Basiswet gevangeniswezen en rechtspositie gedetineerden krijgt update (art. 115- 156 Potpourri IV)

De Basiswet over het gevangeniswezen en de rechtspositie van gedetineerden krijgt een grondige update. In eerste instantie om bepaalde begrippen te verduidelijken en werkbaarder te maken in de huidige penitentiaire context. Maar de vierde Potpourri-wet realiseert ook de overdracht van de toezichtsorganen (de Centrale Toezichtsraad en de Lokale commissies van toezicht) aan het parlement zoals voorzien in het regeerakkoord.

Onafhankelijkheid

Die overdracht blijkt cruciaal om de onafhankelijkheid van deze organen te verzekeren, zowel op vlak van werking als op het gebied van personele en financiële middelen. Tot nog toe was dit een dubbel gegeven aangezien de organen afhangen van het Instituut (FOD Justitie, penitentiaire administratie) waar ze controle op moeten uitoefenen. De hervorming moet ook zorgen voor een efficiënte financiering. In dat opzicht zal een permanent bureau worden aangesteld (met een secretariaat). De organen zullen een parlementaire dotatie krijgen, de leden van de commissies een vergoeding voor hun prestaties.

Taken, samenstelling, middelen

De wetgever introduceert een pak nieuwe bepalingen met betrekking tot de samenstelling van de Centrale Toezichtsraad, de bevoegdheden en middelen.

De Centrale raad zal

  • onafhankelijk toezicht houden op de gevangenissen, de bejegening van de gedetineerden en de naleving van de hen betreffende voorschriften;
  • advies verlenen over het gevangeniswezen en de uitvoering van vrijheidsstraffen en vrijheidsbenemende maatregelen aan de Kamer van volksvertegenwoordigers, de minister van Justitie en de minister bevoegd voor penitentiaire gezondheidszorg;
  • commissies van toezicht oprichten en de werking ervan ondersteunen, coördineren en controleren;
  • een jaarlijks werkingsverslag opstellen. Dat is bestemd voor het Parlement, nadat het is voorgelegd aan de ministers van Justitie en Penitentiaire gezondheidszorg.

De raad telt 12 leden, 6 Nederlandstalige en 6 Franstalige (met elk een plaatsvervanger). Ieder van hen wordt benoemd door de Kamer van Volksvertegenwoordigers. Vier raadsleden vormen samen een permanent bureau. Zij werken voltijds voor de raad en kunnen in principe geen andere beroepsactiviteit uitoefenen tijdens hun 5 jarig mandaat. Dat mandaat kan trouwens 2 keer hernieuwd worden. De Kamer stelt de bezoldiging vast van de bureauleden en de andere leden van de raad.

In het verlengde daarvan zijn er gelijkaardige wijzigingen voor de Lokale commissies van toezicht. De Centrale Toezichtsraad richt bij elke gevangenis een commissie op en brengt de Kamer van Volksvertegenwoordigers daarvan op de hoogte. Iedere commissie bestaat uit minstens 8 en maximum 12 leden (met evenveel plaatsvervangers). De leden worden door de Centrale raad benoemd voor een periode van 5 jaar (2 keer hernieuwbaar). De Kamer bepaalt ook hier de vergoedingsregels voor de leden.

Werkbaarder

De andere wijzigingen zijn minder fundamenteel van aard, maar moeten de wet werkbaarder maken in de hedendaagse context. We stippen er enkele kort aan:

  • classificatie gevangenissen: de penitentiaire administratie wil de gevangenissen indelen per veiligheidsniveau en een capaciteit bepalen in relatie tot de reële gevaarlijkheid van de gedetineerden, louter dan op basis van de hoogte van de veroordeling. De huidige bewoordingen van de Basiswet laten dat nu niet toe. Ze worden daarom aangepast;
  • communicatiemiddelen: de wet stelt voortaan uitdrukkelijk dat ‘elk telecommunicatiemiddel dat niet door de penitentiaire administratie ter beschikking wordt gesteld van gedetineerden of dat niet is toegelaten door of krachtens de Basiswet, verboden is’;
  • fouilles: de bewoordingen van de bepalingen met betrekking tot de fouilles door het bewakingspersoneel worden moderner. Momenteel zegt de wet dat het onderzoek aan de kledij en de fouillering aan het lichaam uitgevoerd moeten worden door ‘de directeur gemandateerde leden van het bewakingspersoneel’. De woorden ‘door de directeur gemandateerde’ is te formalistisch en wordt geschrapt;
  • bemiddeling: bij formele klachten kan bemiddeling voortaan worden opgestart, tenzij de directeur dat niet wenselijk vindt.

9 januari 2017

Hoofdstuk 22 bevat geen specifieke datum van inwerkingtreding. De bepalingen worden dus volgens de algemene regel van kracht, 10 dagen na publicatie in het Belgisch Staatsblad. Dat is 9 januari 2017.

Bron:Wet van 25 december 2016 tot wijziging van de rechtspositie van de gedetineerden en van het toezicht op de gevangenissen en houdende diverse bepalingen inzake justitie, BS 30 december 2016. (art. 115-156 Potpourri IV)
Zie ook: Basiswet van 12 januari 2005 betreffende het gevangeniswezen en de rechtspositie van de gedetineerden, BS 1 februari 2005.

Laure Lemmens

Wet tot wijziging van de rechtspositie van de gedetineerden en van het toezicht op de gevangenissen en houdende diverse bepalingen inzake justitie

Afkondigingsdatum : 25/12/2016
Publicatiedatum : 30/12/2016

Gepubliceerd op 03-02-2017

  1185