Vereenvoudigd fiscaal derdenbeslag: tegenaanzegging inzake directe belastingen nu ook elektronisch

Een KB van 22 mei 2017 zorgt ervoor dat de bevoegde ontvanger de tegenaanzegging bij het vereenvoudigd fiscaal derdenbeslag inzake directe belastingen nu ook elektronisch kan betekenen.

Momenteel wordt de tegenaanzegging inzake directe belastingen (art. 164 en art. 165, KB/WIB 1992) exclusief geregeld door het Gerechtelijk Wetboek, zelfs als het derdenbeslag en de verklaring van derde-beslagene elektronisch zouden gelegd zijn. Daarentegen kan de tegenaanzegging inzake btw (art. 85bis, Btw-Wetboek) op een vereenvoudigde manier gerealiseerd worden: in plaats van de kopie van de aanzegging (tegenaanzegging) bij aangetekende brief te versturen, kan de ontvanger de datum van afgifte van de aanzegging bij bpost gewoon elektronisch meedelen aan de werknemer. Dit vervangt de tegenaanzegging: de werkgever moet vanaf dat ogenblik de eerste betalingen van het voor beslag vatbare gedeelte aan de ontvanger storten.

Deze elektronische procedure is ook geschikt om uit te breiden naar andere partners van de FOD Financiën, zoals de banken, die vaak een kopie van de aanzegging eisen overeenkomstig het Gerechtelijk Wetboek om het beslagene af te staan. Daarom stemt het KB van 22 mei 2017 de tegenaanzegging voor de directe belastingen af op deze voor de btw; het KB vereenvoudigt de tegenaanzegging en staat ook een elektronische tegenaanzegging inzak directe belastingen toe.

Bovendien wil de FOD Financiën komen tot een enig vereenvoudigd fiscaal derdenbeslag voor de invordering van de inkomstenbelastingen, de voorheffingen, de ermee gelijkgestelde belastingen en de btw.

Hierna volgt de aangepaste regeling voor het vereenvoudigd fiscaal derdenbeslag inzake inkomstenbelastingen (wijziging art. 164 en art. 165, KB/WIB 1992; art. 1 en art. 2, KB van 22 mei 2017.

Vereenvoudigd beslag onder derden

Omdat de fiscale administratie de belastingen die een belastingschuldige verschuldigd is vlugger zou kunnen innen, bevat artikel 164 van het KB/WIB 1992 een systeem van vereenvoudigd beslag onder derden.

De bevoegde ontvanger kan, bij een aangetekende brief, uitvoerend beslag onder derden leggen op de aan een belastingschuldige verschuldigde of toebehorende sommen en zaken. Dit tot beloop van het bedrag, geheel of gedeeltelijk, dat door deze laatste verschuldigd is uit hoofde van belastingen, voorheffingen, belastingverhogingen, nalatigheidsinteresten, boeten en kosten van vervolging of tenuitvoerlegging.

Dit beslag heeft uitwerking vanaf de overhandiging van het stuk aan de geadresseerde.

Elektronisch derdenbeslag

Naast het systeem van ‘vereenvoudigd fiscaal derdenbeslag’ bij een aangetekende brief, bestaat er ook een systeem van elektronische verzending van het vereenvoudigd beslag onder derden bij de instellingen die daarmee uitdrukkelijk hebben ingestemd.

Daartoe sluiten elke derde-beslagene en de bevoegde diensten van de FOD Financiën een voorafgaand akkoord af met daarin de voorwaarden en modaliteiten van dit nieuwe systeem. Vanaf de datum van inwerkingtreding van dat akkoord kan de ontvanger het vereenvoudigd beslag onder derden elektronisch versturen. Het beslag onder derden heeft uitwerking vanaf de datum van ontvangstmelding van het beslag door de derde-beslagene.

Het akkoord blijft van toepassing zolang de derde-beslagene het niet uitdrukkelijk met een aangetekende brief heeft opgezegd. De opzegging gaat in vanaf de 1ste dag van de 3de maand die volgt op de ontvangst van de kennisgeving ervan door de bevoegde dienst van de FOD Financiën.

Wanneer eenzelfde beslag onder derden achtereenvolgens elektronisch wordt verzonden en daarna met een aangetekende brief, dan zal het beslag dat verstuurd is met een aangetekende brief slechts primeren als de overhandiging van het stuk aan de geadresseerde valt vóór de datum van ontvangstmelding van het beslag dat elektronisch verzonden is.

De oorsprong en de integriteit van de inhoud van de kennisgeving van het beslag, en de geldigheid van het beslag, worden verzekerd via aangepaste beveiligingstechnieken.

Opdat de kennisgeving van het beslag op geldige wijze als beslag onder derden zou gelden, moet een digitaal certificaat worden gebruikt. Ongeacht de toegepaste techniek, wordt er gegarandeerd dat enkel de gerechtigde personen toegang hebben tot de middelen waarmee het digitaal certificaat wordt gecreëerd. De gevolgde procedures moeten bovendien toelaten dat de natuurlijke persoon die verantwoordelijk is voor de verzending correct kan worden geïdentificeerd en dat het tijdstip van de verzending correct kan worden vastgesteld.

De beslagen belastingschuldige wordt geïdentificeerd ofwel door het identificatienummer van het Rijksregister of, bij gebrek daaraan, het identificatienummer van de Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid, als het om een natuurlijke persoon gaat, ofwel door het identificatienummer van de Kruispuntbank van Ondernemingen als het om een rechtspersoon gaat.

Aanzegging derdenbeslag

De ontvanger is verplicht om het beslag bij aangetekende brief aan de belastingschuldige aan te zeggen. Zo wordt de belastingschuldige ingelicht over het beslag en krijgt hij ook de mogelijkheid om er zich tegen te verzetten. Als de belastingplichtige geen gekende woonplaats meer heeft, gebeurt de aanzegging van het beslag bij aangetekende brief aan de procureur des Konings te Brussel.

Wanneer het beslag slaat op inkomsten bedoeld in de artikelen 1409, §§ 1 en 1bis, en 1410 van het Gerechtelijk Wetboek, bevat de aanzegging, op straffe van nietigheid, het aangifteformulier voor kind ten laste waarvan het model bepaald is de minister van Justitie.

Verzet tegen derdenbeslag

De belastingschuldige kan tegen het beslag onder derden bij aangetekende brief verzet aantekenen bij de bevoegde ontvanger binnen de 15 dagen te rekenen vanaf de afgifte van de aanzegging van het beslag bij de aanbieder van de universele postdienst (bpost). De belastingschuldige moet binnen dezelfde termijn bij aangetekende brief de derde-beslagene inlichten.

Verklaring van derde-beslagene

De bevoegde ontvanger moet een bericht van beslag opmaken en verzenden naar het ‘bestand van berichten’ (art. 1390, Ger.W.).

Onder voorbehoud van het bepaalde in § 1, 1/1 en 1/2 van artikel 164, KB/WIB 1992 zijn op dit beslag de bepalingen van toepassing van de artikelen 1539, 1540, 1542, eerste en tweede lid en 1543 van het Gerechtelijk Wetboek, met dien verstande dat:

  • de derde-beslagene zijn verklaring van de sommen of zaken die het voorwerp zijn van het beslag eveneens door middel van een procedure waarbij informaticatechnieken gebruikt worden aan de betrokken ontvanger kan doen indien het beslag onder derden volgens de procedure bepaald in § 1/1, eerste lid van artikel 164, KB/WIB 1992 werd gelegd; in dit geval is de datum van de verklaring van de sommen of zaken die het voorwerp zijn van het beslag de datum van ontvangstmelding die door de bevoegde dienst van de FOD Financiën wordt verzonden;
  • de derde-beslagene er (overeenkomstig art. 1543, Ger.W.) toe gehouden is op overlegging van een afschrift van de aanzegging van het beslag, afgifte te doen van het bedrag van het in § 1/2, eerste lid van artikel 164, KB/WIB 1992 bedoeld beslag. Wanneer het beslag onder derden wordt gelegd volgens de in § 1/1, eerste lid, van artikel 164, KB/WIB 1992 voorziene procedure, wordt de overlegging van een afschrift van de aanzegging van het beslag geacht te zijn vervuld door de mededeling aan de derde-beslagene van de datum van de afgifte van de aanzegging van het beslag bij de aanbieder van de universele postdienst. In dat geval gebeurt de mededeling eveneens door middel van een procedure waarbij informaticatechnieken gebruikt worden;
  • de afgifte van het bedrag van het beslag geschiedt in handen van de bevoegde ontvanger.

De beslagen beschuldigde wordt geïdentificeerd:

  • als het om een natuurlijke persoon gaat: ofwel door het identificatienummer van het Rijksregister, of bij gebrek daaraan, het identificatienummer van de Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid (KSZ);
  • als het om een rechtspersoon gaat: door het identificatienummer van de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO).

De kosten voor de aangetekende brieven zijn ten laste van de belastingschuldige.

De belastingplichtige wordt op de hoogte gebracht van de bestemming van de betalingen en van het saldo na de betalingen.

Derdenbeslag bij deurwaardersexploot

Het uitvoerend beslag onder derden moet gebeuren bij deurwaardersexploot (art. 1539 tot 1544, Ger.W.) als blijkt dat:

  • de belastingschuldige zich verzet tegen het in artikel 164, § 1 en § 1/1, KB/WIB 1992 bedoelde beslag;
  • de derde-beslagene zijn schuld tegenover de belastingschuldige betwist;
  • de sommen en zaken het voorwerp zijn van een verzet of beslag onder derden vóór het in artikel 164, § 1 en § 1/1, KB/WIB 1992 bedoelde beslag gedaan door andere schuldeisers;
  • de zaken te gelde moeten worden gemaakt.

In deze gevallen blijft het door de ontvanger gelegd beslag zijn bewarend effect behouden wanneer een uitvoerend beslag onder derden bij deurwaardersexploot wordt gelegd (art. 1539, Ger.W.), binnen een maand na:

In werking

Het KB van 22 mei 2017 treedt in werking op 11 juni 2017, tien dagen na zijn publicatie in het Belgisch Staatsblad.

Bron:Koninklijk besluit van 22 mei 2017 tot wijziging van de artikelen 164 en 165 van het koninklijk besluit tot uitvoering van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 inzake het vereenvoudigd elektronisch beslag onder derden, BS 1 juni 2017.
Zie ook:– Koninklijk besluit van 27 augustus 1993 tot uitvoering van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, BS 13 september 1993 (KB/WIB 1992) (art. 164 en art. 165) – Koninklijk besluit van 7 november 2013 tot wijziging van de artikelen 164 en 165 van het koninklijk besluit tot uitvoering van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, BS 14 november 2013. – Gerechtelijk Wetboek (Ger.W.) (art. 1390, art. 1409, §§ 1 en 1bis, art. 1410, art. 1452, art. 1539, art. 1540, art. 1542, eerste en tweede lid, art. 1543 en art. 1544) – Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde van 3 juli 1969, BS 17 juli 1969 (Btw-Wetboek) (art. 85bis) – Programmawet van 1 juli 2016, BS 4 juli 2016 (art. 66)

Christine Van Geel

Koninklijk besluit tot wijziging van de artikelen 164 en 165 van het koninklijk besluit tot uitvoering van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 inzake het vereenvoudigd elektronisch beslag onder derden

Afkondigingsdatum : 22/05/2017
Publicatiedatum : 01/06/2017

Gepubliceerd op 08-06-2017

  3849