Wie Energieagentschap niet informeert verliest recht op groenestroomcertificaten

Het Vlaams Energieagentschap krijgt in het jongste besluit tot wijziging van het Energiebesluit vergaande bevoegdheden. Het agentschap kan het recht op groenestroom- of warmte-krachtcertificaten schorsen van groenestroom- of WKK-producenten die het agentschap niet volledig, of niet tijdig informeren op zijn verzoek. Een woordje uitleg.

Bestaande installaties

Het energieagentschap kan vanaf nu gegevens opvragen die het nodig heeft voor het berekenen van de onrendabele top bij alle producenten van projecten die al een startdatum kregen. Om het even of het gaat om een project uit een representatieve projectcategorie, waarvoor er generieke bandingfactoren bestaan, of om een project uit een niet-representatieve projectcategorie, waarvoor het agentschap een projectspecifieke bandingfactor moet voorstellen aan de minister van Energie.

De eigenaar of exploitant van de groenestroom- of WKK-installatie moet de gevraagde informatie aan het energieagentschap bezorgen binnen een termijn die het agentschap volledig vrij oplegt.

Zo niet, kan het agentschap aan de Vlaamse Regulator voor de Elektriciteit en het Gas (Vreg) vragen om de toekenning van de groenestroom- of WKK-certificaten te schorsen tot het agentschap de gevraagde informatie heeft gekregen.

Tot de gegevens die het agentschap kan opvragen, behoren onder meer:

  • de contracten die de eigenaar of exploitant heeft afgesloten voor de bouw of uitbating van het project;
  • facturen voor de bouw of exploitatie;
  • betalingsbewijzen van onkosten die gemaakt werden voor de bouw of exploitatie;
  • technische gegevens;
  • productiegegevens; en
  • externe én interne studies en analyses die te maken hebben met de bouw of exploitatie van het groenestroom- of groenewarmteproject.

Marktprijzen

Het Vlaams Energieagentschap kan ook eisen dat de persoon die een projectspecifieke bandingfactor aanvraagt, bewijst dat de parameters die hij doorgaf, marktconform zijn. Zodat het agentschap met kennis van zaken de projectspecifieke onrendabele top kan berekenen en een daaraan aangepaste bandingfactor kan voorstellen aan de Vlaamse minister van Energie.

Onrendabele top en banding

De Vlaamse regering heeft in december 2012 de hernieuwbare-energie-installaties ingedeeld in zogenaamde ‘projectcategorieën’ of groepen van verwante installaties waaraan een bandingfactor kan worden toegekend. De bandingfactor bepaalt op hoeveel groenestroom- of warmte-krachtcertificaten – met gegarandeerde minimumsteun – de installatie recht heeft. Het energieagentschap stelt de bandingfactoren voor aan de minister van Energie op basis van studies over de zogenaamde ‘onrendabele top’. Het is immers de bedoeling dat de overheid alleen financieel tussenkomt in die onrendabele top om groene energie niet te ‘oversubsidiëren’.Groenestroom- en WKK-producenten kunnen altijd een aanvraag indienen om nog andere projectspecifieke categorieën te laten erkennen, met een eigen projectspecifieke bandingfactor.

Per 1.000 kWh die een groenestroom- of WKK-producent opwekt in zijn installatie heeft hij recht op 1 certificaat met gegarandeerde minimumsteun, vermenigvuldigd met de bandingfactor voor zijn type installatie. De bandingfactor varieert tussen ‘0’ – dat is: geen recht op certificaten –, en ‘1’ – dat betekent dat de producent recht heeft op exact 1 certificaat per 1.000 kWh energie. Op voorstel van het energieagentschap publiceert de Vlaamse minister van Energie 1 à 2 keer per jaar nieuwe bandingfactoren voor nieuwe installaties en geactualiseerde bandingfactoren voor bestaande installaties op basis van de VEA-studies over de onrendabele top.

3 juni

De mogelijkheid tot schorsing van de groenestroom- en warmte-krachtcertificaten wegens niet-nakoming van de informatieplicht geldt vanaf de dag van publicatie van het besluit in het Belgisch Staatsblad. Dat is vanaf 3 juni 2014.

Bron:Besluit van de Vlaamse Regering van 9 mei 2014 tot wijziging van het Energiebesluit van 19 november 2010, wat betreft de instanties bevoegd voor de behandeling van de dossiers inzake de toekenning van groenestroomcertificaten, warmte-krachtcertificaten en garanties van oorsprong, BS 3 juni 2014 (art. 37 van het BVR van 9 mei 2014).
Zie ook: Decreet van 8 mei 2009 houdende algemene bepalingen betreffende het energiebeleid, BS 7 juli 2009 (art. 7.1.4/1 van het energiedecreet).

Carine Govaert

Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het Energiebesluit van 19 november 2010, wat betreft de instanties bevoegd voor de behandeling van de dossiers inzake de toekenning van groenestroomcertificaten, warmte-krachtcertificaten en garanties van oorsprong

Afkondigingsdatum : 09/05/2014
Publicatiedatum : 03/06/2014

Gepubliceerd op 11-06-2014

  122