Petitie met 5.000 handtekeningen opent deur naar parlement

Brusselaars die een thema willen aankaarten in het Brussels Hoofdstedelijk Parlement, krijgen een hoorrecht. Op voorwaarde dat zij minstens 5.000 handtekeningen verzamelen rond hun idee.

Petitierecht voor iedereen

Op dit ogenblik kunnen er al verzoekschriften ingediend worden bij het Brussels parlement. Het recht om een verzoekschrift in te dienen, is immers een grondwettelijk recht van elke Belg. Het indienen moet wel schriftelijk gebeuren, want de wet verbiedt het ‘in persoon’ aanbieden van petities.

Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest versoepelt dit recht met 2 ordonnanties. Een eerste ordonnantie vervangt de algemene regeling op het indienen van een verzoekschrift door een specifieke regeling, wat het Brussels Hoofdstedelijk Parlement betreft. Een tweede ordonnantie geeft de indiener van het verzoekschrift het recht om gehoord te worden door datzelfde parlement.

Petitierecht met recht op antwoord

Iedereen heeft het recht om zich via een verzoekschrift tot het Brussels parlement te richten, staat er in de nieuwe tekst. Ook de niet-Brusselaars. Het volstaat dat het verzoekschrift ondertekend is door één of meer personen.Brussel eist echter niet meer dat het indienen ‘schriftelijk’ gebeurt. Het wordt dus mogelijk om een petitie persoonlijk te gaan afgeven, al dan niet vergezeld van (een paar honderden) sympathisanten…

Het Brussels parlement behoudt het recht om het ingediende verzoekschrift door te wijzen naar de regering, die dan verplicht is om uitleg te verstrekken over de inhoud van de petitie, telkens het parlement dat vraagt.Brussel geeft het parlement echter ook het recht om een antwoord op zijn vraag om uitleg te eisen binnen een bepaalde termijn.Als zij niet kunnen antwoorden binnen de gevraagde termijn, moeten de regeringsleden dat schriftelijk motiveren.

Volgens een toelichting van de voormalige minister-president Charles Picqué in het Brussels parlement heeft de Brusselse regering enkel de mogelijkheid om de termijn te verlengen; de regering krijgt niet het recht om niet te antwoorden (Br.Parl., Parl.St., nr. A-262/3, p. 7).

Hoorrecht voor alle Brusselaars

De ‘indiener van de petitie’ of ‘elke andere ondertekenaar die daartoe wordt afgevaardigd’ krijgt bovendien het recht om zijn zaak persoonlijk te gaan bepleiten in het Brussels parlement “met het oog op, in voorkomend geval, een debat in de plenaire vergadering”.

Maar het hoorrecht wordt alleen toegekend als de petitie ondertekend werd door ten minste 5.000 personen.

De handtekeningen van minderjarigen tellen mee als die minderjarigen ‘de volle leeftijd van zestien jaar’ hebben bereikt.

Brussel houdt echter géén rekening met de handtekening van personen die hun domicilieniet op het grondgebied van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest hebben.

De handtekeningen van jongeren, van inwoners uit de rand, of van niet in het gewest gedomicilieerde studenten tellen dus niet mee. De Raad van State maakte daar een opmerking over, maar het gewest heeft met die opmerking geen rekening gehouden (nr. A-262/2, p. 10).

Nog nieuw is dat de indiener van een verzoekschrift bij het Brussels Parlement, een recht op antwoord krijgt. Hij moet antwoord krijgen binnen een termijn van 6 maanden na de indiening van het verzoekschrift.

5.000 handtekeningen?

Het Brussels gewest (met 1,2 miljoen inwoners) eist een minimum van 5.000 handtekeningen voor het hoorrecht. Sommige parlementsleden vonden dat nogal veel. Het Vlaamse Gewest (met 6,5 miljoen inwoners) eist bijvoorbeeld een minimumaantal van 15.000 handtekeningen, op een bevolkingsaantal dat vijf en een halve keer hoger ligt. De ordonnantiegever wil met dat relatief hoge aantal echter vermijden dat het parlement “de kamer van beroep wordt van de lokale debatten” (nr. A-262/3, p. 8 en 10).

Overigens beletten de leeftijds- en woonplaatsvereisten niet dat personen die niet in het gewest wonen of nog geen 16 jaar oud zijn een verzoekschrift zouden ondertekenen en indienen met de vraag om gehoord te worden. Zij beletten ook niet dat er verzoekschriften zouden worden ingediend met minder dan 5.000 handtekeningen. Maar in dat geval is er geen automatisch recht om gehoord te worden. De Brusselse parlementsleden beslissen dan, dossier per dossier, of het nuttig is om de ondertekenaar uit te nodigen.

De Raad van State vroeg ook om in de ordonnantie te preciseren wie de ‘indiener van het verzoekschrift’ is, als een verzoekschrift kan worden ingediend door 5.000 personen of meer, en om te bepalen hoe ‘een andere ondertekenaar’ gemachtigd kan worden om gehoord te worden door het parlement (nr. A-262/3, p. 11). Maar ook daar is het gewest niet op ingegaan. Picqué verduidelijkt dat de indiener, de persoon is die de petitie naar het parlement stuurt – die in voorkomend geval de begeleidende brief heeft ondertekend –, of de persoon die de petitie elektronisch indient op de website van het parlement. En wat de ‘andere ondertekenaar’ betreft, is het niet aan de ordonnantiegever, maar aan de ondertekenaars om zich onderling te organiseren en de persoon aan te wijzen die gehoord zal worden (nr. A-262/3, p. 4-5).

Overigens maakten de Brusselaars tot nu héél weinig gebruik van hun petitierecht. Uit een onderzoek blijkt dat het Hoofdstedelijk Parlement van het parlementair jaar 2000-2001 tot nu, nog maar 3 verzoekschriften heeft ontvangen. De gemeenten dienden wel meerdere moties in (nr. A-262/1, p. 1). Het Vlaams Parlement daarentegen, behandelde in het parlementair jaar 2015-2016 alleen al 14 verzoekschriften…

In werking op:

  • 24 september 2016.

Bron:— Ordonnantie van 20 juli 2016 tot wijziging van de nadere regels voor de uitoefening van het petitierecht, BS 14 september 2016. Bron:— Ordonnantie van 20 juli 2016 betreffende het recht gehoord te worden in het kader van een aan het Parlement gerichte petitie, BS 14 september 2016.

Carine Govaert

Ordonnantie betreffende het recht gehoord te worden in het kader van een aan het Parlement gerichte petitie

Afkondigingsdatum : 20/07/2016
Publicatiedatum : 14/09/2016

Gepubliceerd op 15-09-2016

  235