Hervormde Wapenwet is soepeler en strenger

Koninklijk besluit tot wijziging van diverse koninklijke besluiten ter uitvoering van de wapenwet

De federale Wapenwet is begin 2018 grondig herzien. Voor tal van nieuwigheden waren nog uitvoeringsbepalingen nodig. Die zijn nu gebundeld in een Verzamelbesluit. Het gaat onder meer om de regels i.v.m. het bijhouden van een vuurwapen nadat het jachtverlof is ingetrokken, het uitlenen van vuurwapens, het raadplegen van het centrale wapenregister, en de veiligheidsvoorwaarden voor het transport van vuurwapens.

Een vuurwapen bijhouden na intrekking jachtverlof

De wetgever heeft er bij de hervorming voor gezorgd dat jagers hun wapen (zonder munitie) langer mogen bijhouden nadat hun jachtverlof is vervallen. Dat jachtverlof is noodzakelijk om te mogen jagen en wordt toegekend na een praktische en theoretische proef. Onder de oude regels was het jachtverlof slechts 3 jaar geldig. Veel te kort, zo bleek in de praktijk. De termijn werd daarom opgetrokken tot 10 jaar. Maar wel onder extra voorwaarden. Zo moet de jager na 5 jaar onderworpen worden aan een controle van zijn strafrechtelijke antecedenten.

De hele procedure is nu verder uitgewerkt met duidelijkheid over ‘wie doet wat wanneer’. Zo is het de gouverneur die de jager waarvan het jachtverlof is vervallen, na 5 jaar schriftelijk moet aanmanen om hem een uittreksel van het strafregister te bezorgen dat niet ouder is dan 3 maanden. Het is ook de gouverneur die het recht om een wapen voorhanden te hebben, kan schorsen als uit het uittreksel blijkt dat de betrokkene veroordeeld werd als dader of medeplichtige van een van de misdrijven vermeld in de federale Wapenwet.

Vuurwapens uitlenen

Bij de hervorming van de Wapenwet zijn de voorwaarden versoepeld waaronder houders van een jachtverlof, een sportschutterslicentie of een vergunning tot het voorhanden hebben van een vuurwapen aan elkaar vuurwapens mogen uitlenen. Als tegengewicht voor de soepele voorwaarden werd wel een aangifteplicht ingevoerd om de traceerbaarheid van de uitgeleende wapens te waarborgen. Bovendien werd de uitleenduur beperkt tot 6 maanden.

De nieuwe regels gelden slechts voor bepaalde types vuurwapens. Welke dat zijn, wordt nu in het KB bepaald.

Het centrale wapenregister raadplegen

Het centrale register is voortaan ook toegankelijk voor de inlichtingen en veiligheidsdiensten. Zij mogen de informatie uit het register gebruiken in het kader van hun opdrachten.

Veiligheidsvoorwaarden voor vervoer van vuurwapens, munitie en laders

De veiligheidsvoorwaarden voor het vervoer van vuurwapens, munitie en laders zijn geschrapt uit de wet en opgenomen (met hier en daar enkele nieuwigheden) in het KB van 24 april 1997. We bespreken deze wijziging uitgebreid in onze andere berichtgeving over het KB van 1 oktober 2019.

In werking: 19 oktober 2019 (mits uitzonderingen)

Bron: Koninklijk besluit van 1 oktober 2019 tot wijziging van diverse koninklijke besluiten ter uitvoering van de wapenwet, BS 9 oktober 2019.
Zie ook
Koninklijk besluit van 20 september 1991 tot uitvoering van de Wapenwet, BS 21 september 1991.
Koninklijk besluit van 20 september 1991 betreffende de vuurwapens met historische, folkloristische of decoratieve waarde en de vuurwapens die voor het schieten onbruikbaar zijn gemaakt, BS 21 september 1991.
Wet van 7 januari 2018 tot wijziging van de wet van 8 juni 2006 houdende regeling van economische en individuele activiteiten met wapens en van het Burgerlijk Wetboek, BS 12 januari 2018.
Laure Lemmens
Wolters Kluwer
  135