Brussel stemt in met de nieuwe regels voor het Benelux-parlement

Op 20 januari 2015 hebben België, Luxemburg en Nederland een Verdrag over de Benelux Interparlementaire Assemblee gesloten die vroeger de Raadgevende Interparlementaire Benelux-Raad heette. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest stemt nu in met dat Verdrag.

Naamsverandering

De Benelux Interparlementaire Assemblee is dus de nieuwe naam voor de Raadgevende Interparlementaire Benelux-Raad, gesticht in 1955. De drie verdragsluitende partijen hebben geoordeeld dat die naam de bevoegdheden van het Benelux-parlement beter weerspiegelde.

Vertegenwoordiging van de Gemeenschappen en de Gewesten

Het nieuwe Verdrag formaliseert de vertegenwoordiging van de Gewesten en de Gemeenschappen in de Assemblee. Zo wordt België vertegenwoordigd door eenentwintig parlementsleden, aangeduid door het federale parlement en de parlementen van de Gemeenschappen en de Gewesten.

Onderwerpen

Het Benelux-parlement kan over allerlei onderwerpen beraadslagen, zoals:

  • de grensoverschrijdende samenwerking op alle niveaus;
  • de economische unie, zowel haar voortbestaan als haar verdere ontwikkeling;
  • de samenwerking inzake justitie en binnenlandse zaken;
  • de externe samenwerking tussen de Benelux-Unie en de overige landen en gefedereerde entiteiten; en
  • de samenwerking tussen de drie landen in het domein van het buitenlands beleid en de Europese zaken.

Het parlement mag ook andere kwesties bespreken als twee van de drie leden daarmee instemmen.

Advies

Het parlement kan beraadslagen over al deze onderwerpen en adviezen (met name via aanbevelingen) geven aan het Benelux Comité van Ministers. Het kan ook adviezen aan de verschillende regeringen geven.

Schriftelijke vragen

Het parlement kan schriftelijke vragen stellen aan het Benelux Comité van Ministers en aan de regeringen wanneer ze bij het onderwerp betrokken zijn. Het kan daarbij een antwoordtermijn afdingen.

Regeringsvertegenwoordiger

Het parlement kan de regeringen voorstellen om een vertegenwoordiger in de volgende vergadering af te vaardigen.

Beleidsprioriteiten

Het Benelux Comité van Ministers moet bij de aanvang van elk nieuw voorzitterschap zijn beleidsprioriteiten meedelen aan het parlement dat erover zal beraadslagen. Dit is een goednieuwe informatieverplichting voor het Comité.

Rapport over het werkprogramma

De Benelux-Unie legt via de Secretaris-generaal een rapport aan het parlement voor over de voortgang en de uitvoering van het meerjarig gemeenschappelijk werkprogramma en het jaarplan. Tot hiertoe was dit de taak van de regeringen van de Benelux-landen.

De Secretaris-generaal coördineert de activiteiten van het parlement en het Benelux Comité van Ministers.

Het college van de Secretarissen-generaal van de Benelux-Unie hebben toegang tot de parlementaire vergaderingen. Dat college is samengesteld uit de Secretaris-generaal zelf en twee adjuncten.

Zittingen

Het parlement vergadert ten minste eenmaal en in principe driemaal per jaar. Er is geen maximum.

De voorzitter roept het parlement bijeen telkens als de meerderheid van de leden dat wenst of de regeringen van ten minste twee Benelux-landen daarom verzoeken.

De vergaderingen zijn openbaar. Er wordt enkel achter gesloten deuren vergaderd als de voorzitter of negen parlementsleden daarom verzoeken.

Meerderheid

Om een beslissing te kunnen nemen (dat wil zeggen een advies) moet de meerderheid van de leden aanwezig zijn. Elke nationale afvaardiging moet op de zitting vertegenwoordigd zijn. Tot hiertoe was er een tweederdemeerderheid nodig.

Het parlement beslist bij gewone meerderheid van stemmen.

Inwerkingtreding

De Brusselse instemming treedt in werking op 7 januari 2017, dat is tien dagen na de bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad.

Zowel de Federale Staat als de Gemeenschappen en de Gewesten moeten het Verdrag goedkeuren. Tot nu toe hebben enkel Vlaanderen en nu dus ook Brussel de nodige formaliteiten vervuld.

Het Verdrag zelf treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand volgend op de neerlegging van het derde (en laatste) ratificatie-, acceptatie- of goedkeuringsinstrument bij de Secretaris-generaal van de Benelux-Unie.Intussen blijft het Verdrag van 5 november 1955 over de Raadgevende Interparlementaire Benelux-Raad van toepassing.

Bron:Ordonnantie van 8 december 2016 houdende instemming met: het Verdrag over de Benelux Interparlementaire Assemblee, gedaan te Brussel op 20 januari 2015, BS 28 december 2016.

Benoît Lysy

Afkondigingsdatum : 20/01/2015
Publicatiedatum : 14/08/2015

Gepubliceerd op 25-01-2017

  144