Meer controle op toepassing milieunormen

Naast de ambtenaren van de FOD Volksgezondheid, zullen nu ook de ambtenaren van de douane, en bepaalde ambtenaren van de FOD Economie én de FOD Mobiliteit kunnen optreden tegen producenten en distributeurs die de regels op de productnormen aan hun laars lappen. De nieuwe toezichthouders worden onder meer bevoegd voor de controle op de etikettering van de banden, op de illegale houtinvoer, en op de handel in producten met een Europese milieukeur. Dat staat in een wet van 25 april 2014, die de Productnormenwet wijzigt.

Meer controle door Volksgezondheid

De federale Productnormenwet heeft 3 belangrijke doelstellingen:

  • duurzame productie- en consumptiepatronen bevorderen;
  • het leefmilieu beschermen; en
  • de volksgezondheid en de gezondheid van de werknemers beschermen.

Momenteel zijn de ambtenaren van de federale overheidsdienst Volksgezondheid als enigen bevoegd om op te treden tegen personen die de regels overtreden van:

  • deze wet en haar uitvoeringsbesluiten;
  • de maatregelen die genomen werden in uitvoering van de Europese richtlijn op het ecologisch ontwerp voor energiegerelateerde producten; en
  • alle Europese verordeningen die opgesomd worden in bijlage bij de Productnormenwet. Op 2 uitzonderingen na: de officieren van de gerechtelijke politie zijn altijd bevoegd om de wetten te doen respecteren, en de Sociale Inspectie is specifiek bevoegd voor de controle op het welzijn van de werknemers op het werk.

De wet van 25 april 2014 vult eerst en vooral de lijst aan van de Europese verordeningen waarop er controle wordt uitgeoefend. Daar komen bij:

De wet van 25 april 2014 trekt die controlebevoegdheid open.

Ook controle door de douane

De ambtenaren van de Administratie der Douane en Accijnzen krijgen vanaf nu dezelfde toezichtsbevoegdheden als de ambtenaren van Volksgezondheid. Dat betekent dat zij ook toezicht mogen houden op de naleving van:

  • de Productnormenwet en haar uitvoeringsbesluiten;
  • de maatregelen die genomen werden in uitvoering van de Europese richtlijn op het ecologisch ontwerp voor energiegerelateerde producten; en -
  • alle Europese verordeningen die opgesomd worden in de bijlage bij de wet.

De douaneambtenaren beschikken echter niet over dezelfde onderzoeksbevoegdheden als de ambtenaren van Volksgezondheid. Althans niet op basis van de Productnormenwet.

Controle door de FOD Economie

De ambtenaren van de Algemene Directie Controle en Bemiddeling van de FOD Economie krijgen er eveneens nieuwe bevoegdheden bij, maar zij worden niet bevoegd voor de controle op de naleving van de verordeningen in bijlage bij de Productnormenwet. Zij zijn vanaf nu wél bevoegd voor:

  • de wet zelf en haar uitvoeringsbesluiten; én
  • de maatregelen die genomen worden in uitvoering van de Europese richtlijn op het ecologisch ontwerp voor energiegerelateerde producten.

Dat is wat er in de wet staat. In de memorie van toelichting nuanceert de minister deze bepaling. De ambtenaren van de Algemene Directie zijn volgens de minister alleen belast met het toezicht op de uitvoering van de wet “in relatie tot” de richtlijn op het ecologisch ontwerp.

Controle door de FOD Mobiliteit

De leden van de lokale en de federale politie en alle andere personen die bevoegd zijn om toezicht uit te oefenen op de naleving van de wetten betreffende de politie over het wegverkeer, zijn voortaan ook bevoegd voor de controle op de naleving van:

  • de Productnormenwet en haar uitvoeringsbesluiten; én
  • de verordening op de etikettering van de banden. Die verordening voert een standaardetiket in voor autobanden. Het etiket moet de consumenten en transporteurs ertoe aanzetten om veiliger, meer geluidsarme en brandstofefficiëntere banden te kopen.

Ook hier nuanceert de minister: de ambtenaren van de FOD Mobiliteit zijn alleen belast met het toezicht op de uitvoering van de wet “in relatie tot” de verordening op de etikettering van de banden, en dit in het kader van hun controlebevoegdheden op de technische eisen waaraan motorvoertuigen moeten voldoen.

Vernietigen

Net als de ambtenaren van Volksgezondheid, hebben de ambtenaren van de FOD Economie en de FOD Mobiliteit het recht om een waarschuwing te formuleren en om de producten die vermoedelijk niet in overeenstemming zijn met de voorschriften, tijdelijk in bezit te nemen tegen ontvangstbewijs, in beslag te nemen, of te vernietigen. De douaneambtenaren hebben dat recht niet op grond van de Productnormenwet.

Alle toezichthouders schrijven processen-verbaal uit die bewijskracht hebben tot het tegendeel kan worden bewezen.

Als de toezichthouders een overtreding konden vaststellen, zal de persoon die het product op de markt bracht, de kosten voor analyse, opslag, terugneming en vernietiging moeten vergoeden.

Sancties

De wetgever past tot slot de lijst met strafsancties aan. Bij wijze van voorbeeld: overtredingen op de Biocidenverordening kunnen bestraft worden met gevangenisstraffen van 8 dagen tot 3 jaar, of met een geldboete van 52 euro tot 4 miljoen euro...

Uiteraard kunnen de overtredingen ook administratiefrechtelijk vervolgd worden.

Naar duurzame productie- en consumptiepatronen

De wet van 25 april 2014 bevat ook nog kleine aanpassingen, die niets te maken hebben met het toezicht op de naleving van de Productnormenwet. Zo krijgt de federale regering de bevoegdheid om het publiek te informeren over het op de markt brengen van producten of productgroepen, en kan zij dat publiek sensibiliseren voor duurzame productie- en consumptiepatronen. Dat lijkt ons vanzelfsprekend, maar het stond niet met zoveel woorden in de wet.

Het huidige reductieprogramma voor gevaarlijke stoffen in gewasbeschermingsmiddelen en biociden wordt omgeturnd tot een risicoreductieprogramma voor álle gewasbeschermingsmiddelen en biociden, dat voortaan om de 2,5 jaar bijgewerkt wordt, in plaats van om de 2 jaar. De wetgever wil het risicoreductieprogramma zo beter laten sporen met het Federale Programma ter Reductie van Pesticiden (FRRP), dat om de 5 jaar geactualiseerd wordt.

En de wettelijke basis voor het ‘Comité voor het toekennen van het EU-milieukeur’ wordt overgeheveld van een specifieke wet van 1994, naar de Productnormenwet. De wetgever behoudt nog slechts 3 types van producten waaraan géén milieukeur kan worden toegekend. Voedingsmiddelen zijn niet langer uitgesloten.

Vanaf 27 juni

Al deze wetswijzigingen treden in voege op 27 juni 2014.

Bron:Wet van 25 april 2014 tot wijziging van de wet van 21 december 1998 betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van de het leefmilieu, de volksgezondheid en de werknemers en tot opheffing van de wet van 14 juli 1994 inzake de oprichting van een comité voor het toekennen van het Europees milieukeurmerk (Productnormenwet), BS 17 juni 2014.
Zie ook: Wet van 14 juli 1994 inzake de oprichting van een comité voor het toekennen van het Europees milieukeurmerk, BS 1 december 1994 (opgeheven wet).

Carine Govaert

Wet tot wijziging van de wet van 21 december 1998 betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu, de volksgezondheid en de werknemers en tot opheffing van de wet van 14 juli 1994 inzake de oprichting van een comité voor het toekennen van het Europees milieukeurmerk

Afkondigingsdatum : 25/04/2014
Publicatiedatum : 17/06/2014

Gepubliceerd op 25-06-2014

  88