Stappenplan voor eerste evaluatie van Financieringswet voor KMO’s

De ‘Financieringswet voor KMO’s van 21 december 2013’ wordt binnenkort voort het eerst geëvalueerd. Net als de gedragscode die in uitvoering van de wet werd afgesloten tussen de representatieve werkgeversorganisaties die de belangen van KMO’s behartigen (Unizo en UCM) en de representatieve organisatie van de kredietsector. De Algemene Directie KMO-beleid van de FOD Economie krijgt de leiding over het onderzoek dat zal worden uitgevoerd volgens een strikte methodologie.

Financieringswet KMO’s

De Financieringswet voor KMO’s – van kracht sinds 10 januari 2014 - stelt een wettelijk kader vast voor de toegang tot financiering voor kleine en middelgrote ondernemingen. Bedoeling was om een aantal knelpunten aan te pakken die bestonden op vlak van communicatie, informatie en transparantie tussen de onderneming die financiering zoekt en de kredietgever, om op die manier de toegang tot krediet voor KMO’s te stimuleren. De wetgever wil meer concreet

  • voldoende transparantie creëren met betrekking tot het kredietaanbod in de precontractuele fase, zodat de onderneming met voldoende kennis van zaken een bewuste keuze kan maken en de contractuele voorwaarden bij diverse kredietgevers kan vergelijken. Meer concurrentie kan immers leiden tot een efficiëntere kredietmarkt;
  • de contractuele relatie tussen kredietgever en onderneming evenwichtiger maken.

Een tweejaarlijkse evaluatie moet nagaan of de wet deze doelstellingen bereikt. Twee jaar geleden bij invoering van de wet was nog niet helemaal duidelijk hoe die evaluatie er zou uitzien. Dat zou later bij KB worden bepaald. Nu de eerste evaluatie in zicht is, komt de regering met een stappenplan en werkmethode.

Die methodologie geldt trouwens niet alleen voor de evaluatie van de Financieringswet. Ze is ook van toepassing op de tweejaarlijkse evaluatie van de gedragscode die werd afgesloten tussen Unizo, UCM en Febelfin in uitvoering van de wet. De code is sinds 1 maart 2014 van toepassing en preciseert welke informatie een kredietgever moet verstrekken aan een ondernemer die een krediet aanvraagt en op het moment van het sluiten van de kredietovereenkomst, en in welke vorm dit moet gebeuren.

Opiniepeiling

De federale regering heeft de Algemene Directie KMO-beleid van de FOD Economie formeel belast met het onderzoek. De dienst zal in eerste instantie een onderzoek organiseren via een opiniepeiling bij de ondernemingen. Bij de analyse van de resultaten van de opiniepeiling moet de Directie volgende populaties onderscheiden:

  • de ondernemingen onderverdeeld in grootteklassen naargelang hun aantal werknemers;
  • de kmo-sectoren van de industrie, de handel, de bouwnijverheid, de diensten en de vrije beroepen;
  • de ondernemingen die minder dan 4 jaar acties zijn en zij die sinds 4 jaar of langer actief zijn;
  • de natuurlijke personen en de rechtspersonen.

Adviezen en verslagen

Maar de Directie zal ook volgende adviezen en verslagen moeten opvragen:

  • de cijfers van de Nationale Bank van België over de kredieten verleend aan de ondernemingen, net als de statistieken van de ombudsman in financiële geschillen (OMBUDSFIN) over de verleende kredieten;
  • een omstandig verslag gemaakt door de Belgische Federatie van de Financiële Sector ‘Febelfin’, voor wat betreft de kredietbemiddelaars en kredietgevers;
  • een omstandig verslag gemaakt door de FSMA van de vaststellingen gedaan bij de uitoefening van het toezicht op de sector, en de standpunten die daaruit voortvloeien;
  • het voorafgaande advies van de FSMA, de Nationale Bank van België, de ombudsman in financiële geschillen OMBUDSFIN en van de organisaties van de middenstand.
Op basis van al deze elementen stelt de Directie de evaluatiebesluiten op.

24 april 2016

Het KB van 10 april 2016 treedt in werking op 24 april, 10 dagen na publicatie in het Belgisch Staatsblad.

Bron:Koninklijk besluit van 10 april 2016 tot bepaling van de nadere regels voor de evaluatie bedoeld in artikel 14 van de wet van 21 december 2013 betreffende diverse bepalingen inzake de financiering voor kleine en middelgrote ondernemingen, BS 14 april 2016.
Zie ook Wet van 21 december 2013 betreffende diverse bepalingen inzake de financiering voor kleine en middelgrote ondernemingen, BS 31 december 2013. (‘Financieringswet voor KMO’s)

Laure Lemmens

Koninklijk besluit tot bepaling van de nadere regels voor de evaluatie bedoeld in artikel 14 van de wet van 21 december 2013 betreffende diverse bepalingen inzake de financiering voor kleine en middelgrote ondernemingen

Afkondigingsdatum : 10/04/2016
Publicatiedatum : 14/04/2016

Gepubliceerd op 14-04-2016

  128