Organisatie en financiering Salduz-webapplicatie staat eindelijk op papier

Koninklijk besluit tot uitvoering van artikel 495, derde lid van het Gerechtelijk Wetboek

Op 1 januari 2019 bestaat het Salduz-permanentiesysteem – dat is de webapplicatie die verdachten die van hun vrijheid zijn beroofd binnen de 2 uur aan een advocaat moet helpen – 7 jaar. Aan het roer de Orde van de Vlaamse Balies en de Ordre des barreaux francophones et germanophone. Zij werden destijds door de wetgever belast met de organisatie van de tool. De voorbije jaren hebben ze de applicatie dan ook verder verfijnd en de werking ervan afgestemd op nieuwe vereisten uit de wet Salduz-bis. Een taak waarvoor ze kunnen rekenen op federale subsidies. Een uitgekiende procedure die nu de vereiste duiding krijgt in een KB.

Gerechtelijk Wetboek

Basis voor het bestaan van de Salduz-permanentiedienst is artikel 495, derde lid van het Gerechtelijk Wetboek. Met dat artikel heeft de wetgever de Orde van de Vlaamse Balies en de Ordre des barreaux francophones et germanophone uitdrukkelijk belast met de organisatie van het systeem. Op een manier dat ‘zo snel mogelijk een advocaat kan worden gecontacteerd, gebruik makend van de moderne communicatiemiddelen, waarbij de verschillende contacten van de gebruikers worden bijgehouden’. Voor die taak wordt een jaarlijkse toelage voorzien ten laste van het algemeen budget van de uitgaven sectie 12.

Maar verder gaat de wetgever niet. Details over de organisatie en de financiering van het systeem moeten in een KB worden vastgelegd. Iets waar de regering eindelijk werk heeft van gemaakt.

Definitie

In het besluit een duidelijke definitie: ‘de permanentiedienst Salduz is een permanentiedienst die het mogelijk maakt op een zo snel mogelijke manier een advocaat te contacteren die zal instaan voor het consult en de bijstand aan de verdachte beroofd van zijn vrijheid zoals omschreven in artikel 2bis §2 van de Wet Voorlopige Hechtenis, binnen de door de wet opgelegde maximale termijn van 2 uur, op basis van het tussen actoren overeengekomen processchema’.

Het gaat om een webapplicatie waarbij een callcenter ter beschikking blijft voor incidenten en technische problemen. De contactnames door alle betrokkenen (onderzoeksrechters, politiediensten of andere handhavingsautoriteiten en advocaten) worden bijgehouden. Met de mogelijkheid om statistieken op te maken.

Jaarlijkse toelage

Om de jaarlijkse toelage te ontvangen, moeten de Ordes samen een subsidieaanvraag indienen bij de minister van Justitie. Aanvragen worden ingediend in februari, telkens voor het jaar daarop.

De toelage wordt uitbetaald in 2 delen: een voorschot van 70% uiterlijk op 30 juni en later het saldo, uiterlijk op 15 maart.

Er is voorzien in een controlemechanisme. Bij problemen of niet-naleving van de voorwaarden kan de betaling worden onderbroken of opgeschort.

In werking: 6 december 2018 (de dag van publicatie in het Belgisch Staatsblad)

Bron: Koninklijk besluit van 28 november 2018 tot uitvoering van artikel 495, derde lid van het Gerechtelijk Wetboek, BS 6 december 2018.
Laure Lemmens
Wolters Kluwer
  103