Geen dubbele belasting meer voor lokaal aangeworven medewerkers van diplomatieke zendingen in landen waarmee België geen dubbelbelastingverdrag afsloot

Wet inzake de onderwerping aan de belasting van bepaalde door Belgische zendingen lokaal aangeworven werknemers in landen waarmee België geen overeenkomst tot het vermijden van dubbele belasting heeft gesloten

Tot nog toe worden personeelsleden die door Belgische overheden (ambassade, consulaat, enz.) lokaal zijn aangeworven in landen waarmee België geen dubbelbelastingverdrag heeft afgesloten, dubbel belast: één keer door het land waar zij werken, en een tweede keer door België omdat ons land hen beschouwt als rijksinwoner.
De wet van 21 juli 2017 maakt vanaf het aanslagjaar 2018 een einde aan deze dubbele belasting.

Rijksinwoner

De Belgische diplomatieke ambtenaren en consulaire beroepsambtenaren die in het buitenland zijn geaccrediteerd, worden, samen met hun inwonende gezinsleden, als Belgische ‘rijksinwoners’ beschouwd (art. 2, § 1, 1°, b), WIB 1992). Daardoor worden zij onderworpen aan de Belgische personenbelasting (PB).
Dat geldt ook voor de ‘andere leden’ van Belgische diplomatieke zendingen en consulaire posten in het buitenland en hun inwonende gezinsleden (consulaire ereambtenaren uitgesloten) (art. 2, § 1, 1°, c), WIB 1992).
Vanaf het aanslagjaar 2018 geldt deze regeling echter nog enkel voor de “andere leden van de Belgische diplomatieke zendingen en consulaire posten in het buitenland die hun werkzaamheden in het buitenland uitoefenen in een land waarvan zij geen onderdaan zijn of waar zij niet duurzaam verblijf houden”, alsmede hun inwonende gezinsleden, met uitzondering van consulaire ereambtenaren (wijziging art. 2, § 1, 1°, c), WIB 1992 door art. 2, wet van 21 juli 2017).
Met deze aanpassing wordt vermeden dat personeelsleden die door Belgische overheden (ambassade, consulaat, enz.) lokaal zijn aangeworven in landen waarmee België geen dubbelbelastingverdrag heeft afgesloten, dubbel worden belast: één keer door het land waar zij werken, en een tweede keer door België omdat ons land hen als rijksinwoner beschouwt.
Om te vermijden dat de betrokken personen die niet meer als Belgische rijksinwoners zullen worden beschouwd, toch nog belastbaar zullen zijn in de belasting van niet-inwoners/natuurlijke personen (BNI/nat.pers.) - omdat de bezoldigingen die ze ontvangen ten laste zijn van een Belgische werkgever – past de wet van 21 juli 2017 het WIB 1992 aan.
Ze stelt de bezoldigingen die werkgevers (bedoeld in art. 228, § 2, 6, c), WIB 1992), betalen aan personen die lokaal zijn aangeworven door de Belgische overheden en inwoner zijn van een land waarmee België geen dubbelbelastingverdrag heeft gesloten, vanaf het aanslagjaar 2018 vrij van de belasting van niet-inwoners/natuurlijke personen (art. 230, eerste lid, 3°, b), nieuw zesde streepje, WIB 1992; art. 3, wet van 21 juli 2017).

In werking

Deze maatregelen zijn van toepassing vanaf het aanslagjaar 2018.
Bron: Wet van 21 juli 2017 inzake de onderwerping aan de belasting van bepaalde door Belgische zendingen lokaal aangeworven werknemers in landen waarmee België geen overeenkomst tot het vermijden van dubbele belasting heeft gesloten, BS 3 augustus 2017.
Zie ook:
Wetboek van de inkomstenbelastingen van 10 april 1992, BS 30 juli 1992 (WIB 1992) (art. 2, § 1, 1°, c) en art. 230, eerste lid, 3°, b))
Christine Van Geel
Wolters Kluwer
  450