Nieuwe correctionele hoofdstraffen voor natuurlijke personen

Decaigny TomTom Decaigny schreef voor het Tijdschrift voor Strafrecht (T.Strafr.) een bijdrage over de straf onder elektronisch toezicht en de autonome probatiestraf. Dit zijn twee nieuwe correctionele hoofdstraffen (T.Strafr. 2014, afl. 4). Hierna vindt u een samenvatting van deze bijdrage.

Lees het volledige artikel op Jura.

Recente wetgeving van 2014 breidt het strafarsenaal in correctionele zaken uit met twee nieuwe hoofdstraffen, de straf onder elektronisch toezicht en de autonome probatiestraf. Deze straffen zijn verwant aan een strafuitvoeringsmodaliteit van de gevangenisstraf, respectievelijk een mogelijkheid om proefperiodes bij het uitstel en de opschorting invulling te geven. Wetstechnisch zijn deze straffen dan weer geschoeid op de leest van de werkstraf.

De wetten van 7 februari en 10 april 2014 voeren de straf onder elektronisch toezicht en de autonome probatiestraf toe aan de straffen voor natuurlijke personen in. De inwerkingtreding is afhankelijk van nog te publiceren koninklijke besluiten. Dan zal de straf onder elektronisch toezicht qua zwaarte een plaats innemen tussen de gevangenisstraf en de werkstraf; de autonome probatiestraf wordt op haar beurt een lichtere straf dan de werkstraf, maar zwaarder dan de geldboete.

De autonome probatiestraf

Anders dan de klassieke probatiemaatregel in het kader van de probatiewet, ligt de nadruk bij de autonome probatiestraf op de strafcomponent. Dit staat er echter niet aan in de weg dat de wet de instemming van de beklaagde vereist om tot het opleggen van deze straf te kunnen besluiten, en de instemming moet – tenminste volgens de parlementaire voorbereiding – betrekking hebben op het probleem dat de betrokkene dient aan te pakken.

Vreemd genoeg krijgt de feitenrechter een eerder beperkte rol met betrekking tot de inhoud van deze straf. Zo sluit de wet bijvoorbeeld een maatschappelijke enquête uit. De rechter bepaalt de duur van de straf en geeft aanwijzingen omtrent de invulling. De invulling gebeurt vervolgens door de justitie-assistent en de probatiecommissie.

De autonome probatiestraf heeft een door de rechter bepaalde duurtijd en geen proefperiode. Voert de veroordeelde de straf niet uit, dan wordt de vervangende straf uitgevoerd.

Straf onder elektronisch toezicht

De straf onder elektronisch toezicht betreft de vrijheidsbeperking van de veroordeelde door deze een dagschema op te leggen. De rol van de feitenrechter wordt in deze versterkt, aangezien de rechter door de nieuwe wetgeving rechtstreeks deze straf kan opleggen, aanwijzingen kan geven omtrent de invulling van de straf en geïndividualiseerde voorwaarden kan opleggen. Ook hier wordt een vervangende gevangenisstraf bepaald door de feitenrechter. De duur van de straf onder elektronisch toezicht bedraagt tenminste een maand en ten hoogste een jaar. Hierdoor is de straf onder elektronisch toezicht steeds een correctionele straf. De autonome probatiestraf kan daarentegen zowel een politiestraf als een correctionele straf zijn, met een duur van meer dan een jaar tot twee jaar, respectievelijk zes tot twaalf maanden.

Na uitvoering van een derde van de straf onder elektronisch toezicht kan de veroordeelde een schorsing van deze straf vragen, naar analogie met de vervroegde invrijheidstelling bij fysieke detentie.


De auteur is gerechtelijk stagiair.

Bron: Tom DECAIGNY, "Nieuwe correctionele hoofdstraffen: de straf onder elektronisch toezicht en de autonome probatiestraf", T.Strafr. 2014, afl. 4, 211-225.

De volledige tekst vindt u in het Tijdschrift voor Strafrecht (T.Strafr.). Klik hier voor meer informatie over het Tijdschrift voor Strafrecht (T.Strafr.), alsook voor de abonnementsvoorwaarden. 

U kunt de tekst van Tom Decaigny integraal lezen in elektronische vorm via Jura.

Op Jura vindt u meer rechtsleer over correctionele hoofdstraffen.


Gepubliceerd op 15-10-2014

  326