Magistraten krijgen dubbele beroepsmogelijkheid bij verplichte mobiliteit (art. 65, 67, 68 Potpourri IV)

Magistraten die - zonder dat ze daarmee ingestemd hebben - hun ambt moeten gaan uitoefenen in een andere afdeling of in een andere gerechtelijke entiteit, krijgen een dubbele beroepsmogelijkheid.

Administratief én jurisdictioneel beroep

De magistraten moeten eerst administratief beroep aantekenen bij – afhankelijk van de categorie waartoe ze zelf behoren – het College van de hoven en de rechtbanken of het College van het openbaar ministerie. Dat beroep heeft geen schorsende werking.

Het college hoort de betrokken magistraat en neemt binnen een maand een beslissing. Het kan de eerdere beslissing bevestigen of ongedaan maken. Beslissingen worden bij meerderheid genomen. De stem van de voorzitter is doorslaggevend bij staking van stemmen.

Tegen de beslissing van het college kan ook in beroep gegaan worden. Dit keer gaat het om een echt jurisdictioneel annulatieberoep, bij de Raad van State.

De nieuwe beroepsregeling komt er op vraag van het Grondwettelijke Hof die de oude regeling heeft vernietigd. Tot nu was het zo dat de magistraat in beroep kon gaan tegen een verplichte overplaatsing naar een ander gerechtelijk arrondissement, niet tegen een overplaatsing naar een andere afdeling binnen het arrondissement. En het beroep was geen echt jurisdictioneel beroep. De magistraat kon alleen een beroep tot vernietiging aantekenen bij het directiecomité van het hof van beroep, het arbeidshof of het parket-generaal (al naargelang van het soort magistraat). Maar in dat directiecomité zitten ook de eerste voorzitter van het hof van beroep en de procureur-generaal bij het hof van beroep. En dit zijn net de instanties die de mobiliteitsbeslissing nemen wanneer de betrokken korpschefs zelf niet tot een akkoord komen. 

Tuchtrechtbank

Magistraten die vinden dat de mobiliteitsbeslissing eigenlijk een verhulde tuchtstraf is kunnen daartegen in beroep gaan bij de tuchtrechtbank. Dat beroep kan voortaan alleen maar als ze eerst een administratief beroep instellen bij het college en er daarover een beslissing is.

Wat betreft de samenloop tussen de jurisdictionele beroepen – dat bij de Raad van State en dat bij de tuchtrechtbank – geldt de regel dat de magistraat een keuze moet maken: ofwel kiest hij voor een beroep bij de tuchtrechtbank ofwel voor een beroep bij de Raad van State. Beide gaan niet samen.

Inwerkingtreding

De artikelen 65, 67 en 68 van de wet van 25 december 2016 zijn in werking getreden op 9 januari 2017.

Bron:Wet van 25 december 2016 tot wijziging van de rechtspositie van de gedetineerden en van het toezicht op de gevangenissen en houdende diverse bepalingen inzake justitie, BS 30 december 2016 (art. 65, 67 en 68 Potpourri IV)
Zie ook:Gerechtelijk Wetboek (art. 330quinquies,413 en 418)GwH 15 oktober 2015, nr. 138/2015

Ilse Vogelaere

Wet tot wijziging van de rechtspositie van de gedetineerden en van het toezicht op de gevangenissen en houdende diverse bepalingen inzake justitie

Afkondigingsdatum : 25/12/2016
Publicatiedatum : 30/12/2016

Gepubliceerd op 03-02-2017

  124