Minder geld voor huurdersbonden (art. 16-20, 22 en 28 van het Stopzettingsbesluit)

De Vlaamse regering verlaagt haar dotaties aan de erkende huurdersorganisaties. De vermindering is eigenlijk al ingegaan op 1 januari 2015, maar werd met een jaar vertraging gepubliceerd.

De erkende huurdersorganisaties hebben recht op een basissubsidie, en een aanvullende subsidie per regionaal steunpunt.

De basissubsidie verschilt volgens de huurderspopulatie. Zo krijgen West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen én Antwerpen een hoger bedrag dan de andere provincies, maar alle provincies krijgen in elk geval minder dan de voorbije jaren. Dat is:

Provincie2010–2014Vanaf 01/01/2015
West-Vlaanderen 229.975 euro 227.675,25 euro
Antwerpen Oost-Vlaanderen 217.714 euro 215.536,86 euro
Limburg Vlaams-Brabant176.455 euro 174.690,45 euro

Een erkende huurdersorganisatie heeft bovendien recht op een aanvullend bedrag per regionaal steunpunt, maar ook dat bedrag daalt: van 107.343 euro, naar 106.269,57 euro sinds 1 januari 2015.

De VIA-subsidies, in uitvoering van het vorige Vlaams Intersectoraal akkoord voor de social profit- en social non-profit-sector (VIA), dalen eveneens, maar hier is de afname kleiner. De tegemoetkoming voor de eindejaarspremie daalt van 38.640 euro naar 38.253,60 euro, die voor de versterking van het management van 9.200 euro naar 9.108 euro, en die voor de werkdrukvermindering van 6.440 euro naar 6.375,60 euro.

De globale subsidie-enveloppe voor de ondersteuningsinfrastructuur huurdersinitiatieven daalt eveneens: van 320.500 euro naar 317.295 euro per jaar.

Een huurdersorganisatie heeft bij wet de volgende opdracht:

  • op individuele of collectieve basis informatie en advies te verstrekken over alle aangelegenheden inzake het wonen in huurwoningen, zoals bevattelijke huurinformatie en huuradvies. De organisatie kan juridische bijstand verlenen aan huurders en kandidaat-huurders in het algemeen, en aan de meest behoeftige huurders in het bijzonder;
  • op te treden als belangenbehartiger van huurders in het algemeen, en van de meest behoeftige huurders in het bijzonder; en
  • de kwaliteit van een goede rechtshulp te bevorderen, op het vlak van bereikbaarheid, beschikbaarheid , begrijpbaarheid, bruikbaarheid en betaalbaarheid, met bijzondere aandacht voor de ondersteuning van de adviesverlening van de lokale besturen en de ontwikkeling van lokale samenwerkingsnetwerken.

Het Vlaamse Gewest erkent en subsidieert ten hoogste één huurdersorganisatie per provincie, en elke erkende huurdersorganisatie kan, met overheidssteun, één regionaal steunpunt uitbouwen “met het oog op een betere regionale spreiding en lokale inbedding van de adviesconsultaties”.

In werking:

  • 1 januari 2015 (art. 28, eerste lid).

Bron:Besluit van de Vlaamse Regering van 18 december 2015 houdende stopzetting van de subsidiëring van sociale koopwoningen en sociale kavels en houdende de aanpassing van diverse besluiten met betrekking tot het woonbeleid in Vlaanderen, BS 27 januari 2016 (art. 16-20 en art. 28, eerste lid van het Stopzettingsbesluit).
Zie ook:

Carin

Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering in verband met de huurhulpverrichtingen van het Fonds en houdende uitvoering van artikel 2, § 2 van de Brusselse Huisvestingscode

Afkondigingsdatum : 21/01/2016
Publicatiedatum : 27/01/2016

Gepubliceerd op 03-02-2016

  82