Versterkte controle op schepen uit exotische vlaggenstaten

Met een wijzigings-KB van 21 juli 2014 versterkt de federale regering de havenstaatcontrole op schepen en hun bemanningen die varen onder de vlag van een land dat geen partij is bij de grote zeevaartverdragen.

Gedetailleerde inspecties

Een schip dat vaart onder de vlag van een niet-verdragsstaat, zal vanaf nu aan een “meer gedetailleerde inspectie” worden onderworpen.

Strijdig met MLC

Als uit de meer gedetailleerde inspectie blijkt dat de leef- en werkomstandigheden aan boord niet voldoen aan de vereisten van het internationale ‘verdrag betreffende maritieme arbeid (MLC-verdrag)’ zal de inspecteur die tekortkomingen onmiddellijk “onder de aandacht van de kapitein brengen”. De inspecteur zal ook een termijn opleggen waarbinnen de tekortkoming moet worden verholpen.

Aanzienlijke tekortkoming of tekortkoming na klacht

Als de inspecteur vaststelt dat de tekortkomingen aanzienlijk zijn, of als de tekortkomingen te maken hebben met een klacht over de leef- en werkomstandigheden die niet in overeenstemming zouden zijn met het MLC 2006, dan “brengt de inspecteur die tekortkomingen ook onder de aandacht van” de betrokken redersorganisaties en organisaties van zeevarenden van de lidstaat waar hij de inspectie uitvoert. Hij kan de tekortkomingen ook melden aan een vertegenwoordiger van de vlaggenstaat en aan de bevoegde instantie van de eerstvolgende aanloophaven.

De lidstaat waar de inspectie wordt uitgevoerd, kan beslissen om een kopie van het inspectieverslag, met de eventuele antwoorden van de bevoegde instanties van de vlaggenstaat, over te maken aan de directeur-generaal van het internationaal Arbeidsbureau, waar er een beroepsprocedure kan worden opgestart.

Zeevarenden moeten klacht kunnen indienen tegen de niet-toepassing van de arbeidsregels van het MLC-verdrag, bij de inspectiedienst van elke haven waar het schip binnenloopt. De inspecteur moet garanderen dat hij de klacht in alle vertrouwelijkheid zal behandelen. De inspecteur zal een eerste onderzoek instellen, ongeacht de datum van de laatste periodieke controle. De inspecteur kan ook beslissen om een meer gedetailleerde inspectie te verrichten. Bijvoorbeeld als redelijkerwijs kan worden aangenomen dat het schip van vlag heeft gewisseld om het MLC niet te moeten naleven.

De inspecteur zal altijd proberen om een oplossing aan boord te bevorderen.

Indien de klacht niet opgelost geraakt aan boord, zal de inspecteur de vlaggenstaat op de hoogte brengen. Hij legt een termijn op waarbinnen de vlaggenstaat een advies én een corrigerend actieplan moet formuleren.

Als de klacht ook zo niet opgelost geraakt, stuurt de bevoegde instantie van de inspecterende staat een kopie van het inspectieverslag, met de eventuele reacties van de vlaggenstaat, naar het internationaal Arbeidsbureau. De redersorganisaties uit de vlaggenstaat en de organisaties van zeevarenden uit die staat, krijgen eveneens een kopie.

Manifest gevaarlijk

Als de leef- en werkomstandigheden aan boord een manifest gevaar inhouden voor de veiligheid, gezondheid of bescherming van zeevarenden of als de inspecteur te maken krijgt met ernstige of herhaaldelijke tekortkomingen op de MLC-regels, wordt er een noodprocedure gevolgd. De bevoegde instantie van de inspecterende lidstaat zal er dan moeten op toezien dat het schip wordt aangehouden, of dat de handelingen waarop de tekortkomingen betrekking hebben, worden stopgezet.

De aanhouding van het schip of de stopzetting van de operatie zullen maar opgeheven worden als de tekortkomingen verholpen werden of als de bevoegde instantie een actieplan om de tekortkomingen te verhelpen heeft aanvaard en ze er zeker van is dat het actieplan spoedig wordt uitgevoerd.

Meer documenten controleren

Tijdens hun inspecties moeten de inspecteurs een 50–tal documenten controleren. Vanaf nu ook:

  • het maritiem arbeidscertificaat;
  • de conformiteitsverklaring voor maritieme arbeid;
  • het internationaal certificaat betreffende aangroeiwerende verfsystemen; én
  • het certificaat van verzekering of een bewijs van financiële zekerheidsstelling ter dekking van de burgerlijke aansprakelijkheid voor schade door bunkerolie.

Tot de grote zeevaartverdragen die bepalen of er al dan niet moet worden overgegaan tot een meer gedetailleerde inspectie, behoren nu immers ook:

  • het Verdrag betreffende maritieme arbeid (MLC-verdrag),
  • het Internationaal verdrag betreffende de controle op schadelijke aangroeiwerende systemen op schepen (AFS-verdrag), en
  • het Internationaal verdrag inzake de burgerlijke aansprakelijkheid voor schade door verontreiniging door bunkerolie (Bunkerolieverdrag).

De andere grote zeevaartverdragen zijn:

  • LL66 over de uitwatering van schepen,
  • Solas over de veiligheid op zee,
  • Marpol over de verontreiniging door schepen,
  • STCW over de opleiding van zeevarenden,
  • Colreg over de voorkoming van aanvaringen op zee,
  • ITC over de meting van schepen, en
  • CLC over de wettelijke aansprakelijkheid voor schade door olie. Het MLC komt in de plaats van het vroegere ILO-verdrag nr. 147 over de minimumnormen voor de koopvaardij.

Havenstaatcontrole?

Het koninklijk besluit op de havenstaatcontrole is van toepassing op elk schip dat een Belgische haven of ankerplaats aandoet om daar een schip-haven-raakvlakinteractie uit te voeren, én op de bemanning van dat schip. Schip-haven-raakvlakinteracties zijn interacties die plaatsvinden wanneer een schip, rechtstreeks en onmiddellijk, betrokken is bij acties die te maken hebben met:

  • het verplaatsen van goederen of van personen; of
  • het verlenen van havendiensten aan of vanuit het schip.

De inspecteurs voeren hun inspecties uit volgens de regels en frequenties die op Europees en internationaal vlak worden voorgeschreven.

Vanaf 20 augustus

Het strengere toezicht op de schepen die geen partij zijn bij de grote zeevaartverdragen gaat in op 20 augustus 2014. Immers, op die datum wordt het MLC-verdrag van kracht in ons land.

Bron:Koninklijk besluit van 21 juli 2014 tot wijziging van het koninklijk besluit van 22 december 2010 betreffende de havenstaatcontrole, BS 12 augustus 2014.
Zie ook:
  • Wet van 13 juni 2014 tot uitvoering en controle van de toepassing van het Verdrag betreffende maritieme arbeid 2006, BS 11 juli 2014.
  • Richtlijn 2013/38/EU van het Europees Parlement en de raad van 12 augustus 2013 tot wijziging van Richtlijn 2009/16/EG betreffende havenstaatcontrole, Pb.L. 14 augustus 2013, afl. 218.

Carine Govaert

Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 22 december 2010 betreffende havenstaatcontrole

Afkondigingsdatum : 21/07/2014
Publicatiedatum : 12/08/2014

Gepubliceerd op 18-08-2014

  94