Cumulatie van overlevingspensioen met onderbrekingsuitkering bij loopbaanonderbreking

De cumulatie van een pensioen en een onderbrekingsuitkering bij een loopbaanonderbreking in de openbare sector, is in principe onmogelijk. Dat blijft zo, maar de cumulatieregels worden wel versoepeld vanaf 1 februari 2015.

Het wijzigings-KB van 19 december 2014 verwoordt het als volgt: ‘De onderbrekingsuitkeringen kunnen niet gecumuleerd worden met een pensioen, uitgezonderd met een overlevingspensioen gedurende een eenmalige periode van maximaal 12 al dan niet opeenvolgende kalendermaanden.’

Deze periode van 12 maanden wordt verminderd met het aantal maanden waarin bepaalde vergoedingen of vervangingsinkomen al werden gecumuleerd met een overlevingspensioen:

  • Voor het werknemerspensioen gaat het om een vergoeding in de zin van artikel 64quinquies van het algemeen reglement voor het werknemerspensioen (vergoedingen wegens ziekte of onvrijwillige werkloosheid, wegens invaliditeit of een uitkering wegens loopbaanonderbreking, wegens tijdskrediet of wegens het verminderen van de arbeidsprestaties, of een vergoeding bij SWT).
  • Voor het zelfstandigenpensioen gaat het om een vergoeding in de zin van artikel 107quater van het algemeen reglement voor het zelfstandigenpensioen (vergoedingen wegens ziekte of onvrijwillige werkloosheid, wegens invaliditeit of een uitkering wegens loopbaanonderbreking, wegens tijdskrediet of wegens het verminderen van de arbeidsprestaties, of een vergoeding bij SWT).
  • Voor de vervangingsinkomens verwijst men naar de omschrijving in artikel 76, 10° van de programmawet van 28 juni 2013, namelijk:
    • de uitkering wegens loopbaanonderbreking, wegens vermindering van de arbeidsprestaties of wegens tijdskrediet;
    • de werkloosheidsuitkering;
    • de aanvullende vergoeding toegekend in het kader van een conventioneel brugpensioen;
    • de primaire ongeschiktheidsuitkering;
    • de invaliditeitsuitkering.

Een ‘pensioen’ omvat hier de ouderdoms-, rust-, anciënniteits-, of overlevingspensioenen, en andere als dusdanig geldende voordelen, toegekend:

  • door of krachtens een Belgische of buitenlandse wet;
  • door een Belgische of een buitenlandse instelling van sociale zekerheid, een openbaar bestuur, een openbare instelling of een instelling van openbaar nut.

Zoals aangegeven, worden deze aanpassingen doorgevoerd in verschillende specifieke regelingen:

  • KB van 2 januari 1991 betreffende de toekenning van onderbrekingsuitkeringen;
  • KB van 12 augustus 1991 betreffende de toekenning van onderbrekingsuitkeringen aan de personeelsleden van het onderwijs en de psycho-medischsociale centra;
  • KB van 19 november 1998 betreffende de verloven en afwezigheden toegestaan aan de personeelsleden van de rijksbesturen;
  • KB van 7 mei 1999 betreffende de onderbreking van de beroepsloopbaan van het personeel van de besturen;
  • KB van 16 maart 2001 betreffende de verloven en de afwezigheden toegestaan aan sommige personeelsleden van de diensten die de rechterlijke macht terzijde staan;
  • KB van 10 juni 2002 betreffende de toekenning van onderbrekingsuitkeringen aan de personeelsleden van de overheidsbedrijven die in toepassing van de wet van 21 maart 1991 houdende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven bestuursautonomie verkregen hebben;
  • KB van 16 november 2009 houdende toekenning aan de personeelsleden van de Belgische Technische Coöperatie van het recht op ouderschapsverlof en loopbaanonderbreking voor het verlenen van bijstand aan een zwaar ziek gezins- of familielid;
  • KB van 29 april 2013 houdende toekenning aan de personeelsleden van de Cel voor Financiële Informatieverwerking van het recht op ouderschapsverlof en loopbaanonderbreking voor het verlenen van bijstand aan een zwaar ziek gezins- of familielid.

Uit een bijhorend persbericht blijkt dat er een gelijkaardig ontwerp van KB werd goedgekeurd voor de cumulatie van onderbrekingsuitkeringen bij tijdskrediet met een overlevingspensioen.

In werking

Deze aanpassingen treden in werking op 1 februari 2015.

Let op! De kalendermaanden waarin een cumul van een overlevingspensioen en een vervangingsinkomen werd toegestaan op basis van de bestaande regels – de regels vóór de inwerkingtreding van het wijzigings-KB van 19 december 2014 dus – worden in mindering gebracht van de periode van 12 maanden.

Bron:Koninklijk besluit van 19 december 2014 houdende regeling van de cumul van onderbrekingsuitkeringen, in het kader van loopbaanonderbreking, met een overlevingspensioen, BS 12 januari 2015
Zie ook: — Koninklijk besluit van 21 december 1967 tot vaststelling van het algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers, BS 16 januari 1968 (art. 64 quinquies van het algemeen reglement voor het werknemerspensioen) — Koninklijk besluit van 22 december 1967 houdende algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen der zelfstandigen, BS 10 januari 1968 (art. 107quater van het algemeen reglement voor het zelfstandigenpensioen)

Steven Bellemans

Koninklijk besluit houdende regeling van de cumul van onderbrekingsuitkeringen, in het kader van loopbaanonderbreking, met een overlevingspensioen

Afkondigingsdatum : 19/12/2014
Publicatiedatum : 12/01/2015

Gepubliceerd op 15-01-2015

  180