Vlaamse procedure voor erkenning vroedvrouwen

Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de erkenning van de beroepstitel van vroedvrouw

Vlaanderen heeft eigen procedureregels voor de erkenning als vroedvrouw. Zij moeten enkel gevolgd worden voor wie geen automatische erkenning krijgt.

Vlaamse bevoegdheid

Vlaanderen is sinds de zesde staatshervorming bevoegd voor de erkenning van de gezondheidszorgberoepen. Ook voor de vroedvrouwen dus. De erkenningsvoorwaarden blijven wel federaal geregeld.

Vlaamse erkenningsprocedure

Strikt genomen is er geen erkenningsprocedure voor de vroedvrouwen nodig. Volgens de wet op de gezondheidszorgberoepen wordt de beroepstitel van vroedvrouwen immers van rechtswege toegekend aan wie het diploma van vroedvrouw heeft. 
Maar toch kiest Vlaanderen voor een specifieke erkenningsprocedure. Vlaanderen vindt een dergelijke procedure relevant om twee redenen: voor internationale erkenningsaanvragen en voor de controle op het behoud van de erkenning als vroedvrouw.

Erkenningscommissie

Bij het Vlaams agentschap Zorg en Gezondheid wordt een erkenningscommissie opgericht voor de erkenning van de beroepstitel van vroedvrouw. Zij adviseert het agentschap over
  • de erkenningsaanvragen als vroedvrouw;
  • de controle op de naleving van de bijscholingsvoorwaarden.
De erkenningscommissie bestaat uit twee groepen vroedvrouwen:
  • drie werken al minstens zeven jaar als vroedvrouw. Hun beroepsverenigingen dragen hen voor;
  • drie geven al minstens zeven jaar les aan een universiteit of hogeschool. Zij dragen hen voor. 
Het mandaat van de vroedvrouwen duurt zes jaar en is hernieuwbaar.
De erkenningscommissie kan alleen geldig beraadslagen als minstens de helft van haar leden aanwezig is. Wordt het vereiste aantal niet bereikt, dan komt er een nieuwe vergadering. Die vergadert geldig, ongeacht het aantal aanwezigen. Beslissingen worden genomen bij meerderheid van de aanwezige leden.

Erkenning

Alleen wie erkend wil worden als vroedvrouw, maar niet in aanmerking komt voor een erkenning van rechtswege op basis van het diploma, moet de erkenningsprocedure volgen.
Erkenningsaanvragen worden ingediend bij Zorg en Gezondheid. Op papier, maar het agentschap kan ook een digitaal platform ter beschikking stellen dat het aanvraagformulier aanvult of vervangt.
Zorg en Gezondheid beslist over de erkenning, na advies van de erkenningscommissie. Het advies moet gemotiveerd zijn en steekt bij de beslissing.

Bijscholing

Om de beroepstitel te behouden, moet de vroedvrouw zich permanent bijscholen. Zodat ze op de hoogte blijft van de ontwikkelingen binnen haar beroepsdomein. Wie dat niet doet, kan zijn erkenning verliezen. De minister kan Vlaamse controleregels vastleggen.

Heroverweging

Vlaanderen voorziet in twee gevallen in een heroverwegingsprocedure:
  • als het advies van de erkenningscommissie negatief is en Zorg en Gezondheid dat wil volgen;
  • als het advies van de erkenningscommissie positief is maar Zorg en Gezondheid het niet wil volgen. Bijvoorbeeld omdat het vindt dat de erkenningsnormen niet correct zijn beoordeeld.
In het eerste geval – negatief advies van de erkenningscommissie – bezorgt Zorg en Gezondheid zijn voornemen tot negatieve beslissing aan de aanvrager. Hij kan een bezwaarnota indienen bij Zorg en Gezondheid. De zaak gaat dan opnieuw naar de erkenningscommissie die een nieuw advies geeft. Het agentschap neemt daarop een definitieve beslissing.
In het tweede geval – bij een positief advies dat Zorg en Gezondheid niet wil volgen – wordt de erkenningscommissie ingelicht. Als zij bij haar oorspronkelijk positief advies blijft, krijgt de aanvrager van Zorg en Gezondheid het voornemen tot negatieve beslissing toegestuurd, samen met het positieve advies. Hij kan dan een bezwaarnota indienen bij Zorg en Gezondheid. De volledige zaak gaat dan naar de minister die de definitieve beslissing neemt.

Intrekking erkenning

Zorg en Gezondheid kan de erkenning intrekken als de vroedvrouw niet meer voldoet aan de erkenningscriteria of aan de criteria voor het behoud van de erkenning.
Als Zorg en Gezondheid de erkenning wil intrekken vraagt het hierover eerst advies aan de erkenningscommissie. Daarna bezorgt het de vroedvrouw zijn voornemen om de erkenning in te trekken. Die kan dan een bezwaarnota indienen. Het dossier gaat dan naar de erkenningscommissie die opnieuw advies geeft. Daarna volgt de definitieve beslissing van het agentschap.
Een vroedvrouw kan ook zelf vragen om haar erkenning in te trekken.
Vroedvrouwen die hun erkenning verliezen kunnen altijd een nieuwe erkenning krijgen. Mits aan de criteria voor het behoud van de erkenning is voldaan.

Inwerkingtreding

Het nieuw besluit van 5 mei 2017 is in werking getreden op 1 juni 2017. Dossiers die dan al in behandeling waren, worden afgewerkt volgens de nieuwe regels.
Bron: Besluit van de Vlaamse Regering van 5 mei 2017 betreffende de erkenning van de beroepstitel van vroedvrouw, BS 16 juni 2017
Zie ook:
Koninklijk besluit van 1 februari 1991 betreffende de uitoefening van het beroep van vroedvrouw
Wet betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen, gecoördineerd op 10 mei 2015 (art. 63 en 64)
Ilse Vogelaere
  409