Beleggers kunnen taks op omzetting van effecten aan toonder terugeisen

Beleggers kunnen de beurstaks die ze betaald hebben op de omzetting van hun effecten aan toonder, terugeisen van de fiscus. Het Grondwettelijk Hof vernietigde de omzettingstaks retroactief in zijn arrest nr. 14/2015 van 5 februari 2015.

Verplichte omzetting toondereffecten

Sinds 1 januari 2008 mogen er in ons land geen toondereffecten meer uitgegeven worden. Effecten die vóór 1 januari 2008 werden uitgegeven en die niet van rechtswege werden omgezet, moesten vóór 1 januari 2014 omgezet zijn in effecten op naam (bij de vennootschap die de effecten had uitgegeven) of in gedematerialiseerde effecten (op een effectenrekening bij een financiële instelling).

Om te vermijden dat nog heel wat toondereffecten eind 2013 zouden moeten omgezet worden, voerde de Regering een taks in die hoger werd naarmate de uiterste omzettingsdatum dichterbij kwam. Die taks bedroeg:

  • 1% voor alle omzettingen die gerealiseerd werden in de loop van 2012; en
  • 2% voor alle omzettingen die gerealiseerd werden in de loop van 2013.

De taks moest ‘betaald’ worden door de ‘tussenpersonen van beroep’ (financiële instellingen) bij de inschrijving van de effecten op een effectenrekening, en door de ‘uitgevende vennootschap’ als de effectenhouders de omzetting vroegen in effecten op naam. In de praktijk rekenden die tussenpersonen en vennootschappen de taks wel door aan de houders van de om te zetten effecten.

Er was geen taks verschuldigd op toondereffecten die vóór 1 januari 2014 vervielen.

GwH vernietigt omzettingstaks

Het Europees Hof van Justitie oordeelde al op 9 oktober 2014 dat de omzettingstaks in strijd is met richtlijn 2008/7/EG van 12 februari 2008 die indirecte belastingen op het bijeenbrengen van kapitaal verbiedt (HvJ, Isabelle Gielen, C-299/13). Dat arrest kwam er na een prejudiciële vraag van het Grondwettelijk Hof.

Daarom vernietigt het Grondwettelijk Hof de omzettingstaks nu retroactief (GwH, arrest nr. 14/2015 van 5 februari 2015)

Terugbetaling omzettingstaks

Financiële instellingen en vennootschappen die de omzettingstaks hebben betaald, kunnen die dus nu van de fiscus terugeisen. Beleggers aan wie de financiële instellingen of de banken de taks hebben doorgerekend, vorderen best de taks terug van die instellingen of ondernemingen.

Bron:Grondwettelijk Hof. Arr. nr. 12/2015: - Wet van 28 december 2011 houdende diverse bepalingen (art. 61 tot 68 en 69, tweede lid)- Vernietiging - Rolnummer(s): 5451 - Fiscaal recht - Diverse rechten en taksen - Belasting op de omzetting van effecten aan toonder. Europees recht - Indirecte belastingen op het bijeenbrengen van kapitaal - Verbod - Uitzonderingen.
Zie ook:– Europees Hof van Justitie. Zaak C-299/13: Verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door het Grondwettelijk Hof (België) op 30 mei 2013 — Isabelle Gielen tegen Ministerraad, Pb.C. 3 augustus 2013, afl. 226, p. 11.– Wet van 28 december 2011 houdende diverse bepalingen, BS 30 december 2011– art. 61-69. – Richtlijn 2008/7/EG van de Raad van 12 februari 2008 betreffende de indirecte belastingen op het bijeenbrengen van kapitaal, Pb.L. 21 februari 2008, afl. 46, p. 11.– Wet van 14 december 2005 houdende afschaffing van de effecten aan toonder, BS 23 december 2005;Err. BS 6 februari 2006.

Christine Van Geel

Wet houdende diverse bepalingen

Afkondigingsdatum : 28/12/2011
Publicatiedatum : 30/12/2011

Gepubliceerd op 06-02-2015

  119