Sociale verkiezingen 2020 – de spelregels voor de kandidatenlijsten

Uit Oriëntatie nr. 10 van 2019, pagina's 346-368

Van 11 tot en met 24 mei 2020 vinden in heel wat ondernemingen de volgende vierjaarlijkse sociale verkiezingen plaats van de werknemersafgevaardigden in de ondernemingsraad en in het comité voor preventie en bescherming op het werk. De wetgeving inzake sociale verkiezingen onderwerpt de voordracht van de kandidaten aan een reeks strikte regels en termijnen.

Gepubliceerd op 24-01-2020

In zijn bijdrage die zopas verschenen is in het tijdschrift Oriëntatie, bespreekt Olivier Wouters, advocaat-vennoot bij Claeys & Engels, deze spelregels in detail, met een bijzondere aandacht voor de recente wetswijzigingen evenals voor de rechtspraak betreffende de vorige verkiezingsedities. We legden hem alvast enkele vragen voor.

olivier-wouters

Wie mag kandidaten voordragen?

'Voor alle personeelscategorieën (d.w.z. arbeiders, bedienden, kaderleden en jeugdige werknemers) kunnen de kandidatenlijsten ingediend worden door de representatieve interprofessionele werknemersorganisaties. Het gaat dus om het ABVV, de ACLVB en het ACV. Bij vorige verkiezingsedities leidde dit monopolie tot een uitgebreid betwisting, met meerdere debatten voor de arbeidsrechtbanken, het Hof van Cassatie evenals het Grondwettelijk Hof. Deze vorderingen werden allen afgewezen. Voor de ondernemingsraad kunnen, wanneer er een afzonderlijk kiescollege voor kaderleden is, de kandidatenlijsten voor deze categorie ook worden ingediend door de NCK. Daarnaast kan ook een zogenaamde interne kaderlijst worden ingediend als minstens 10% van de kaderleden van de onderneming deze lijst ondersteunt.'

Hoe worden de kandidatenlijsten ingediend?

'De kandidatenlijsten moeten ten laatste op dag X+35 bij de werkgever ingediend worden. Voor deze verkiezingen valt dag X+35 in de periode van 17 maart tot en met 30 maart 2020. De indiening kan gebeuren door verzending of overhandiging van papieren kandidatenlijsten. De indiening kan ook gebeuren via elektronische wijze via de webapplicatie van de FOD WASO.'

Gelden er specifieke verkiesbaarheidsvoorwaarden?

'Ja, de wet bepaalt een beperkt aantal voorwaarden waaraan de kandidaat moet voldoen. Deze voorwaarden moeten allen voldaan zijn op de datum van de sociale verkiezingen in het bedrijf. In de eerste plaats moet hij een werknemer zijn. Hij mag echter niet behoren tot het leidinggevend personeel, of de rol van preventieadviseur of vertrouwenspersoon hebben. Daarnaast moet de kandidaat op de verkiezingsdag minstens zes maanden anciënniteit hebben. Is dat niet het geval, dan moet gekeken worden of hij in 2019 binnen de technische bedrijfseenheid voor een totale periode van negen maanden tewerkgesteld was. Tot slot moet de kandidaat op de verkiezingsdatum minstens 18 jaar maar jonger dan 65 jaar zijn. Komt de kandidaat op voor de categorie van ‘jeugdige werknemers’, dan moet hij jonger dan 25 jaar zijn. Of deze voorwaarden voldaan zijn leidt bij elke verkiezingsronde tot een waaier aan betwistingen.'

Hoeveel werknemers mogen zich kandidaat stellen?

element5-digital-t9cxbzluvic-unsplash

'Het aantal kandidaten hangt af van het aantal mandaten die ingevuld mogen worden als personeelsafgevaardigde in het preventiecomité en in de ondernemingsraad. Dit aantal mandaten wordt door de wet bepaald volgens het aantal werknemers dat in de technische bedrijfseenheid tewerkgesteld wordt op dag X, zijnde 90 dagen vóór de verkiezingsdag. Dag X valt dit jaar in de periode die loopt van 11 februari tot en met 24 februari 2020.'

'Sinds een arrest van het Hof van Cassatie van 30 maart 2009 is het duidelijk dat ook uitzendkrachten die op dag X tewerkgesteld zijn bij de gebruiker in aanmerking moeten worden genomen voor het berekenen van het aantal mandaten voor de organisatie van de verkiezingen bij deze gebruiker. Dit geldt niet voor een uitzendkracht die een vaste werknemer vervangt waarvan de uitvoering van de arbeidsovereenkomst is geschorst.'

U bespreekt in uw bijdrage ook de zogenaamde 'occulte bescherming'. Waarover gaat dat?

'De kandidaat-personeelsafgevaardigden voor de sociale verkiezingen genieten een bijzondere ontslagbescherming. Deze bescherming geldt ook voor de niet-verkozen kandidaat. De ontslagbescherming komt er in essentie op neer dat de werknemer enkel maar ontslagen kan worden om twee redenen: ofwel wegens een dringende reden (die op voorhand erkend moet worden door de arbeidsgerechten), ofwel wegens een economische of technische reden (die op voorhand erkend moet worden door het paritair comité waaronder de werkgever ressorteert en desgevallend door de arbeidsgerechten).'

'De kandidaten genieten de bijzondere ontslagbescherming vanaf dag X-30. Op dat tijdstip heeft de werkgever nog geen kennis van de kandidatenlijsten aangezien die hem pas op dag X+35 bezorgd moeten worden. Deze periode van 65 dagen noemen we daarom ook de “occulte beschermingsperiode”. Elk ontslag dat plaatsvindt tijdens deze periode is niet zonder juridisch risico aangezien de ontslagen werknemer zich alsnog kandidaat kan stellen bij de verkiezingen. Hij geniet dus met terugwerkende kracht de ontslagbescherming. De occulte beschermingsperiode leidt doorgaans tot een waaier aan betwisting. Dat was niet anders bij de laatste sociale verkiezingen.'

Kunnen kandidatenlijsten betwist worden?

'Ja, de wet voorziet in een strikte kalender die gevolgd moet worden als men een of meerdere kandidaten wenst te betwisten. Die betwisting kan gaan over de vraag of de kandidatuur voldoet aan alle wettelijke verkiesbaarheidsvoorwaarden (zoals bijvoorbeeld de anciënniteit). Daarnaast kan een werkgever een kandidatuur betwisten omdat hij meent dat die is ingegeven voor rechtsmisbruik. Bij de vorige sociale verkiezingseditie van 2016 zijn er heel wat geschillen geweest omtrent de kandidatenlijsten.'

  519