Psychosociale risico’s op het werk: wetgever actualiseert Sociaal Strafwetboek (art. 7 – 15 DB sociaal strafrecht)

De wetgever heeft de inbreukomschrijvingen en de sancties die het Sociaal Strafwetboek omschrijft bij de preventie van de psychosociale belasting op het werk, geactualiseerd. Het gaat onder andere over stress, geweld, pesterijen en ongewenst seksueel gedrag.

Psychosociale risico’s

Zoals bekend, werd deze materie grondig gewijzigd in 2014. De bepalingen in de Welzijnswet van 4 augustus 1996 werden aangepast zodat de preventie nu past in het bredere kader van de preventie van het geheel van de psychosociale risico’s op het werk die de psychische gezondheid van de werknemer in het gedrang kunnen brengen. Het gaat dan niet enkel om grensoverschrijdend gedrag, maar ook bijvoorbeeld om burn-out en stress op het werk.

Zo verduidelijkingen de vernieuwde regels de verplichtingen van de werkgever en van alle actoren die betrokken zijn bij het preventiebeleid binnen de onderneming. Er is sprake van collectieve preventiemechanismen en individuele procedures voor werknemers. Telkens voor het geheel van de psychosociale risico’s op het werk, en dus niet enkel voor situaties van geweld, pesterijen en ongewenst seksueel gedrag. Ook het statuut en de opleiding van de vertrouwenspersoon werd gewijzigd.

De wetgever heeft er in 2014 dus voor gekozen om de bestaande regels uit te breiden tot het geheel van psychosociale risico’s op het werk. Geweld, pesterijen en ongewenst seksueel gedrag op het werk maken er deel van uit maar behouden wel bepaalde bijzonderheden.

Actualisering

Een actualisering van het Sociaal Strafwetboek is noodzakelijk, en dat is wat nu gebeurt. Met ingang van 1 mei 2016. Dat betekent dat alle wijzigingen in het Sociaal Strafwetboek opgenomen worden. Door bepalingen te wijzigingen en door nieuwe bepalingen in het wetboek op te nemen. De bepalingen met inbreuken op de Welzijnswet worden vervolledigd in het Sociaal Strafwetboek, en de structuur wordt verbeterd.

Eigenlijk komt het er in hoofdzaak op neer dat de strafbepalingen worden aangepast aan de inhoudelijke wijzigingen die de wijzigingswet van 28 februari 2014 en het bijhorend KB van 10 april 2014 eerder hebben doorgevoerd, en dat de strafbare gedragingen veel uitgebreider worden uitgeschreven omwille van het strafrechtelijk legaliteitsbeginsel. De nadruk ligt dus meer dan ooit op preventie.

Concreet:

  • Er is in de betreffende afdeling van het Sociaal Strafwetboek niet langer sprake van ‘geweld, pesterijen of ongewenst seksueel gedrag op het werk’ maar van ‘de preventie van psychosociale risico’s op het werk, waaronder stress, geweld, pesterijen of ongewenst seksueel gedrag op het werk, gezondheid en veiligheid op het werk en welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk’. Parallel met de Welzijnswet.
  • De nieuwe wet wijzigt de artikelen 119, 121 en 122, die deze afdeling omvat. Artikel 120 van het Sociaal Strafwetboek is dus niet gewijzigd. Zo wordt artikel 119 van het Sociaal Strafwetboek vervangen en wijzigt de titel van dit artikel. De bepaling heeft geen betrekking meer op ‘geweld, pesterijen of ongewenst seksueel gedrag op het werk’. Deze bepaling bestraft voortaan ‘daden van geweld, pesterijen of ongewenst seksueel gedrag op het werk’. De nieuwe titel van het artikel 119 stemt overeen met de inhoud van artikel 32bis van de Welzijnswet.
  • Er worden nieuwe bepalingen ingevoegd met strafbepalingen, parallel met de ‘nieuwe’ verplichtingen:
    • Art. 122/1. Toepassing van de procedures die toegankelijk zijn voor de werknemers;
    • Art. 122/2. De preventieadviseur psychosociale aspecten;
    • Art. 122/3. De vertrouwenspersoon;
    • Art. 122/4. De werkgevers en de instellingen die een opleiding voor vertrouwenspersonen verstrekken;
    • Art. 122/5. Andere verplichtingen inzake de preventie van psychosociale risico’s op het werk.

Bijvoorbeeld. Het nieuw artikel 122/3 bundelt de verplichtingen die op de werkgever rusten met betrekking tot de keuze van de vertrouwenspersoon, de procedure van de aanwijzing van de vertrouwenspersoon, en de procedure van de verwijdering van de vertrouwenspersoon uit zijn functie. Het gaat hier om een sanctie van niveau 2. Deze bepalingen worden voorgeschreven in artikel 32sexies, §2 van de Welzijnswet, en door de uitvoeringsbepalingen van het KB van 10 april 2014.

Bron:Wet van 29 februari 2016 tot aanvulling en wijziging van het Sociaal Strafwetboek en houdende diverse bepalingen van sociaal strafrecht, BS 21 april 2016 (art. 7 - 15 DB sociaal strafrecht)
Zie ook: — Wet van 28 februari 2014 tot aanvulling van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk wat de preventie van psychosociale risico's op het werk betreft, waaronder inzonderheid geweld, pesterijen en ongewenst seksueel gedrag op het werk, BS 28 april 2014 — Wet van 28 maart 2014 tot wijziging van het Gerechtelijk Wetboek en de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk wat de gerechtelijke procedures betreft, BS 28 april 2014 — Koninklijk besluit van 10 april 2014 betreffende de preventie van psychosociale risico's op het werk, BS 28 april 2014 — Wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk, BS 18 september 1996 (welzijnswet voor werknemers )

Steven Bellemans

Wet tot aanvulling en wijziging van het Sociaal Strafwetboek en houdende diverse bepalingen van sociaal strafrecht

Afkondigingsdatum : 29/02/2016
Publicatiedatum : 21/04/2016

Gepubliceerd op 29-04-2016

  160