Strenge voorwaarden voor verblijf illegaal gezin met kinderen in eigen woning

Illegale gezinnen met minderjarige kinderen die in afwachting van hun repatriëring in een ‘eigen woning’ verblijven, moeten zich aan strikte voorwaarden houden. Ze moeten onder meer een attest kunnen voorleggen dat ze de woning bezitten of er mogen verblijven, zich melden wanneer dat wordt gevraagd en in staat zijn om in hun levensonderhoud te voorzien. Wanneer ze het contract met de Dienst Vreemdelingenzaken niet naleven, kan die hen alsnog naar een woonunit sturen. Ook opsluiting in een (aangepast) gesloten centrum behoort tot de sanctiemogelijkheden.

Alternatief voor opsluiting in gesloten centrum

Sinds 27 februari 2012 mogen illegale gezinnen met minderjarige kinderen niet meer worden opgesloten in een gesloten centrum dat niet is aangepast aan hun noden. De overheid heeft hen daarom de mogelijkheid gegeven om, in afwachting van hun repatriëring, in een ‘eigen woning’ te verblijven. Dit kan een persoonlijke woning zijn, de woning van het gezin, van een gezinslid of van vrienden die aanvaard hebben om het gezin te huisvesten. Is er geen ‘eigen woning’ beschikbaar, dan kan het gezin vragen om in één van de open terugkeercentra te verblijven.

Maar verblijven in een eigen woning, kan niet altijd. De Vreemdelingenwet laat dit bijvoorbeeld niet toe wanneer één van de gezinsleden een veiligheidsrisico betekent voor de openbare orde of minder dan 10 jaar geleden het land werd uitgezet en die maatregel niet werd opgeschort of ingetrokken.

Bovendien is ieder gezin verplicht om een overeenkomst af te sluiten met de Dienst Vreemdelingenzaken. Dat contract bevat de voorwaarden die gelden tijdens het verblijf. Het was aan de Koning om de inhoud van het contract te bepalen én om de sancties vast te leggen die worden opgelegd bij overtredingen. Dat KB is er nu, 3 jaar na de invoering van de wettelijke mogelijkheid tot een verblijf in een ‘eigen woning’.

9 cumulatieve voorwaarden

Het contract vermeldt in eerste instantie het adres van de verblijfplaats van het gezin, de gegevens van de ambtenaar die het gezin advies geeft, informatie bezorgt en bijstaat doorheen de administratieve (terugkeer)procedure en de termijn om het land te verlaten.

Daarnaast bevat de overeenkomst 9 cumulatieve voorwaarden die het gezin moet naleven tijdens zijn verblijf:

  • de woning waarin het gezin verblijft, beantwoordt aan de elementaire vereisten van veiligheid, gezondheid en bewoonbaarheid;
  • het gezin
    • beschikt over een attest dat aantoont dat men de woning bezit of huurt, of de toestemming van de eigenaar die bevestigt dat het gezin er mag verblijven;
    • is in staat om in zijn onderhoud te voorzien;
    • moet zich melden wanneer de burgemeester (of zijn gemachtigde), de politie of de ondersteunende ambtenaar dit vraagt;
    • werkt mee aan de organisatie van zijn terugkeer. Ze kunnen hiervoor beroep doen op een programma voor vrijwillige terugkeer. Wanneer het gezin niet de nodige documenten bezit om terug te keren naar het land van herkomst of het land waarvoor het gezin een verblijfsmachtiging heeft, wordt hen gevraagd om mee te werken aan hun identificatie met de bevoegde overheden, om de afgifte van een paspoort of van een laissez-passer te verkrijgen;
    • respecteert het opgemaakte tijdschema voor de terugkeer. Dit schema wordt samen met het gezin opgemaakt en kan indien nodig, in onderling overleg, wordt bijgestuurd.
    • geeft de ondersteunende ambtenaar toegang tot de woning op de vastgelegde momenten;
  • indien het gezin schade heeft veroorzaakt die ten laste valt van de Belgische Staat zal het de eventuele kosten terugbetalen om de herstelling uit te voeren. Vb. de kosten voor het herstel van een trottoir, een bushokje, enz.;
  • wanneer de overheid het vraagt, moet het gezin een borgsom storten om zijn terugkeer te garanderen.

Naar woonunit of gesloten centrum

Wanneer het gezin de voorwaarden niet naleeft, volgen er sancties. Die variëren naargelang de ernst van de overtreding en het gedrag van het gezin.

De DVZ kan het gezin alsnog naar een woonunit sturen. Daar krijgen ze onderdak in een aangepaste eengezinswoning gedurende de tijd die nodig is om de verwijderingsmaatregel uit te voeren.

Bij ernstige feiten kan de DVZ een volwassen gezinslid opsluiten in een gesloten centrum. En dat tot het moment dat de verwijderingsmaatregel van het hele gezin wordt uitgevoerd.

Is er echter duidelijk sprake van slechte wil en verzet het gezin zich tegen iedere vorm van medewerking, dan kan de DVZ kiezen om het gezin vast te houden in een gesloten centrum. Zij het weliswaar alleen in een centrum dat is aangepast aan de noden van een gezin met kinderen en alleen voor ‘een zo kort mogelijke periode’. De levensomstandigheden van het gezin en de evaluatie van de ondersteunende ambtenaar spelen een rol bij deze beslissing.

Al deze sancties kunnen worden opgelegd, onverminderd de maatregelen die kunnen worden genomen om de openbare orde te beschermen en de nationale veiligheid te beschermen én de maatregelen die door de bevoegde overheden kunnen worden genomen ten aanzien van één bepaald gezinslid.

5 oktober 2014

Het KB van 17 september 2014 treedt in werking op 5 oktober 2014, 10 dagen na publicatie in het Belgisch Staatsblad.

Bron:Koninklijk besluit van 17 september 2014 tot bepaling van de inhoud van de overeenkomst die wordt gesloten en de sancties die kunnen worden opgelegd krachtens artikel 74/9, § 3, van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, BS 25 september 2014.
Zie ook Vreemdelingenwet (art. 74/9). Wet van 16 november 2011 tot invoeging van een artikel 74/9 in de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, inzake het verbod op het opsluiten van kinderen in gesloten centra, BS 17 februari 2012.

Laure Lemmens

Koninklijk besluit tot bepaling van de inhoud van de overeenkomst die wordt gesloten en de sancties die kunnen worden opgelegd krachtens artikel 74/9, § 3, van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen

Afkondigingsdatum : 17/09/2014
Publicatiedatum : 25/09/2014

Gepubliceerd op 29-09-2014

  130