Bijzonder reglement voor de Nederlandstalige arbeidsrechtbank van Brussel

De hervorming van het gerechtelijk arrondissement Brussel-Halle-Vilvoorde heeft geleid tot een ontdubbeling van de rechtbanken in twee zetels, een Nederlandstalige en een Franstalige, op het grondgebied van de 54 gemeenten van het arrondissement Brussel-Halle-Vilvoorde. Het gevolg daarvan is dat er een nieuw bijzonder reglement voor de Nederlandstalige rechtbank van Brussel bekendgemaakt werd in het Belgisch Staatsblad van 31 maart van dit jaar.

20 kamers

De Nederlandstalige arbeidsrechtbank van Brussel telt twintig kamers, één kamer bevoegd voor kortgeding en één bureau voor rechtsbijstand.

Bevoegdheden

De eerste en tweede kamer nemen hoofdzakelijk kennis van de geschillen die verband houden met de individuele arbeidsrelaties, wanneer het om bedienden gaat.

Het gaat, onder andere, om geschillen over de arbeidsovereenkomsten, ook die welke betrekking hebben op de schending van de fabricagegeheimen gepleegd tijdens de looptijd van die overeenkomsten, of nog, om geschillen over het conventioneel brugpensioen wat de betrekking tussen de werkgever en de werknemer aangaat.

De derde kamer neemt eveneens kennis van de individuele arbeidsbetrekkingen, doch enkel als de werknemer een arbeider is.

De vierde kamer behandelt de vorderingen die grotendeels arbeidsongevallen en beroepsziekten betreffen.

De vijfde kamer neemt, onder meer, kennis van de geschillen over de verplichtingen van de werkgevers en de personen die hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de betaling van de wettelijk voorziene bijdragen op het vlak van de sociale zekerheid, de gezinsuitkeringen, de werkloosheid, de verplichte ziekte- en invaliditeitsverzekering, de rust- en overlevingspensioenen, de jaarlijkse vakantie, de bestaanszekerheid, de sluiting van ondernemingen en de reglementen die sociale voordelen toekennen aan de werknemers en leerlingen.

De zesde kamer krijgt, voor zover de arbeidsauditeur te Brussel bevoegd is, inzonderheid de geschillen toegewezen betreffende de rechten en verplichtingen van de werknemers en leerlingen en hun rechtverkrijgenden alsook van alle andere gerechtigden en hun rechtverkrijgenden, met uitzondering van de geschillen die betrekking hebben op de verplichte ziekte- en invaliditeitsverzekering en de geschillen betreffende de toepassing op de werkgevers van de administratieve sancties die gelden in geval van inbreuk op sommige sociale wetten.

De zevende kamer neemt kennis van de geschillen betreffende de zaken van de achtste kamer, maar waarvoor de arbeidsauditeur van Brussel-Halle-Vilvoorde bevoegd is.

De achtste kamer krijgt, onder meer, de geschillen toegewezen betreffende de rechten en verplichtingen van de werknemers en leerlingen en hun rechtverkrijgenden alsook van alle andere gerechtigden en hun rechtverkrijgenden voor zover ze betrekking hebben op de verplichte ziekte- en invaliditeitsverzekering.

De negende kamer neemt kennis van de geschillen betreffende de zaken van de achtste kamer, maar waarvoor de arbeidsauditeur van Brussel-Halle-Vilvoorde bevoegd is.

De tiende kamer krijgt, onder meer, voor zover de arbeidsauditeur van Brussel bevoegd is, de geschillen toegewezen betreffende de rechten en verplichtingen inzake tegemoetkomingen aan personen met een handicap evenals de rechten en verplichtingen voortvloeiend uit de wetgeving betreffende de sociale reclassering van personen met een handicap.

De elfde kamer neemt kennis van de geschillen betreffende de zaken van de tiende kamer, maar waarvoor de arbeidsauditeur van Brussel-Halle-Vilvoorde bevoegd is.

De twaalfde kamer krijgt, onder meer, de geschillen toegewezen betreffende de rechten en verplichtingen voortvloeiend uit de wetten en verordeningen betreffende het sociaal statuut, de gezinsuitkeringen, de verplichte ziekte- en invaliditeitsverzekering, de rust- en overlevingspensioenen ten voordele van de zelfstandigen.

De dertiende kamer neemt kennis van de geschillen die betrekking hebben op de sociale voorzieningen ten gunste van de zelfstandigen en, onder andere, betrekking hebben op:

  • de gelijkheid van behandeling tussen mannen en vrouwen voor wat de arbeidsvoorwaarden en de toegang tot de arbeidsmarkt, de beroepsvorming en -promotie alsook de toegang tot een zelfstandig beroep betreft;
  • sommige vormen van discriminatie in de arbeidsbetrekkingen en in de aanvullende socialezekerheidsstelsels;
  • daden ingegeven door racisme of vreemdelingenhaat in de arbeidsbetrekkingen en in de aanvullende socialezekerheidsstelsels.

De veertiende kamer neemt kennis van de geschillen betreffende de zaken van de dertiende kamer, maar waarvoor de arbeidsauditeur van Brussel-Halle-Vilvoorde bevoegd is.

De vijftiende kamer behandelt, onder andere, de vorderingen betreffende de organieke wet van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn voor zover ze betrekking hebben op de geschillen over de toekenning, de herziening, de weigering en de terugbetaling door de verkrijger van de maatschappelijke hulp en op de toepassing van de wettelijk voorziene administratieve sancties ter zake.

De zestiende kamer neemt kennis van de geschillen betreffende de zaken van de vijftiende kamer, maar waarvoor de arbeidsauditeur van Brussel-Halle-Vilvoorde bevoegd is.

De zeventiende en achttiende kamer behandelen de geschillen betreffende de collectieve schuldenregeling.

De negentiende en twintigste kamer zijn hulpkamers.

Zittingen

De kamers houden zitting op maandag, dinsdag, woensdag, donderdag en vrijdag.

De zaken in kortgeding en deze waarop de procedureregels zoals in kortgeding van toepassing zijn, worden ingeleid op dinsdag.

De zittingen in kortgeding of zoals in kortgeding kunnen gehouden worden in het kabinet van de voorzitter van de rechtbank, met open deuren.

De zittingen beginnen 's morgens om 9u30 en 's namiddags om 14 uur.

De kamers kunnen, naargelang de behoeften van de dienst, buitengewone zittingen houden waarvan zij zelf de dagen en uren bepalen, met het akkoord van de voorzitter van de rechtbank.

De organisatie van de zittingen gebeurt in blokken van 4 weken die op elkaar aansluiten. Deze blokken worden opgedeeld in week 1, week 2, week 3 en week 4. De eerste week 1 van elk gerechtelijk jaar is telkens de week waarin de eerste werkdag van september valt.

De zaken die bij verzoekschrift ingeleid worden, komen voor de bevoegde kamer.

Indien verschillende kamers bevoegd zijn voor dezelfde materie, is enkel de kamer met het laagste getal de inleidingskamer voor de zaken die bij dagvaarding ingeleid worden. De zaken ingeleid bij exploot van dagvaarding komen voor de hierna bepaalde kamers, volgens hun bijzondere bevoegdheden en op de volgende dagen en uren:

  • voor de eerste kamer: op de dinsdag van week 1, om 9u30u;
  • voor de derde kamer: op de dinsdag van week 1, om 9u30u;
  • voor de vijfde kamer: op de vrijdag van week 2 en week 4 om 9u30u;
  • voor de twaalfde kamer: op de dinsdag van week 1, om 9u30u;
  • voor het bureau voor rechtsbijstand: op de dinsdag van week 1, om 9u.

Voor de geschillen die onder de bevoegdheid van alle andere kamers vallen, worden de zaken die bij exploot van dagvaarding ingeleid worden voor de derde kamer gebracht en, hetzij gepleit op deze inleidingszitting, hetzij toegewezen aan de bevoegde kamer die ervan kennis neemt ten gronde.

Bijzondere regels

Wanneer de behoeften van de dienst dit rechtvaardigen, kan de voorzitter van de rechtbank, nadat hij het advies van de arbeidsauditeurs van Brussel en van Halle-Vilvoorde en van de hoofdgriffier van de Nederlandstalige arbeidsrechtbank ingewonnen heeft, het aantal kamers en hun bevoegdheden, het aantal zittingen, evenals de dag en het uur van hun zitting tijdelijk wijzigen.

De voorzitter van de rechtbank bepaalt, nadat hij het advies van de arbeidsauditeurs van Brussel en van Halle-Vilvoorde ingewonnen heeft, de dagen en uren van de vakantiezittingen. Hij wijst de magistraten aan die er zetelen. De voorzitter van de rechtbank kan, te allen tijde, die lijst wijzigen volgens de behoeften van de dienst.

Inwerkingtreding

Dit reglement treedt in werking zodra elk van de nieuwe kaders en taalkaders voor 90% ingevuld zijn.

Bron:Koninklijk Besluit van 26 maart 2014 tot vaststelling van het bijzonder reglement voor de Nederlandstalige arbeidsrechtbank te Brussel, BS 31 maart 2014.
Zie ook: Wet van 19 juli 2012 betreffende de hervorming van het gerechtelijk arrondissement Brussel, BS 22 augustus 2012. Koninklijk Besluit van 9 juli 2008 tot vaststelling van het bijzonder reglement voor de arbeidsrechtbank te Brussel, BS 19 augustus 2008 (opgeheven).

Catherine Bastien

Koninklijk besluit tot vaststelling van het bijzonder reglement voor de Nederlandstalige arbeidsrechtbank te Brussel

Afkondigingsdatum : 26/03/2014
Publicatiedatum : 31/03/2014

Gepubliceerd op 30-04-2014

  315