Omgevingsvergunning: verlenging met 30 of 60 dagen voor vergunningsbeslissing, indienen van beroep en beslissing over beroep

Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van artikel 5 van het decreet van 20 maart 2020 over maatregelen in geval van een civiele noodsituatie met betrekking tot de volksgezondheid, wat betreft de omgevingsvergunning

Een aanvraag voor een omgevingsvergunning die niet binnen de termijn wordt afgehandeld, wordt volgens het omgevingsvergunningsdecreet stilzwijgend geweigerd. Een beroep dat niet tijdig kon behandeld worden, wordt beschouwd als een afgewezen beroep. Maar in deze coronatijden draaien veel diensten op halve kracht en dus besliste de Vlaamse regering om de procedures van het omgevingsvergunningsdecreet tijdelijk te versoepelen.

Beslissing over vergunningsaanvraag

Normaal gezien beslist de vergunningverlener binnen een termijn van 105 dagen over een aanvraag voor omgevingsvergunning waarvoor geen advies van de omgevingsvergunningscommissie nodig is, en binnen de 120 dagen wanneer er wel zo’n advies nodig is.
Beide termijnen worden nu met 60 dagen verlengd tot 165 of 180 dagen.

Valt de aanvraag onder de vereenvoudigde vergunningsprocedure, dan is de normale beslissingstermijn 60 dagen.
Daar komt 30 dagen bij, zodat de volledige beslissingtermijn nu 90 dagen bedraagt.

De verlenging is van toepassing op:
  • alle vergunningsaanvragen waarover op 24 maart 2020 nog geen definitieve – uitdrukkelijke of stilzwijgende – beslissing werd genomen, en
  • op alle vergunningsaanvragen die worden ingediend in de periode van 24 maart 2020 tot en met 24 april 2020.

Beroep tegen vergunningsbeslissing

Wordt er administratief beroep ingesteld tegen het toekennen of weigeren van een omgevingsvergunning of tegen de voorwaarden waaronder een vergunning werd verleend, dan moet de vergunningverlener binnen de 120 dagen beslissen over het beroep als de gewone vergunningsprocedure werd gevolgd, en binnen de 60 dagen als de vereenvoudigde vergunningsprocedure gevolgd werd.
Beide termijnen worden door de Vlaamse regering met 60 dagen verlengd. Dus tot 180 of 120 dagen.

Maar niet alleen de termijn waarbinnen er beslist wordt over een beroep, wordt verlengd. Ook de termijn voor het indienen van het beroep krijgt er extra dagen bij. Waar die termijn normaal gezien 30 dagen bedraagt, wordt dat nu 60 dagen.

De verlenging is van toepassing op:
  • alle beroepen waarover op 24 maart 2020 nog geen definitieve – uitdrukkelijke of stilzwijgende – beslissing werd genomen, en
  • op alle beroepen die worden ingediend in de periode van 24 maart 2020 tot en met 24 april 2020.

Start van de vergunning

Om er zeker van te zijn dat er geen beroep werd ingesteld tegen een vergunning en de vergunning dus niet geschorst is, mag de vergunninghouder pas na 35 dagen (te rekenen vanaf de dag na de eerste dag van aanplakking) gebruikmaken van zijn vergunning. En dit zowel onder de gewone vergunningsprocedure, als onder de vereenvoudigde vergunningsprocedure.

Voor een vergunning die verleend werd in de periode van 24 maart tot en met 24 april 2020 komt daar 30 dagen bij. Als u momenteel dus een omgevingsvergunning krijgt, mag u daar pas 65 dagen na aanplakking gebruik van maken.

Bijstelling van vergunning

Alle bovenstaande verlengingen gelden ook voor verzoeken om bijstelling van de vergunningsvoorwaarden en voor ambtshalve bijstellingen van de omgevingsvergunning.

Schriftelijke ‘hoor’-zittingen

Opgelet! Hoorzittingen over vergunningsaanvragen of administratieve beroepen kunnen momenteel alleen ‘schriftelijk, via teleconferentie of via videoconferentie’ gehouden worden.

De voorzitter van de omgevingsvergunningscommissie mag ook beslissen dat zijn team de komende weken via teleconferentie of videoconferentie zal vergaderen.

Geen stilzwijgend goedkeurend advies

Een laattijdig of niet-uitgebracht advies worden tijdelijk niet geïnterpreteerd als zou het om een gunstig advies gaan. Het vergunningverleningsproces mag gewoon doorgaan.

Het feit dat er géén advies werd uitgebracht of dat een advies buiten de reguliere adviestermijn werd uitgebracht, vormt tijdelijk ook geen beletsel voor het adviesorgaan om in beroep te gaan tegen de vergunningsbeslissing.

Deze regels gelden ook voor adviezen die uitgebracht worden in uitvoering van het mer-procedurebesluit.

T.e. m. 24 april. Of langer

De maatregelen van dit besluit gelden voor alle vergunningsaanvragen en administratieve beroepen die op 24 maart 2020 nog niet waren afgehandeld en voor alle vergunningsaanvragen en administratieve beroepen die worden ingediend in volle coronacrisis, tot en met 24 april 2020.

Minister van Omgeving Zuhal Demir krijgt echter de bevoegdheid om de einddatum op te schuiven, indien dat zou nodig zijn. Zij zal de verlenging tot na 24 april 2020 bekendmaken in het Belgisch Staatsblad en op de websites van het Departement Omgeving en van de Dienst van de Bestuursrechtscollege (voor de Raad voor Vergunningsbetwistingen). De minister zal in dat geval moeten rekenen houden met de geldigheidsduur van de civiele noodsituatie. De nieuwe datum kan nooit voorbij de einddatum van de civiele noodsituatie vallen.

En net zoals zij de einddatum van 24 april 2020 kan opschuiven in de tijd, kan de minister ook de verlengingstermijnen van 30 of 60 dagen verlengen. Maar ook daar moet zij binnen de geldigheidsduur van de civiele noodsituatie blijven.

Het besluit van 24 maart 2020 treedt op de datum van goedkeuring in werking. Dus op 24 maart.

Zie ook:
Carine Govaert
  186