Over knollen en bollen op de bodem van de zee…

De federale regering wijzigt haar koninklijk besluit over de prospectie, exploratie en exploitatie van de rijkdommen van de zee- en oceaanbodem. De wijzigingen zijn het gevolg van nieuwe internationale afspraken en hebben te maken met de ontginning van polymetallische knollen, polymetallische sulfiden, en kobaltrijke ferromangaankorsten.

In de schoot van de Vergadering van de Internationale Zeebodemautoriteit werden de voorschriften voor de prospectie en exploratie van mangaanknollen vervangen, en werden de regels op de vergoedingen die ondernemingen moeten betalen voor de goedkeuring van hun werkplannen, voor algemene kosten, enz., verder uitgediept. De federale regering neemt die nieuwe voorschriften integraal over in het koninklijk besluit op de prospectie, exploratie en exploitatie van de rijkdommen van de zee- en oceaanbodem.

Hetzelfde KB beschrijft wat een onderneming moet doen opdat de Belgische overheid borg zou kunnen staan voor de exploratie- en ontginningsactiviteiten op zee, maar die regels wijzigen niet. Belgische bedrijven die willen prospecteren naar metalen op de bodem van de oceaan, moeten immers een borgstelling hebben van de federale overheid. Dat is één van de vele verplichtingen die de Internationale Zeebodemautoriteit oplegt in uitvoering van het Zeerechtverdrag van de Verenigde Naties. Volgens dat verdrag behoren de rijkdommen op, of onder de zeebodem buiten de territoriale wateren toe aan de gehele mensheid. Niemand kan zich die rijkdommen zomaar toe-eigenen. Om toch enige ontginning mogelijk te maken, werd een Internationale Zeebodemautoriteit opgericht, die de rechten van ‘de mensheid’ moet vrijwaren.

De rijkdommen die hier geviseerd worden, zijn onder andere polymetallische knollen of mangaanknollen. Ze ontstaan door afzetting of agglomeraat (opeenhoping) en bevinden zich aan het oppervlak van de diepzeebodem, of net eronder. De knollen bevatten mangaan, nikkel, kobalt en koper. Polymetallische sulfiden zijn afzettingen van zwavelhoudende mineralen van hydrothermale oorsprong, en aanverwante mineralen, die metaalconcentraties bevatten. Met name: goud, zilver, koper, lood en zink. Kobaltrijke korsten zijn dan weer afzettingen van kobaltrijke ijzer- of mangaanoxides of -hydroxides, die gevormd werden door directe neerslag van mineralen uit het zeewater op vaste substraten, met kleine, maar significante concentraties aan kobalt, titanium, nikkel, platina, molybdeen, tellurium, cerium en andere zeldzame aardmetalen.

In werking:

  • 1 februari 2016.

Bron:Koninklijk besluit van 10 januari 2016 tot wijziging van het koninklijk besluit van 4 oktober 2013 betreffende de prospectie, de exploratie en de exploitatie van de rijkdommen van de zee- en oceaanbodem en de ondergrond ervan voorbij de grenzen van de nationale rechtsmacht, BS 22 januari 2016.
Zie ook:
  • Wet van 30 juli 2013 houdende invoeging van de bepalingen die aangelegenheden regelen als bedoeld in artikel 77 van de Grondwet, in de wet van 17 augustus 2013 betreffende de prospectie, de exploratie en de exploitatie van de rijkdommen van de zee- en oceaanbodem en de ondergrond ervan voorbij de grenzen van de nationale rechtmacht, BS 16 september 2013.
  • Wet van 17 augustus 2013 betreffende de prospectie, de exploratie en de exploitatie van de rijkdommen van de zee- en oceaanbodem en de ondergrond ervan voorbij de grenzen van de nationale rechtmacht, BS 16 september 2013.

Carine Govaert

Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 4 oktober 2013 betreffende de prospectie, de exploratie en de exploitatie van de rijkdommen van de zee- en oceaanbodem en de ondergrond ervan voorbij de grenzen van de nationale rechtsmacht

Afkondigingsdatum : 10/01/2016
Publicatiedatum : 22/01/2016

Gepubliceerd op 27-01-2016

  181