Bewijs van jachtrecht bij uitbreiding of betwisting van jachtterrein

Normaal gezien moet een jager elk jaar een jachtplan indienen van zijn jachtterrein, maar in de praktijk volstaat meestal een ‘verklaring van ongewijzigd jachtplan’. Als de jager zijn jachtterrein echter zou uitbreiden of aanpassen, moet hij vanaf dit jaar bewijzen dat hij wel degelijk het jachtrecht heeft op die nieuwe of gewijzigde percelen. Hóe hij dat bewijs kan leveren, staat in een ministerieel besluit van 12 juli 2016, dat nu pas wordt gepubliceerd.

Eigendomsakte of aanslagbiljet

Volgens dat ministerieel besluit kan het bestaan van een jachtrecht bewezen worden met een kopie van de eigendomsakte of met een kopie van het aanslagbiljet van de onroerende voorheffing.

Wie de administratie een kopie van het aanslagbiljet bezorgt, moet er rekening mee houden dat de arrondissementscommissaris bij twijfel toch nog een kopie van de eigendomsakte zal opvragen.

Een kopie volstaat, maar de jachtrechthouder moet de originele documenten kunnen voorleggen bij een controle.

Ander schriftelijk bewijs

Als uit de eigendomsakte of uit het aanslagbiljet van de onroerende voorheffing niet duidelijk blijkt of iemand het jachtrecht heeft op een bepaald perceel, moet de jachtrechthouder een document indienen met daarin ten minste de volgende gegevens:

  • de naam van de eigenaar of de jachtrechthouder die het jachtrecht op een bepaald perceel overdraagt en de naam van de persoon die het jachtrecht op dat perceel krijgt;
  • de begin- en einddatum van de overeenkomst waarin het jachtrecht wordt overgedragen;
  • de soorten jachtwild waarop de overeenkomst van toepassing is; en
  • het kadasternummer van het betrokken perceel.

De jachtrechthouder voegt ook hier kopies bij en houdt de originele documenten ter beschikking.

Bij uitbreiding, aanpassing of betwisting

Er bestaat momenteel geen algemene verplichting om het jachtrecht op een bepaald perceel te bewijzen. Een schriftelijk bewijs is alleen nodig in 3 gevallen:

  • wanneer een jachtrechthouder of wildbeheereenheid een perceel toevoegt, dat niet was opgenomen in een eerder goedgekeurd jachtplan;
  • wanneer een goedgekeurd jachtplan wordt aangepast tijdens het jachtseizoen. “Een aanpassing kan echter geen betrekking hebben op een uitbreiding van het jachtterrein”, staat er in het Jachtadministratiebesluit. Een aanpassing kan bijvoorbeeld voortvloeien uit een verkoop van een deel van het jachtterrein, met wijziging van de jachtrechten, of het kan gaan om een correctie van een foutief ingekleurd perceel; of
  • wanneer het perceel al voorkwam op een ander jachtplan. In dat geval ligt de bewijslast bij de nieuwe persoon die het jachtrecht claimt.

Een jachtplan is een kaart van aaneengesloten percelen waarop de zones worden aangeduid waarop een jager het jachtrecht heeft. Elke jachtrechthouder (of wildbeheereenheid) moet elk jaar, vóór 1 april, zo’n jachtplan indienen bij de arrondissementscommissaris van de provincie waar het jachtterrein, of althans het grootste gedeelte ervan, gelegen is. Als het jachtplan niet wijzigde, volstaat een verklaring waarin de jachtrechthouder uitdrukkelijk bevestigt dat het plan geen wijzigingen heeft ondergaan ten opzichte van het eerder goedgekeurde jachtplan. Het Agentschap voor Natuur en Bos heeft daarvoor modellen opgesteld.

De verplichting om een schriftelijk bewijs van het jachtrecht voor te leggen, bestond al bij overlappingen, maar het bewijs moet nu vóór 15 mei geleverd worden, terwijl dat volgens de oude regeling nog tot 15 juni kon. De verplichting om een bij een uitbreiding van het jachtterrein naast een nieuw voorstel van jachtplan, ook een schriftelijk bewijs van het jachtrecht toe te voegen, werd ingevoerd door een besluit van de Vlaamse regering van 15 april 2016. Hetzelfde besluit introduceerde ook de bewijsplicht bij een tussentijdse aanpassing van het jachtplan. Volgens dat regeringsbesluit hadden de jachtrechthouders tijd tot 1 juni 2016 om een schriftelijk bewijs van het jachtrecht voor te leggen voor het jachtseizoen van dit jaar.

De minister van Omgeving kon nog bepalen wat er minimaal in zo’n schriftelijk bewijs moest staan. Dat ministerieel besluit verscheen nu dus in het Belgisch Staatsblad; het treedt pas op 15 september 2016 in werking. Het MB zal dus maar van toepassing zijn op de voorstellen van jachtplan voor volgend jaar.

Overigens staat in het bewuste besluit van de Vlaamse regering ook nog dat het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB) een model van schriftelijk bewijs online zal zetten op zijn website, maar dat is nog niet het geval.

Op de website van het ANB vindt u wél al een (nog niet volledig) overzicht van de reeds gedigitaliseerde jachtplannen.

In werking op:

  • 15 september 2016.

Bron:Ministerieel besluit van 12 juli 2016 tot bepaling van de gegevens die minimaal moeten worden opgenomen in een schriftelijk bewijs van het jachtrecht op een perceel, BS 5 september 2016.
Zie ook:
  • Besluit van de Vlaamse Regering van 25 april 2016 houdende de administratieve organisatie van de jacht in het Vlaamse Gewest, BS 12 juni 2014 (Jachtadministratiebesluit).

Carine Govaert

Ministerieel besluit tot bepaling van de gegevens die minimaal moeten worden opgenomen in een schriftelijk bewijs van het jachtrecht op een perceel

Afkondigingsdatum : 12/07/2016
Publicatiedatum : 05/09/2016

Gepubliceerd op 05-09-2016

  129