Brusselse regeling voor opleidingsfonds dienstencheques

De Brusselse Hoofdstedelijke Regering heeft het KB op het ‘opleidingsfonds dienstencheques’ geregionaliseerd. Ook het Vlaams Gewest en het Waals Gewest hebben het federale KB al bijgestuurd.

Dat blijkt in de eerste plaats uit de terminologie. Zo verwijst men in het Brussels besluit naar de Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Er is geen sprake meer van de Algemene Directie Werkgelegenheid en Arbeidsmarkt van FOD Werkgelegenheid, maar van het bestuur. Dat is ‘Brussel Economie en Werkgelegenheid bij de Gewestelijke Overheidsdienst Brussel, met inbegrip van het Secretariaat opleidingsfonds’. En de ‘representatieve organisaties’ zijn de organisaties die in de Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest vertegenwoordigd zijn.

Daarnaast wordt ook de samenstelling van de ‘Commissie opleidingsfonds dienstencheques’ aangepast. Er is sprake van:

  • een werkend lid en een plaatsvervangend lid zonder stemrecht als vertegenwoordiger van de Brusselse gewestelijke Dienst voor Arbeidsbemiddeling;
  • als uitgenodigd lid, een werkend lid en een plaatsvervangend lid zonder stemrecht als vertegenwoordiger van het "Institut bruxellois francophone pour la Formation professionnelle";
  • als uitgenodigd lid, een werkend lid en een plaatsvervangend lid zonder stemrecht als vertegenwoordiger van de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding.

Uiteraard is er ook geen verwijzing meer naar de website van de FOD of naar de FOD als secretariaat.

Bij de aanvragen tot terugbetaling van de opleidingskosten vermeldt het dossier de exacte opleidingskost, met de nodige bewijsstukken in bijlage. Hier noteren we dat in de Brusselse regeling het rijksregisternummer voor de dienstencheque-werknemers ook vermeld wordt. Na verificatie van de aanvraag en na verificatie of het maximum recht op terugbetaling voor opleidingskosten van een bepaald jaar voor de erkende onderneming niet is overschreden, gaat het secretariaat binnen de grenzen van de beschikbare begrotingskredieten over tot de terugbetaling aan de erkende onderneming. Er is geen sprake meer van een gegevensoverdracht naar de RVA.

Het besluit van 29 oktober 2015 treedt retroactief in werking op 1 november 2015.

Bron:Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 29 oktober 2015 tot wijziging van het koninklijk besluit van 7 juni 2007 betreffende het opleidingsfonds dienstencheques, BS 5 november 2015
Zie ook: Koninklijk besluit van 7 juni 2007 betreffende het opleidingsfonds dienstencheques, BS 11 juli 2007

Steven Bellemans

Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot wijziging van het koninklijk besluit van 7 juni 2007 betreffende het opleidingsfonds dienstencheques

Afkondigingsdatum : 29/10/2015
Publicatiedatum : 05/11/2015

Gepubliceerd op 06-11-2015

  124