Jambon wil specifieke tracers in inkt plofkoffers

Voortaan moet de inkt die wordt gebruikt in plofkoffers specifieke tracers bevatten zodat na activatie snel en eenvoudig kan worden nagegaan welke geldbiljetten bij welke koffer horen. De verplichtingen gelden voor alle koffers die vanaf 1 augustus 2016 voor het eerst in gebruik worden genomen en voor oude koffers waarvan de inkt na deze datum werd vervangen.

Hoewel nu ook al aandacht gaat naar de signatuur en traceerstoffen in de veiligheidsinkt die wordt gebruikt, wil minister van Binnenlandse Zaken, Jan Jambon, de identificatieprocedure verbeteren met duidelijke uniforme regels.

Identificatie inkt

Om te kunnen bepalen of inktvlekken op geldbiljetten wel degelijk afkomstig zijn van ‘inkt dat als neutralisatiemiddel wordt gebruikt bij waardevervoer van geldbiljetten’ moeten de inktvlekken op een definitieve en onomkeerbare wijze elementen met infrarode karakteristieken bevatten waardoor de vlekken – gemeten bij een golflengte van 810 nanometer – altijd een infrarode reflectiewaarde opleveren die lager is dan 60.

Identificatie koffer

Om de koffer te kunnen identificeren waaruit met inkt besmeurde geldbiljetten afkomstig zijn, moeten de inktvlekken op een definitieve en onomkeerbare wijze gemarkeerd zijn met elementen die door het NICC (Nationaal Instituut voor Criminalisatiek en Criminologie) als tracers identificeerbaar zijn.

Die tracers zijn uniek per afzonderlijke lot van koffers die in ons land gebruikt worden. Ieder lot bestaat uit maximaal 300 koffers. Voor elke afzonderlijke verkoop van een hoeveelheid koffers is er steeds een afzonderlijk lot. Ook al is het aantal koffers dat wordt verkocht kleiner dan 300.

Verplichtingen fabrikant

Iedere fabrikant van plofkoffers is verplicht om iedere koffer die hij op de Belgische markt brengt te voorzien van een uniek koffernummer en een uniek lotnummer.

Hij moet bovendien volgende informatie per afzonderlijk lot gedurende minstens 10 jaar ter beschikking houden van de Directie Private Veiligheid bij de FOD Binnenlandse Zaken:

  • het unieke lotnummer;
  • de omschrijving van de tracers;
  • de types koffers die deel uitmaken van het lot (specificatie van het gebruikte neutralisatiesysteem - type A, B, C, D, E of F);
  • de lijst van de nummers van de koffers die deel uitmaken van het lot;
  • de naam en contactgegevens van de gebruiker van de containers; en
  • de datum waarop het lot op de Belgische markt wordt gebracht.

12 februari 2016

Het KB van 11 januari 2016 treedt in werking op 12 februari, 10 dagen na publicatie in het Belgisch Staatsblad.

Bron:Ministerieel besluit van 11 januari 2016 tot bepaling van de elementen die de identificatie toelaten van het neutralisatiemiddel gebruikt in de containers uitgerust met een neutralisatiesysteem, BS 2 februari 2016.
Zie ook Koninklijk besluit van 7 april 2003 houdende regeling van bepaalde methodes bij het toezicht op en de bescherming bij het vervoer van waarden en betreffende de technische kenmerken van de voertuigen voor waardevervoer, BS 29 april 2003.

Laure Lemmens

Ministerieel besluit tot bepaling van de elementen die de identificatie toelaten van het neutralisatiemiddel gebruikt in de containers uitgerust met een neutralisatiesysteem

Afkondigingsdatum : 11/01/2016
Publicatiedatum : 02/02/2016

Gepubliceerd op 03-02-2016

  92