Wetgever pakt fraude in schoonmaaksector aan (art. 30 PW 2017)

De programmawet van 25 december 2016 breidt het toepassingsgebied van de RSZ-wet uit om de fraude in de schoonmaaksector te bestrijden. Bedoeling is om schijnzelfstandigheid te bestrijden via een weerlegbaar vermoeden van ondergeschikt verband.

Nieuw artikel

Daartoe wordt een nieuw artikel 2/2 ingevoegd:

  • ‘De toepassing van de wet wordt uitgebreid naar de personen die activiteiten uitoefenen die ressorteren onder het toepassingsgebied van het paritair comité voor de schoonmaak,
  • behalve indien die personen kunnen aantonen dat ze niet gewoonlijk en hoofdzakelijk werken voor één enkele cocontractant en hun activiteiten uitoefenen met eigen materiaal en factureren voor eigen rekening.’

Op die manier kan er een weerlegbaar vermoeden van ondergeschikt verband worden ingevoerd. Want de sector wil het fenomeen van de schijnzelfstandigheid bestrijden. De sociale partners in de sector hebben immers vastgesteld dat het opstellen van bijzondere criteria voor die specifieke sector zeer moeilijk is.

Arbeidsrelatiewet

Het bestaan van een band van ondergeschiktheid, en dus van een arbeidsovereenkomst, staat centraal in het arbeidsrecht. De Arbeidsrelatiewet heeft hier gezorgd voor meer rechtszekerheid.

De basisregels werden aangepast door een wet van 25 augustus 2012 om, onder andere, via een sectorale aanpak een weerlegbaar vermoeden van het bestaan van werknemerschap of zelfstandigheid in te voeren wanneer aan een aantal criteria is voldaan of niet is voldaan. Een KB kan specifieke criteria omschrijven die eigen zijn aan één of meerdere sectoren, één of meerdere beroepen of één meerdere categorieën van beroepen, of één of meerdere beroepsactiviteiten. Die specifieke criteria vervangen dan de criteria in de Arbeidsrelatiewet, of ze vullen die criteria aan. De criteria bevatten elementen die verband houden met een socio-economische afhankelijkheid of juridische ondergeschiktheid. Dat is bijvoorbeeld gebeurd voor het paritair subcomité voor het wegvervoer en de logistiek voor rekening van derden.

Momenteel is er dus al een weerlegbaar vermoeden voor de schoonmaaksector opgenomen in de Arbeidsrelatiewet. Maar er werden nog geen specifieke sectorale criteria vastgelegd, waardoor de wet moeilijk toepasbaar is. Uit de toelichting bij de nieuwe programmawet blijkt dat de sociale partners en administraties dit weerlegbaar vermoeden wilden opnemen in de Arbeidsovereenkomstenwet op arbeidsrechtelijk vlak, en in de RSZ-wet (en in het uitvoerings-KB van 28 november 1969) voor wat betreft de socialezekerheidsbijdragen. Omwille van de rechtszekerheid is dan ook geopteerd om een weerlegbaar vermoeden van ondergeschikt verband in te voeren dat, mits voldaan is aan een aantal criteria, weerlegd kan worden.

Daarom gebeurt dit enkel voor deze specifieke sector. Aangezien dit probleem van de specifieke criteria zich nog niet in andere sectoren heeft voorgedaan, wordt het vermoeden (nog) niet uitgebreid naar andere sectoren. Bovendien bestaan voor eventuele andere sectoren geen criteria waarmee het vermoeden weerlegd kan worden.

Uitzonderingsvoorwaarden

De wetgever maakt geen uitzondering voor een specifieke sector an sich maar koppelt er ‘uitzonderingsvoorwaarden’ aan die in het nieuwe artikel worden opgenomen:

  • niet gewoonlijk en hoofdzakelijk werken voor één enkele cocontractant; en
  • activiteiten uitoefenen met eigen materiaal; en
  • factureren voor eigen rekening.

Men benadrukt dat het dus zeker niet de bedoeling is om alle ‘zelfstandigen’ in de sector als werknemers te beschouwen. ‘De invoeging van een dergelijk weerlegbaar vermoeden niet mogelijk maken zou leiden tot een discriminatie van deze sector ten opzichte van andere sectoren die criteria wensten op te stellen om de problematiek van de schijnzelfstandigen te bestrijden’, zo blijkt uit de toelichting bij de programmawet.

In werking

Dit onderdeel van de nieuwe programmawet treedt in werking op 8 januari 2017. Dat is 10 dagen na publicatie in het Belgisch Staatsblad.

Bron:Programmawet van 25 december 2016, BS 29 december 2016 (art. 30 PW 2017)

Steven Bellemans

Programmawet

Afkondigingsdatum : 25/12/2016
Publicatiedatum : 29/12/2016

Gepubliceerd op 03-01-2017

  252