Belgische wetgeving over marktmisbruik wordt verder afgestemd op recente Europese wetgeving

Wet tot wijziging van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten, met het oog op de tenuitvoerlegging van Verordening (EU) nr. 596/2014 betreffende marktmisbruik en de omzetting van Richtlijn 2014/57/EU betreffende strafrechtelijke sancties voor marktmisbruik en Uitvoeringsrichtlijn (EU) 2015/2392 met betrekking tot de melding van inbreuken, en houdende diverse bepalingen

Een nieuwe wet van 31 juli 2017 actualiseert de Belgische wetgeving over marktmisbruik om ze in overeenstemming te brengen met recente Europese regelgeving. Daartoe wijzigt ze de wet van 2 augustus 2002 ‘betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten’.

Europese regelgeving

De nieuwe wet van 31 juli 2017 zorgt hoofdzakelijk voor:
  • de gedeeltelijke tenuitvoerlegging in Belgisch recht van de Verordening marktmisbruik (verordening (EU) nr. 596/2014 van 16 april 2014),
  • de gedeeltelijke omzetting in Belgisch recht van de Richtlijn melding inbreuken (uitvoeringsrichtlijn (EU) 2015/2392 van 17 december 2015 bij verordening (EU) nr. 596/2014),
  • de omzetting in Belgisch recht van de Richtlijn strafrechtelijke sancties (richtlijn 2014/57/EU van 16 april 2014), en
  • de gedeeltelijke omzetting in Belgisch recht van de MiFID II-richtlijn (richtlijn 2014/65/EU van 15 mei 2014).

Verordening marktmisbruik en Richtlijn melding inbreuken

De nieuwe wet van 31 juli 2017 zorgt onder meer voor de uitvoering van de volgende bepalingen uit de Verordening marktmisbruik:
  • de bepalingen over de aanduiding van de bevoegde autoriteit (FSMA),
  • de toezichtsbevoegdheden waarover deze autoriteit minstens moet beschikken, en
  • de administratieve sancties en andere administratieve maatregelen die deze autoriteit minstens moet kunnen opleggen bij inbreuken op de verordening.
Daartoe wordt voornamelijk de wet van 2 augustus 2002 ‘betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten’ gewijzigd.
De Verordening machtsmisbruik werd trouwens al in belangrijke mate ten uitvoer gelegd door de wet van 27 juni 2016 (die ook de wet van 2 augustus 2002 wijzigde).
Zo werd de FSMA als bevoegde autoriteit aangeduid en werden de maximumbedragen van de administratieve geldboetes verhoogd die bij inbreuken op de Verordening marktmisbruik kunnen worden opgelegd. Bovendien werd bevestigd dat de FSMA bij de uitoefening van haar toezicht op de naleving van de Verordening marktmisbruik haar bestaande onderzoeksbevoegdheden en maatregelen kan uitoefenen en nemen, en werden sommige van deze bevoegdheden en maatregelen verfijnd om rekening te houden met de vereisten van de Verordening marktmisbruik.
Onderzoeksbevoegdheden en maatregelen waarin er overeenkomstig de Verordening marktmisbruik moet worden voorzien, maar die minder dringend en/of innovatiever zijn en (in sommige gevallen) ook aan andere bevoegdheidsdomeinen kunnen raken, werden nog niet ingevoerd door de wet van 27 juni 2016.
Zij worden nu dus in deze nieuwe wet van 31 juli 2017 opgenomen of verfijnd.
Het gaat voornamelijk om de volgende bevoegdheden en maatregelen:
  • het beroepsverbod,
  • het opvragen van elektronische communicatiegegevens,
  • de inbeslagneming,
  • de huiszoeking, en
  • de klokkenluidersregeling.
Enkele van deze wijzigingen strekken ook al tot de omzetting van de MiFID II-richtlijn. Wat betreft de klokkenluidersregeling, wordt zo ook de Richtlijn melding inbreuken, die regels vaststelt ter specificatie van de in artikel 32 van de Verordening marktmisbruik vermelde meldingsmechanismen, al gedeeltelijk omgezet.
Daarnaast worden er in de wet van 2European Securities and Markets Authority) voor marktmisbruik voortaan rechtstreeks voortvloeien uit de Verordening marktmisbruik.

Richtlijn strafrechtelijke sancties

De Richtlijn strafrechtelijke sancties stelt minimumvoorschriften vast voor strafrechtelijke sancties voor handel met voorwetenschap, wederrechtelijke openbaarmaking van voorwetenschap en marktmanipulatie, om de integriteit van de financiële markten in de Europese Unie te garanderen en de bescherming van de beleggers en het vertrouwen in deze markten te verhogen.
Deze richtlijn verplicht de lidstaten om in het nationaal recht strafrechtelijke sancties te voorzien voor ten minste de meest ernstige en opzettelijk gepleegde vormen van marktmisbruik. De richtlijn vormt op deze manier een aanvulling op en waarborgt de doeltreffende uitvoering van de Verordening marktmisbruik.
In ons Belgisch recht werden er al naast administratieve sancties strafrechtelijke bepalingen inzake marktmisbruik opgenomen, nl. in de artikelen 39,40 en 43 van de wet van 2 augustus 2002.
De nieuwe wet van 31 juli 2017 wijzigt deze bepalingen op een aantal punten, om ze nog beter in overeenstemming te brengen met de Richtlijn strafrechtelijke sancties.
Ten slotte wijzigt de wet van 31 juli 2017 in artikel 2 van de wet van 2 augustus 2002 een aantal definities en voegt ze er nog enkele toe, ter verdere omzetting van de Richtlijn strafrechtelijke sancties. Op deze manier worden er ook al verschillende definities van de MiFID II-richtlijn omgezet.

In werking

De wet van 31 juli 2017 treedt in werking op 21 augustus 2017, tien dagen na de bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad.
Op deze algemene regel zijn er echter meerdere afwijkingen van toepassing.
Bron: Wet van 31 juli 2017 tot wijziging van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten, met het oog op de tenuitvoerlegging van Verordening (EU) nr. 596/2014 betreffende marktmisbruik en de omzetting van Richtlijn 2014/57/EU betreffende strafrechtelijke sancties voor marktmisbruik en Uitvoeringsrichtlijn (EU) 2015/2392 met betrekking tot de melding van inbreuken, en houdende diverse bepalingen, BS 11 augustus 2017.
Zie ook:
- Wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten, BS 4 september 2002.
- Verordening (EU) nr. 596/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 betreffende marktmisbruik (Verordening marktmisbruik) en houdende intrekking van Richtlijn 2003/6/EG van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijnen 2003/124, 2003/125/EG en 2004/72/EG van de Commissie, Pb.L. 12 juni 2014, afl. 173 (Verordening machtmisbruik).
- Richtlijn nr. 2014/57/EU van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 betreffende strafrechtelijke sancties voor marktmisbruik (Richtlijn marktmisbruik), Pb.L. 12 juni 2014, afl. 173 (Richtlijn strafrechtelijke sancties).
- Uitvoeringsrichtlijn (EU) nr. 2015/2392 van de Commissie van 17 december 2015 bij Verordening (EU) nr. 596/2014 van het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot de melding van daadwerkelijke of potentiële inbreuken op deze verordening aan de bevoegde autoriteiten, Pb.L. 18 december 2015, afl. 332 (Richtlijn melding inbreuken).
- Richtlijn nr. 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende markten voor financiële instrumenten en tot wijziging van Richtlijn 2002/92/EG en Richtlijn 2011/61/EU, Pb.L. 12 juni 2014, afl. 173 (MiFID II-richtlijn).
Karin Mees
  1269