Staking 10 oktober: wat met een ontslag om dringende reden?

De socialistische vakbonden hebben een stakingsaanzegging ingediend voor 10 oktober in de hele openbare sector. Dit betekent dat treinen en bussen niet of nauwelijks zullen rijden. Ook de postbedeling zal hinder ondervinden. Maar wat als een werkgever net die dag een ontslag om dringende reden wil uitvoeren? Annelies Bries bespreekt de mogelijkheden in Sociale wegwijzer.

Gepubliceerd op 10-10-2017

annelies-bries-x
Annelies Bries
Juridisch adviseur, Acerta
letters-2049168

Aangezien het ontslag om dringende reden voor de werknemer aanzienlijke gevolgen heeft, moet een strikte procedure gerespecteerd worden. Een werkgever moet niet alleen het ontslag zelf ter kennis brengen van zijn werknemer, hij moet de werknemer ook de redenen van zijn ontslag melden.

Artikel 35 van de arbeidsovereenkomstenwet legt vast op welke wijze de kennisgeving van beiden moet gebeuren en bepaalt eveneens een dubbele te respecteren termijn: één voor de verbreking van de arbeidsovereenkomst en één voor de betekening van de ontslagredenen. Wat echter als een staking van bpost roet in het eten gooit en de werkgever de opgelegde termijnen niet kan respecteren?

Verbreking van de arbeidsovereenkomst

Binnen de drie werkdagen waarin de werkgever kennis krijgt van de feiten die aanleiding geven tot het ontslag om dringende reden, moet de werkgever tot het ontslag overgaan. De dringende reden maakt een onmiddellijk einde aan de arbeidsovereenkomst en de werknemer moet na kennisname van zijn ontslag dus niet meer aan het werk gaan.

Het ontslag zelf is niet onderworpen aan enige vormvereisten. Het volstaat in principe zelfs dat aan de werknemer mondeling wordt meegedeeld dat hij de werkplaats onmiddellijk moet verlaten. Uiteraard is het om bewijsredenen wel meer dan aangewezen om één en ander per aangetekende brief te formuleren, maar het is geen must.

Wil de werkgever net op de dag van de staking van bpost de arbeidsovereenkomst van een werknemer verbreken, dan zou hij dus een alternatief voor het aangetekend schrijven kunnen zoeken. Op welke wijze de werkgever het ontslag ook communiceert aan zijn werknemer, hij moet er voor zorgen dat hij de ontslaghandeling kan aantonen. Dat kan hij met alle middelen van recht.

Een aangetekend schrijven blijft echter het middel bij uitstek om het bewijs van ontslag en het bewijs van het respecteren van de driedaagse termijn aan te tonen. Het volstaat dat de aangetekende zending verzonden werd binnen de termijn van drie werkdagen. Dat de aangetekende zending pas met vertraging toekomt bij de werknemer omwille van een staking bij de postdiensten, heeft dus geen invloed.

In het geval echter dat de werkgever de betekening van het ontslag uitstelt tot de laatste mogelijke werkdag en indien er net die dag een staking van de postdiensten is, zal hij een alternatief moeten zoeken. Werken met een deurwaardersexploot is dan het meest aangewezen en laat het best toe om het respecteren van het ontslag en de termijn te bewijzen.

Kennisgeving van de dringende reden

Nadat de arbeidsovereenkomst werd beëindigd, beschikt de werkgever over een nieuwe termijn van drie werkdagen om de ontslagmotivering ter kennis te brengen van de werknemer. In tegenstelling tot de verbreking zelf, moet de betekening van de motivering steeds schriftelijk gebeuren, ofwel bij aangetekend schrijven, bij deurwaardersexploot of door schriftelijke afgifte aan de werknemer die moet tekenen voor ontvangst.

Respecteert de werkgever deze termijnen of vormvoorwaarden niet, dan zal de kennisgeving als nietig beschouwd worden. Het ontslag heeft dan wel plaatsgevonden, maar de werkgever zal een verbrekingsvergoeding verschuldigd zijn aan zijn werknemer.

Om na te gaan of de kennisgeving per aangetekend schrijven binnen de termijn van drie werkdagen gebeurde, wordt gekeken naar de datum van verzending van het aangetekend schrijven. Het is bijgevolg geen must dat de werknemer het aangetekend schrijven binnen de termijn van drie werkdagen ontvangt.

Verstuurt de werkgever zijn aangetekend schrijven binnen de termijn van drie werkdagen en voordat de staking van bpost aanvangt, dan heeft hij in theorie voldaan aan zijn verplichting, ongeacht hoe lang het aangetekend schrijven onderweg is. Uiteraard is het steeds aan de werkgever om te bewijzen dat hij het aangetekend schrijven tijdig verzonden heeft. Het is dus aangeraden om het bewijs van aangetekende zending zorgvuldig te bewaren.

Wat als een werkgever de laatste dag van de termijn van drie dagen afwacht en net die dag is er een staking van bpost? In dergelijk geval zal de werkgever geen andere keuze hebben dan de kennisgeving uit te voeren per gerechtsdeurwaardersexploot. Doet hij dat niet, dan zal hij de strikte termijn niet kunnen respecteren en zal hij een verbrekingsvergoeding verschuldigd zijn.

Een werkgever heeft dus voldoende andere middelen dan een aangetekend schrijven die hij kan aanwenden om in geval van een staking van bpost toch de procedure en termijnen van artikel 35 te kunnen respecteren. Een rechter zal vermoedelijk dan ook niet aanvaarden dat een werkgever overmacht inroept om de strikte termijnen te verlengen.

 

> Lees ook het artikel 'Dinsdag 10 oktober 2017: staking openbare sector', over de gevolgen voor werknemers die niet (tijdig) op het werk geraken.

Over de auteur

annelies-bries

Annelies Bries is juridisch adviseur bij Acerta.

Zij is gespecialiseerd in tijdskrediet, thematische verloven, de arbeidswet en nieuwe arbeidsregelingen en schrijft geregeld bijdragen voor het tijdschrift Sociale wegwijzer

  469