Naar pariteit tussen mannen en vrouwen in het Brussels Milieucollege

Om toe te zien op de minimale vertegenwoordiging van vrouwen in overheidsorganen, zowel in gewestelijke consultatieve organen als in sommige pararegionale instellingen, gelden er al meerdere wetsbepalingen. Maar voor het Milieucollege van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, dat geen adviserende bevoegdheid heeft, was dat nog niet het geval. Krachtens een nieuwe ordonnantie van 23 juni 2016 moet weldra ten minste een derde van de leden van dit College tot het andere geslacht behoren.

Meer bepaald zegt de tekst dat “maximum twee derde van de leden van het Milieucollege tot hetzelfde geslacht behoort”, wat inhoudt dat het steeds ten minste een derde mannen en ten minste een derde vrouwen zal moeten tellen. Deze bepaling wordt van kracht bij de volgende hernieuwing van minstens drie volledige mandaten in het Milieucollege.

Concreet zal elk van de twee lijsten die de door het Brussels Hoofdstedelijk Parlement voorgedragen dubbele lijst vormen bij een hernieuwing voldoende mannen en vrouwen moeten tellen opdat die voorwaarde wordt nageleefd. Zo niet zal de minister bevoegd voor leefmilieu de dubbele lijst weigeren.

Het zou ook kunnen voorkomen dat het College het gendercriterium niet meer naleeft, bijvoorbeeld ten gevolge van verhindering van lange duur, ontslag, afzetting of overlijden. In een dergelijk geval wordt de regelmatigheid van de werkzaamheden en beslissingen van het College niet aangetast, op voorwaarde dat de hernieuwingsprocedure “binnen een redelijk termijn” wordt opgestart.

Bron:Ordonnantie van 23 juni 2016 tot invoering van een evenwichtige vertegenwoordiging van vrouwen en mannen in het Milieucollege, BS 14 juli 2016.
Zie ook:Ordonnantie van 5 juni 1997 betreffende de milieuvergunningen, BS 14 juli 1997.

Benoît Lysy

Ordonnantie tot invoering van een evenwichtige vertegenwoordiging van vrouwen en mannen in het Milieucollege

Afkondigingsdatum : 23/06/2016
Publicatiedatum : 14/07/2016

Gepubliceerd op 20-07-2016

  70