Schauvliege herinnert gemeenten aan hun saneringsplicht

Vlaams minister van Leefmilieu, Joke Schauvliege, herinnert de lokale besturen in een omzendbrief aan hun verplichting om de gemeentelijke saneringsbijdrage en de gemeentelijke saneringsvergoeding ook effectief aan te wenden voor de gemeentelijke saneringsverplichting. De omzendbrief dateert van 20 december van vorig jaar, maar werd pas deze maand gepubliceerd.

In haar circulaire somt de minister de specifieke investeringen en onderhoudswerken op die gefinancierd kunnen worden vanuit de gemeentelijke saneringsbijdrage of -vergoeding.

De bijdrage en vergoeding kunnen echter alleen aangewend worden voor investeringen en onderhoudswerken die hun oorsprong vonden in uitgaven die gedaan werden nadat in de gemeente een dergelijke bijdrage of vergoeding werd aangerekend.

De watermaatschappij en de gemeente mogen in een overeenkomst de inkomsten van de bijdrage of vergoeding verminderen met een percentage dat de kosten voor inning van de bijdrage of vergoeding dekt, en het debiteurenrisico.

En elke entiteit die instaat voor de uitvoering van de gemeentelijke saneringsverplichting, is verplicht om op eenvoudig verzoek van de Economische Toezichthouder, VMM, kosteloos alle gegevens ter beschikking te stellen en alle inlichtingen te verstrekken die de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) nodig heeft. Om het even of de saneringsverplichting bij de gemeente zelf ligt, of werd overgedragen aan een gemeentebedrijf, de exploitant van het openbaar waterdistributienetwerk, een intergemeentelijk samenwerkingsverband, een intercommunale, of een andere entiteit die door de gemeente werd aangesteld na een marktbevraging.

Het recht op informatie impliceert ook dat de VMM recht op inzage heeft in de vergoedingen die de externe entiteiten uitbetalen voor het uitbesteden van de rioleringen. Die informatie maakt integraal deel uit van de verplichte jaarlijkse rapportering aan de toezichthouder, aldus de omzendbrief.

Deze preciseringen vloeien voort uit een eerste voorlopig rapport dat de VMM opstelde over de financiƫle stromen bij de rioolbeheerders tot het jaar 2011. Daaruit blijkt dat meer dan 2/3 van de gemeenten hun rioolbeheer hebben uitbesteed aan een intergemeentelijke rioolbeheerder. De gemeenten brengen in dat geval hun gebruiks- of eigendomsrecht op de riolen in en krijgen daarvoor een eenmalige of jaarlijks terugkerende vergoeding.

Bron:Omzendbrief LNE 2013/2 van 20 december 2013 [betreffende] De aanwending van de gemeentelijke saneringsbijdrage en de gemeentelijke saneringsvergoeding, BS 3 april 2014.

Carine Govaert

Omzendbrief nr. LNE 2013/2 De aanwending van de gemeentelijke saneringsbijdrage en de gemeentelijke saneringsvergoeding

Afkondigingsdatum : 20/12/2013
Publicatiedatum : 03/04/2014

Gepubliceerd op 10-04-2014

  141