijk besluit van 30 december 2009 tot het bepalen van de definitie en de voorwaarden waaraan een geregistreerd kassasysteem in de horecasector moet voldoen, en die dit kassasysteem overeenkomstig dat besluit hebben aangegeven bij de belastingadministratie. Het is dus niet langer vereist dat een collectieve arbeidsovereenkomst gesloten wordt.
Voor die vrijwillige overuren gelden dezelfde vrijstellingen op het vlak van socialezekerheidsbijdragen en fiscaliteit als deze die al van toepassing zijn voor het krediet aan overuren dat niet ingehaald moet worden.

Quotum vastgelegd op 220 overuren

Het speciale volmachtenbesluit nr14 van 27 april 2020 kent een nieuw quotum van maximaal 120 vrijwillige overuren toe per werknemer, met in totaal een maximum van 220 vrijwillige overuren voor het tweede kwartaal 2020 in ondernemingen in kritische sectoren.
Kritische sectoren zijn cruciale sectoren en essentiële diensten die opgelijst worden in de bijlage van het ministerieel besluit van 23 maart 2020 houdende dringende bepalingen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 tegen te gaan.
De grens van 220 vrijwillige overuren is dus een bovengrens voor het tweede kwartaal 2020.
Deze maatregel heeft een tijdelijk karakter en is van toepassing van 1 april tot en met 30 juni 2020. Het extra quotum van maximaal 120 vrijwillige overuren moet dus tijdens deze periode gepresteerd worden.
Het extra quotum van maximaal 120 vrijwillige overuren komt niet in aanmerking voor de berekening van de interne grens. De maximale grenzen van 11 uren per arbeidsdag en 50 uren per arbeidsweek moeten echter altijd gerespecteerd worden.

Fiscaal regime van 120 vrijwillige overuren

Een recente wet reglementeert het fiscale regime van dit extra quotum van vrijwillige overuren. Dit betekent dat de inkomsten van deze 120 uren niet als belastbaar beschouwd worden en bijgevolg niet onderworpen worden aan bedrijfsvoorheffing.
Uiteraard wordt het overwerk waarvoor een vrijstelling geldt, niet in aanmerking genomen voor een belastingvermindering voor overwerk in hoofde van de werknemer, noch voor een vrijstelling van doorstorting bedrijfsvoorheffing voor overwerk in hoofde van de werkgever.
De bezoldiging voor deze overuren wordt vermeld in de berekeningsnota bij het aanslagbiljet van de aangifte personenbelasting van de begunstigde.
Ten slotte signaleren we dat deze 120 vrijwillige overuren ook vrijgesteld zullen worden van sociale bijdragen.
 
Bron:

Gepubliceerd op 12-06-2020

  303