Assessoren kunnen bijkomend zetelen in andere strafuitvoeringsrechtbank (art. 48 Potpourri III-wet)

De eerste voorzitter van het hof van beroep kan opdracht geven aan een assessor om zijn ambt bijkomend uit te oefenen in een strafuitvoeringsrechtbank van een ander rechtsgebied. De assessor kan hier wel niet toe verplicht worden. Bijkomend zetelen in een andere strafuitvoeringsrechtbank kan alleen maar als hij daarmee instemt.

De eerste voorzitter van het hof van beroep geeft die opdracht op vraag van een voorzitter van een rechtbank van eerste aanleg van een andere rechtsgebied. Hij kan die opdracht geven aan een werkend of plaatsvervangend assessor.

In zijn beschikking vermeldt de eerste voorzitter waarom hij die opdracht geeft. En hij omschrijft er ook de nadere regels van.

Die nieuwe regeling moet er voor zorgen dat het ambt van assessor van een bepaalde categorie (bv. van assessor in interneringszaken gespecialiseerd in klinische psychologie) zoveel mogelijk wordt uitgeoefend door assessoren van die categorie. Als er in het betrokken rechtsgebied geen werkend of plaatsvervangend assessor van die categorie meer is, kan men met die nieuwe regel op zoek gaan naar een assessor van diezelfde categorie buiten het rechtsgebied van de strafuitvoeringsrechtbank.

Artikel 48 van de wet van 4 mei 2016 treedt in werking op 1 oktober 2016. De dag waarop de interneringswet van 2014 in werking treedt.

Bron:Wet van 4 mei 2016 houdende internering en diverse bepalingen inzake Justitie, BS 13 mei 2016 (art. 48 Potpourri III-wet)
Zie ook:Gerechtelijk Wetboek (art. 196quinquies)

Ilse Vogelaere

Wet houdende internering en diverse bepalingen inzake Justitie

Afkondigingsdatum : 04/05/2016
Publicatiedatum : 13/05/2016

Gepubliceerd op 13-06-2016

  87