Uitvoeringsbepalingen afgestemd op verhoging pensioenleeftijd

Een wet van 10 augustus 2015 heeft de wettelijke pensioenleeftijd verhoogd en de hervorming van het vervroegd pensioen en het overlevingspensioen voortgezet.

Samengevat:

  • De wettelijke pensioenleeftijd wordt verhoogd van 65 naar 66 jaar in 2025, en van 66 naar 67 jaar in 2030.
  • De leeftijd waarop de langstlevende echtgenoot aanspraak kan maken op een overlevingspensioen wordt verder verhoogd van 50 jaar in 2025 tot 55 jaar in 2030. De rechthebbenden die deze minimumleeftijd niet bereiken op het ogenblik van het overlijden van hun rechtgever, vallen onder het stelsel van de overgangsuitkering.
  • De minimumleeftijd voor het vervroegd pensioen wordt verhoogd tot 62,5 jaar in 2017, en tot 63 jaar vanaf 2018. En de loopbaanvoorwaarde wordt opgetrokken van 40 jaar in 2016 tot 41 jaar in 2017, en tot 42 jaar in 2019.

Het algemeen reglement op het werknemerspensioen wordt nu afgestemd op die nieuwe wetgeving.

Dat betekent dat een wijzigings-KB van 6 oktober 2015 doorheen de basistekst de vermelding van de leeftijd van 65 jaar vervangt door een verwijzing naar ‘de leeftijd bedoeld in artikel 2, § 1 van het koninklijk besluit van 23 december 1996’ — het KB op het werknemerspensioen. De wet op de verhoging van de pensioenleeftijd heeft die bepaling aangepast met ingang van 31 augustus 2015.

Ze stelt dat het rustpensioen ingaat:

  • op de eerste dag van de maand volgend op deze tijdens welke de belanghebbende het aanvraagt, en
  • ten vroegste op de eerste dag van de maand die volgt op deze waarin hij de pensioenleeftijd bereikt.

Met een vermelding van de stapsgewijs verhoogde pensioenleeftijd:

  • 65 jaar voor de pensioenen die daadwerkelijk en voor de eerste maal ingaan op uiterlijk 1 januari 2025;
  • 66 jaar voor de pensioenen die daadwerkelijk en voor de eerste maal ingaan ten vroegste op 1 februari 2025 en uiterlijk op 1 januari 2030;
  • 67 jaar voor de pensioenen die daadwerkelijk en voor de eerste maal ingaan ter vroegste op 1 februari 2030.

Het wijzigings-KB van 6 oktober 2015 treedt in werking op 25 oktober 2015. Dat is 10 dagen na publicatie in het Belgisch Staatsblad.

Bron:Koninklijk besluit van 6 oktober 2015 tot wijziging van het koninklijk besluit van 21 december 1967 tot vaststelling van het algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers, wat de wettelijke pensioenleeftijd betreft, BS 15 oktober 2015
Zie ook: — Koninklijk besluit van 21 december 1967 tot vaststelling van het algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers, BS 16 januari 1968 (algemeen reglement op het werknemerspensioen)— Koninklijk besluit van 23 december 1996 tot uitvoering van de artikelen 15, 16 en 17 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels, BS 17 januari 1997 (art. 2 van het KB op het werknemerspensioen)— Wet van 10 augustus 2015 tot verhoging van de wettelijke leeftijd voor het rustpensioen en tot wijziging van de voorwaarden voor de toegang tot het vervroegd pensioen en de minimumleeftijd van het overlevingspensioen , BS 21 augustus 2015 (titel aangepast door erratum) (wet op de verhoging van de pensioenleeftijd)

Steven Bellemans

Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 21 december 1967 tot vaststelling van het algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers, wat de wettelijke pensioenleeftijd betreft

Afkondigingsdatum : 06/10/2015
Publicatiedatum : 15/10/2015

Gepubliceerd op 15-10-2015

  176