HR diensten DG Rechterlijke Organisatie krijgen extra bevoegdheid

Ministerieel besluit tot wijziging van het ministerieel besluit van 1 maart 2012 houdende overdracht van bepaalde bevoegdheden voorzien in het Gerechtelijk Wetboek en inzake de magistratuur en personeel in hoven en rechtbanken

De minister van Justitie heeft enkele jaren geleden beslist om een deel van zijn bevoegdheden over te dragen naar de FOD Justitie. Onder meer de diensthoofden van de HR diensten in het Directoraat-Generaal Rechterlijke Organisatie namen enkele ministeriële taken over. Die lijst met overgedragen bevoegdheden wordt nu uitgebreid.
De HR diensten in het DG Rechterlijke Organisatie worden nu ook bevoegd om de proeven te kiezen van de tweede proevenreeks voor de bevordering van gerechtspersoneel naar niveau A. De keuze gebeurt op advies van het Instituut voor de Gerechtelijke Opleiding.
De proeven voor overgang naar niveau A zijn in drie reeksen ingedeeld. Het is bij de tweede reeks dat de HR diensten voortaan dus tussenkomen. Die tweede reeks omvat vier proeven die de kennisverwerving evalueren. Elk van de vier proeven van de tweede reeks bestaat in het volgen én slagen voor cursussen van minstens vier ECTS-studiepunten van een masterprogramma van een universiteit of hogeschool. Een van die proeven wordt gekozen binnen de vakgebieden economie, recht of overheidsfinanciën. De drie andere worden gekozen in onderling overleg tussen de kandidaat en - voortaan - de diensthoofden van de HR diensten in het DG Rechterlijke Organisatie. De minister van Justitie komt hier dus niet meer in tussen.
Het nieuwe MB van 31 juli 2017 treedt in werking op 1 juli 2017.
Bron: Ministerieel besluit van 31 juli 2017 tot wijziging van het ministerieel besluit van 1 maart 2012 houdende overdracht van bepaalde bevoegdheden voorzien in het Gerechtelijk Wetboek en inzake de magistratuur en personeel in hoven en rechtbanken, BS 9 augustus 2017
Zie ook:
Gerechtelijk Wetboek (art. 279)
Ilse Vogelaere
  332