Vlaanderen pakt energiefraude harder aan

Het Vlaams gewest wil de fraude met niet-aangemelde zonnepanelen aanpakken. Maar niet alleen dat. Ook allerlei andere ‘manipulaties’ met aansluitingen of meters worden harder aangepakt. De netbeheerders mogen vanaf nu alle terreinen en installaties inspecteren en ze mogen zelfs de energietoevoer afsluiten tot de fraude hersteld is. Het Vlaams Energieagentschap mag boetes opleggen.Naast de netbeheerders krijgen ook de installateurs van hernieuwbare energiesystemen bijkomende verplichtingen in de strijd tegen fraude.

Wat is fraude?

Het Vlaamse energiedecreet bevatte al een definitie van fraude. Dat was: elke onrechtmatige manipulatie van een aansluiting of meetinstallatie door een afnemer. Maar dat begrip wordt opgeheven en vervangen door het veel ruimere begrip energiefraude. Energiefraude omvat immers elke onrechtmatige actie, van eenieder, zowel actief als passief, die gepaard gaat met het verkrijgen van een onrechtmatig voordeel.

Het woordje ‘passief’ werd toegevoegd omdat er niet altijd sprake is van kwade wil bij de energieverbruiker. Dat bevestigde ook Energieminister Bart Tommelein in het Vlaams Parlement: “Tot 2014 was, wie zonnepanelen installeerde, gemotiveerd om die aan te geven, om groenestroomcertificaten te ontvangen. Sindsdien zijn particulieren niet altijd op de hoogte dat ze de panelen [nog altijd] moeten melden”.

De decreetgever somt ook enkele voorbeelden van energiefraude op. Zoals: handelingen uitvoeren op het distributienet of op het plaatselijke vervoersnet van elektriciteit, zonder daartoe gemachtigd te zijn; de aansluiting of de meetinstallatie manipuleren; de meldingsplichten niet respecteren; of informatie bezorgen die niet consistent is, of die niet overeenstemt met de werkelijkheid.

Actieve opsporingsplicht

De netbeheerders van elektriciteit en aardgas moeten vanaf nu elke vorm van energiefraude die verband houdt met hun activiteiten, actief gaan detecteren en vaststellen. De netbeheerders moeten ook maatregelen nemen om energiefraude te vermijden.

Zij krijgen daartoe een aantal ‘tools’. Zo krijgen de netbeheerders toegang tot de Kruispuntbank van Ondernemingen, tot het Rijksregister en tot het vreemdelingenregister om de fraudeurs te kunnen identificeren.Zij mogen bepaalde gegevens bijhouden en bewerken, met respect voor de privacy. Het decreet heeft het over ‘datamining en profilering’. Zij mogen de uitbetaling van groenestroomcertificaten, warmte-krachtcertificaten, vergoedingen en premies opschorten, stopzetten of terugvorderen als die financiële voordelen toegekend werden op grond van foute informatie vanwege de aanvrager. Zij mogen de toevoer van elektriciteit of aardgas afsluiten tot de gebruiker de situatie van het net, de aansluiting of de meetinstallatie heeft geregulariseerd. En zij krijgen toegang tot alle terreinen, gebouwen en productie-installaties. Voor de toegang tot de bewoonde gebouwen is de toestemming van de bewoners nodig of een machtiging van de politierechter. Als een bewoner de toegang toch verhindert, kan de beheerder alle subsidies en vormen van steunverlening aan de betrokkene zonder meer stopzetten.

De netbeheerders mogen de kosten die zij moeten maken voor het actief detecteren van fraude verrekenen in hun tarieven.

‘Proces-verbaal’

De Vlaamse regering zal personeelsleden aanwijzen bij de netbeheerders of hun werkmaatschappijen die bevoegd zullen zijn voor het detecteren van energiefraude en het opstellen van een verslag van vaststelling, ‘door middel van zintuiglijke waarneming of door gebruik te maken van meetgegevens’.

De regering zal nog de vorm en inhoud van dat verslag van vaststelling bepalen, de manier waarop de vermoedelijke fraudeur op de hoogte zal worden gebracht van dat ‘pv’, en de wijze waarop hij bezwaar zal kunnen aantekenen tegen de feiten die hem worden aangewreven. Nu al staat vast dat het verslag van vaststelling bewijskracht tot-bewijs-van-het-tegendeel zal hebben.

De decreetgever hecht veel belang aan deze vaststellingsbevoegdheid, omdat de politiediensten volgens hem niet altijd over de nodige technische kennis en expertise beschikken om energiefraude te kunnen vaststellen. Als de werknemers van de netbeheerders een vorm van energiefraude op het spoor zijn gekomen en zij vervolgens eerst een beroep zouden moeten doen op de politiediensten of een gerechtsdeurwaarder om de fraude vast te stellen, dan kan het bewijsmateriaal al lang vernietigd zijn.

De Vlaamse regering kan de bevoegdheden van de aan te wijzen personeelsleden overigens nog verder afbakenen, en kan hen ook extra voorwaarden opleggen, zoals een bewijs van goed zedelijk gedrag, een basisvorming of permanente bijscholing.

Actie!

De netbeheerders en hun werkmaatschappijen krijgen bovendien de verplichting om elk jaar een gezamenlijk actieplan op te stellen over hoe zij in het eerstvolgende jaar fraude op een actieve manier zullen vermijden, en indien er toch fraude plaats vindt, hoe zij die fraude zullen opsporen en vaststellen.

Eerst werd er gedacht aan een afzonderlijke actieplan per netbeheerder, maar op aandringen van de Vlaamse Energieregulator VREG komt er een gemeenschappelijk actieplan met daarin een beschrijving van de controles die minimaal zullen worden uitgevoerd. Dat maakt dat alle controles, in alle netgebieden, volgens dezelfde principes zullen verlopen, en er in het ene netgebied niet beduidend meer gecontroleerd zal worden dan in het andere.

De netbeheerders moeten elk jaar rapporteren over de wijze waarop zij hun actieplan hebben uitgevoerd.

Ook voor de HE-installateur

Niet alleen de netbeheerders, maar ook de installateurs van hernieuwbare energiesystemen (HE-installateurs) krijgen een eigen taak in het kader van de strijd tegen energiefraude. De installateurs moeten de netbeheerders voortaan elke maand een overzicht bezorgen van alle hernieuwbare-energie-installaties voor de productie van elektriciteit die zij de voorbije maand geïnstalleerd hebben binnen elk netgebied.

De decreetgever wil zo vermijden dat kleine, decentrale PV-installaties op het net worden aangesloten zonder dat de netbeheerder daarvan op de hoogte is. Zo’n ‘niet-geweten’ aansluiting kan niet alleen consequenties hebben voor de stabiliteit en de capaciteit van het net, maar kan ook een gevaar betekenen voor de werknemers van de netbeheerder, die werken uitvoeren aan het net terwijl er stroom geïnjecteerd wordt.

Hoewel het huidige decreet tot wijziging van het Energiedecreet grotendeels in werking treedt op 1 april, gaat de meldingsplicht voor de HE-installateur maar in op 1 juni.

Boete tot 20.000 euro

Het Vlaams Energieagentschap (VEA) kan energiefraude en het niet-naleven van de meldingsplicht door de HE-installateur bestraffen met een administratieve boete van 150 tot 20.000 euro.

De betrokkene moet de boete binnen de 60 dagen betalen. Zo niet, kan de boete ingevorderd worden bij dwangbevel.

Ook de mogelijkheid om administratieve boetes op te leggen, gaat maar in op 1 juni 2017.

Naast de bepalingen over energiefraude, bevat het huidige decreet tot wijziging van het Energiedecreet nog enkele ‘diverse bepalingen’ inzake tarievenfraude en energieboekhouding.

Van toepassing:

  • Vlaams gewest.
  • 1 april 2017. Met uitzonderingen.
  • 1 juni 2017: meldingsplicht voor HE-installateur en opleggen van administratieve boetes.
  • Wordt verwacht: uitvoeringsbesluit.

Bron:Decreet van 24 februari 2017 tot wijziging van het Energiedecreet van 8 mei 2009, wat betreft het voorkomen, detecteren, vaststellen en bestraffen van energiefraude, BS 22 maart 2017.

Carine Govaert

Decreet tot wijziging van het Energiedecreet van 8 mei 2009, wat betreft het voorkomen, detecteren, vaststellen en bestraffen van energiefraude

Afkondigingsdatum : 24/02/2017
Publicatiedatum : 22/03/2017

Gepubliceerd op 23-03-2017

  156