Coronavirus COVID-19: coronareserve om financiering van sociaal en fiscaal Maribelfonds te garanderen

De regering legt een ‘coronareserve’ aan om ervoor te zorgen dat de tewerkstelling binnen de non-profitsectoren die gefinancierd wordt via de sociale en fiscale Maribel niet in gevaar komt door de tijdelijke vermindering aan bijdrages die de COVID-19-epidemie met zich meebrengt.
De epidemie heeft geleid tot een tijdelijke onderbenutting van de middelen binnen bepaalde sectoren. Enerzijds financieren de Fondsen geen loonkosten van werknemers die tijdelijk werkloos zijn en anderzijds doen praktische moeilijkheden heel wat aanwervings- en vervangingsprocedures vertraging oplopen. Dit betekent dat de reserves van bepaalde Fondsen buiten de controle van de beheerscomités zullen toenemen. Door de wettelijke beperking van de reserves zullen verschillende Fondsen deze middelen zien terugvloeien naar het Globaal Beheer van de Sociale Zekerheid.
Aangezien de dotatie van 2022 bovendien wordt berekend op basis van het aantal rechtopenende werknemers in 2020, zal de dotatie terugvallen in sectoren die momenteel veel tijdelijke werkloosheid kennen.
De regering is ook bezorgd over de financiering via de fiscale Maribel voor het jaar 2020. Die financiering is rechtstreeks gekoppeld aan de ontvangsten aan bedrijfsvoorheffing maar werkgevers houden geen bedrijfsvoorheffing in en storten ze niet door als ze geen loon moeten uitbetalen.
Daarom wordt in 2020 een coronareserve aangelegd op basis van de daling van de te financieren loonkost. Deze coronareserve zal hoofdzakelijk dienen om de verminderde financiering via de fiscale Maribel in 2020 en de sociale Maribel in 2022 op te vangen. Als het reservekapitaal niet volstaat om de verminderde opbrengst in 2022 op te vangen, dan zal de dotatie voor dat jaar behouden blijven op het niveau van 2021.
Concreet vormt het bedrag op 31 december 2020 op de rekening van elk Fonds sociale Maribel verminderd met het bedrag op de rekening op 31 december 2019 het coronareservekapitaal. Dit mag in mindering worden gebracht op het bedrag op de rekening van elk Fonds sociale Maribel op 31 december 2021 en volgende jaren tot en met 31 december 2025. Het wordt echter niet in mindering gebracht op de opbrengst van de forfaitaire verminderingen die voor het jaar 2022 aan de Fondsen sociale Maribel ter beschikking worden gesteld.
Als wordt vastgesteld dat bij een Fonds sociale Maribel de dotatie van 2022 lager ligt dan de dotatie van 2021, wordt het coronareservekapitaal verminderd met het bedrag dat nodig is om dit verschil op te heffen. Als het corona-reservekapitaal niet volstaat om dit verschil op te heffen, dan wordt de dotatie 2022 verhoogd tot een bedrag dat gelijk is aan het bedrag van de dotatie 2021 verminderd met het coronareservekapitaal.
In 2020 zal de RSZ voor eenzelfde totaalbedrag aan stortingen verrichten als er in 2019 aan bedragen naar de Fondsen sociale Maribel werden overgeboekt. De verdeling van dit totaalbedrag tussen de Fondsen sociale Maribel gebeurt op basis van de loonmassa van de werknemers die in 2018 waren tewerkgesteld in de paritaire comités en paritaire subcomités die onder de bevoegdheid van deze fondsen vallen.
Als de opbrengst van een Fonds sociale Maribel op die manier hoger uitvalt dan de opbrengst die het Fonds op basis van de normale regels zou hebben ontvangen, wordt het reservekapitaal met het verschil verminderd.
In 2022 gebeurt de verdeling van de middelen over de Fondsen sociale Maribel op basis van de loonmassa van de werknemers die in 2019 waren tewerkgesteld in de paritaire comités en paritaire subcomités die onder de bevoegdheid van deze fondsen vallen.
Deze bepalingen treden in werking op 3 juli 2020.
Bron:

Gepubliceerd op 10-07-2020

  55