Recht op vergetelheid

DolkHet Hof van Cassatie oordeelde over het recht op vergetelheid naar aanleiding van de identificatie van een moordenaar. Dit arrest verscheen op 16 november 2016 in het Nieuw Juridisch Weekblad (NjW) (afl. 350) samen met een korte bespreking van Eric Brewaeys. Hierna vindt u het kopje bij dit arrest van het Hof van Cassatie van 29 april 2016. 


1. Gerechtelijk recht – geding – behandeling en berechting van de vordering – advies van het openbaar ministerie – burgerlijke vordering wegens drukpersmisdrijf
2. Mediarecht – recht op vergetelheid – grondslag – digitale archivering – beperkingen
 

1. Opdat er sprake kan zijn van een drukpersmisdrijf in de zin van artikel 764 lid 1, 4° van het Gerechtelijk Wetboek is het noodzakelijk dat de uiting van de gedachte via de pers een delictueel karakter vertoont.
2. Hoewel artikel 10 van het Europees Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden en artikel 19 van het Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten, die de vrijheid van meningsuiting, en, bijgevolg, de persvrijheid beschermen, aan mediabedrijven het recht toekennen om digitale archieven online te zetten, en aan het publiek om die archieven te raadplegen, zijn die rechten niet absoluut. Zij kunnen, binnen de strikte beperkingen waarin die verdragsbepalingen voorzien, in bepaalde omstandigheden wijken voor andere rechten die evenzeer geëerbiedigd moeten worden.
Het recht op eerbiediging van het privéleven, gewaarborgd door de artikelen 8 EVRM en 17 van het BUPO en 22 van de Grondwet, omvat het recht op vergetelheid voor een persoon die schuldig is bevonden aan een misdrijf, om zich in bepaalde omstandigheden ertegen te kunnen verzetten dat het publiek wordt herinnerd aan zijn gerechtelijk verleden naar aanleiding van een nieuwe openbaarmaking van de feiten.
De digitale archivering van een vroeger artikel uit de geschreven pers dat, ten tijde van de feiten, op legitieme wijze het verhaal heeft gebracht van gebeurtenissen uit het verleden die thans gedekt zijn door dit recht op vergetelheid, is eveneens onderhevig aan de inmengingen in het recht op vrijheid van meningsuiting die het recht op vergetelheid kan verantwoorden. Die inmengingen kunnen bestaan in een aanpassing van de gearchiveerde tekst waardoor een aantasting van het recht op vergetelheid kan worden voorkomen of hersteld.




Bron: Cass. 29 april 2016, NjW 2016, afl. 350, 778.

De volledige tekst vindt u in het Nieuw Juridisch Weekblad (NjW). Klik hier voor meer informatie over het Nieuw Juridisch Weekblad (NjW), alsook voor de abonnementsvoorwaarden.

NjW kan ook gelezen worden op smartphone en tablet. Wie al een abonnement heeft op de papieren versie geniet van een voordeeltarief. Klik hier voor meer informatie over NjW mobiel. 

>>> Als u nu een jaarabonnement neemt op NjW ontvangt u gratis de uitspraak en de bespreking van Eric Brewaeys in pdf-formaat. Zend hiervoor een e-mail met vermelding van alle vereiste contactgegevens voor de levering en facturatie van uw abonnement naar: njw@wolterskluwer.be.

De website van NjW: www.e-njw.be

Op Jura vindt u meer rechtsleer over het recht op vergetelheid.

Gepubliceerd op 16-11-2016

  423