Binnenschipper zonder ECO-kaart betaalt vanaf 1 januari administratiekosten

Binnenschippers op de grote scheepvaartroutes betalen bij elke tankbeurt een bijdrage van 7,5 euro per 1.000 liter voor het verwijderen van hun olie- en vethoudend scheepsbedrijfsafval. De bijdrage wordt betaald met een magneetkaart: de ECO-kaart. Wie geen geldige kaart heeft, moet een supplement betalen voor ‘administratieve kosten’.

De 5 landen die partij zijn bij het Scheepsafvalstoffenverdrag of CDNI-verdrag, beslisten in een addendum bij het verdrag om die bijdrage voor administratieve kosten op 25 euro vast te leggen, en dit vanaf 1 januari 2016. Ons land stemt bij wet in met deze aanvulling.

Het surplus voor administratiekosten moet betaald worden:

  • als de schipper geen ECO-kaart kan voorleggen;
  • als de voorgelegde kaart niet geldig blijkt te zijn; of
  • als het saldo op de rekening die gekoppeld is aan de ECO-kaart, ontoereikend is.

Er zijn uiteraard géén administratiekosten verschuldigd als het elektronische betaalsysteem, SPE-CDNI, zelf is uitgevallen.

Scheepsbedrijfsafval is volgens het Scheepsafvalstoffenverdrag: afval en afvalwater dat ontstaat bij het in bedrijf zijn en het onderhouden van een vaartuig. Olie- en vethoudend scheepsbedrijfsafval slaat meer specifiek op de afgewerkte olie, het bilgewater (dat is oliehoudend water dat afkomstig is uit de machinekamer), en het overig olie- en vethoudend afval, zoals afgewerkt vet, gebruikte filters, gebruikte poetsdoeken, en vaten en verpakkingsmateriaal van dit afval.

Het Scheepsafvalstoffenverdrag is van toepassing in de Rijnoeverstaten België, Duitsland, Frankrijk, Luxemburg, Nederland en Zwitserland. Het verdrag bevat algemene bepalingen over het inzamelen en verwerken van afval, en 2 bijlagen, waarvan bijlage 2 met het ‘Uitvoeringsreglement’ het belangrijkste onderdeel is. Dat uitvoeringsreglement bestaat uit zijn beurt uit een deel A over de ‘Verzameling, afgifte en inname van olie- en vethoudend scheepsbedrijfsafval’, een deel B en C over respectievelijk afval van lading, en overig scheepsbedrijfsafval (zoals huishoudelijk afval, huishoudelijk afvalwater en klein gevaarlijk afval (kga)), en 5 zogenaamde ‘aanhangsels’.

De wet waarmee ons land instemt met deze aanvulling bij het Scheepsafvalstoffenverdrag treedt 10 dagen na publicatie in werking. Dat is op 25 september 2015. Het addendum zelf heeft pas uitwerking vanaf 1 januari 2016.

Bron:Wet van 19 juni 2008 houdende instemming met het Verdrag inzake de verzameling, afgifte en inname van afval in de Rijn- en binnenvaart (Scheepsafvalstoffenverdrag), met de Bijlagen 1 en 2, en met de Aanhangsels I, II, III, IV en V, gedaan te Straatsburg op 9 september 1996. – Addendum, BS 15 september 2015.

Carine Govaert

Besluit nr. CDNI 2015-I-3 Deel A - Wijziging van artikel 3.03, achtste lid, van de Uitvoeringsregeling

Afkondigingsdatum : 30/06/2015
Publicatiedatum : 15/09/2015

Gepubliceerd op 15-09-2015

  133