Technische aanpassingen aan Btw-wetboek als gevolg van Europese en nationale wetswijzigingen

De wet van 27 juni 2016 brengt technische wijzigingen aan in het Btw-Wetboek die aansluiten op wijzigingen van de nationale en Europese wetgeving. Ze past het Btw-Wetboek ook aan als gevolg van de gewijzigde regelgevende bevoegdheid van de Kamer van volksvertegenwoordigers.

Technische aanpassingen als gevolg van de Europese wetgeving

Het Verdrag van Lissabon, dat in werking trad op 1 december 2009, heeft de werking van de uitgebreide Europese Unie gemoderniseerd. Het wijzigde het ‘EU-werkingsverdrag’ op heel wat punten. Deze herschikking maakt volgende technische wijzigingen noodzakelijk in het Btw-Wetboek:

  • voor de toepassing van het Btw-wetboek komt het “binnenland” van de lid-staten voortaan overeen met het grondgebied van iedere lidstaat van de Europese Unie waarop de verdragen betreffende de Europese Unie en betreffende de werking van de Europese Unie van toepassing zijn overeenkomstig de artikelen 52 van het Verdrag betreffende de Europese Unie en 349 en 355 van het Verdrag betreffende de werking van de van de Europese Unie (wijziging art. 1, § 3, Btw-Wetboek);
  • het “binnenland” omvat voor de Franse Republiek niet de gebieden bedoeld in artikel 349 en artikel 355, lid 1, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (wijziging art. 1, § 4, tweede lid, 2°, Btw-Wetboek);
  • onder ‘invoer van een goed’ moet voortaan worden verstaan: het binnenkomen in de Gemeenschap van een goed dat niet voldoet aan de voorwaarden van artikel 29 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie of dat, als het onder het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap voor Kolen en Staal valt, zich niet in het vrije verkeer bevindt (wijziging art. 23, § 1, 1°, Btw-Wetboek);
  • wanneer door een niet-belastingplichtige rechtspersoon verworven goederen uit een derdelandsgebied of een derde land worden verzonden of vervoerd en door deze niet-belastingplichtige rechtspersoon worden ingevoerd in een andere lidstaat dan die van aankomst van de verzending of het vervoer, worden de goederen geacht te zijn verzonden of vervoerd vanuit de lidstaat van invoer van de goederen en wordt de plaats van deze intracommunautaire verwerving bepaald overeenkomstig de paragrafen 2 en 3 van artikel 25quinquies, Btw-wetboek (wijziging § 4, in art. 25quinquies, Btw-Wetboek);
  • onverminderd de toepassing van artikel 334 van de programmawet van 27 december 2004, wordt wanneer, in het artikel 25quinquies, § 4, bepaalde geval de door een niet-belastingplichtige rechtspersoon verworven goederen uit een derdelandsgebied of een derde land worden verzonden of vervoerd naar een andere lid-staat dan België de btw betaald in geval van invoer van de goederen in België, teruggegeven aan de invoerder, in de mate dat laatstgenoemde aantoont dat de intracommunautaire verwerving die hij verricht aan de belasting werd onderworpen in de lid-staat van aankomst van de verzending of het vervoer van de goederen (wijziging art. 77bis, Btw-Wetboek).

Monocamerale procedure

Sinds 25 mei 2014 staat in de Grondwet dat “… de federale wetgevende macht gezamenlijk wordt uitgeoefend door de Koning en de Kamer van volksvertegenwoordigers voor de andere aangelegenheden dan die bedoeld in de artikelen 77 en 78.” (art. 74, eerste lid).Deze procedure geldt dus in alle gevallen die niet verplicht bicameraal of optioneel bicameraal zijn (art. 77 en 78, Grondwet).

De wetsontwerpen tot bekrachtiging van de KB’s over de btw-tarieven en de (wijziging) van indeling van de goederen en diensten bij die tarieven, vallen echter onder de exclusieve bevoegdheid van de Kamer van volksvertegenwoordigers. De wet van 27 juni 2016 zegt nu dat de Koning bij de Kamer van volksvertegenwoordigers, onmiddellijk indien ze in zitting is, zoniet bij de opening van de eerstvolgende zitting, een ontwerp van wet zal indienen tot bekrachtiging van bovenstaande besluiten (wijziging § 2 in art. 37, Btw-Wetboek).

Technische aanpassingen als gevolg van nationale wetgeving

De wet 27 juni 2016 brengt ook nog een kleine correctie aan in artikel 74bis van het Btw-Wetboek die vergeten was na de reorganisatie van de fiscale administraties van de FOD Financiën in 2014.

En ook de ‘oude’ benaming van het ‘bestuur der Postcheques’ en het ‘Nationaal Instituut voor de Statistiek’ wordt vervangen door respectievelijk de ‘Bank van De Post’ en de ‘Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie’ (wijziging vierde lid, § 4 in art. 93quaterdecies, Btw-Wetboek).

Bekrachtiging KB van 23 augustus 2015

De wet van 27 juni 2016 bekrachtigt het KB van 23 augustus 2015. Dat KB heeft het Btw-KB nr. 20 (tarieven) gewijzigd. Daardoor steeg het btw-tarief voor de levering van elektriciteit aan huishoudelijke afnemers op 1 september 2015 van 6% tot 21%.

In werking

De wet van 27 juni 2016 treedt in werking op 17 juli 2016, tien dagen na haar publicatie in het Belgisch Staatsblad.

Bron:Wet van 27 juni 2016 tot wijziging van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde, BS 7 juli 2016 (art. 1-6 en art. 9-11).
Zie ook: – Koninklijk besluit van 23 augustus 2015 tot wijziging van het koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven, BS 31 augustus 2015. – Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde (Btw-Wetboek) (art. 1, § 3 en § 4, tweede lid, 2°, art. 23, § 1, 1°, art. 25quinquies, art. 37, § 1 en § 2, art. 74bis, art. 77bis en art. 93quaterdecies, § 1, vierde lid)

Christine Van Geel

Wet tot wijziging van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde

Afkondigingsdatum : 27/06/2016
Publicatiedatum : 07/07/2016

Gepubliceerd op 14-07-2016

  268