Opzeggingsvergoeding bij loopbaanvermindering zorg kind

Op welke basis moet de opzeggingsvergoeding worden berekend van werknemers die op het ogenblik van hun ontslag hun prestaties hebben verminderd: is dat het verminderde loon van het ogenblik van het ontslag, of het volledige loon van vóór de vermindering van de arbeidsprestaties, dat zij eventueel ook terug zullen krijgen na de periode van de vermindering? 

Gepubliceerd op 03-12-2019

istock-931543250

Die discussie kwam al herhaaldelijk aan bod in de rechtspraak van het Hof van Justitie, van het Grondwettelijk Hof en van de feitenrechters en gaf aanleiding tot twee wetswijzigingen.  

Het is de reden van de vermindering van de arbeidsprestaties die bepaalt of met het verminderde loon van op het ogenblik van het ontslag, dan wel met het volledige loon van vóór die vermindering moet worden rekening gehouden (zie in de tabel hieronder).

Het Grondwettelijk Hof spreekt zich in een arrest van 7 november 2019 (nr. 172/2019) uit over de situatie waarin de ontslagen werknemer zijn arbeidsprestaties had verminderd “om voor zijn kind te zorgen tot de leeftijd van acht jaar” in het kader van de CAO nr. 103 tot invoering van een stelsel van tijdskrediet, loopbaanvermindering en landingsbanen. 

Het betreft een van de mogelijkheden voor een loopbaanvermindering met motief waarin is voorzien door de CAO nr. 103. Die mogelijkheid bestaat naast het recht op ouderschapsverlof zoals geregeld door een koninklijk besluit van 29 oktober 1997. 

Het Grondwettelijk Hof oordeelt dat het niet strijdig is met de Grondwet bij de vaststelling van het bedrag van de opzeggingsvergoeding van een werknemer die in het kader van de CAO nr. 103 zijn arbeidsprestaties heeft verminderd om voor zijn kind te zorgen, uit te gaan van het lopende loon dat overeenstemt met de verminderde activiteiten.

Het Hof verwijst daarbij naar zijn eerdere arresten waarin het reeds heeft geoordeeld dat het verschil in behandeling tussen:

  • de werknemer die ouderschapsverlof geniet,
  • en de werknemer die zijn arbeidsprestaties heeft verminderd in het kader van een andere vorm van loopbaanvermindering of van tijdskrediet,

ten aanzien van de berekening van het lopende loon voor de door de werkgever verschuldigde opzeggingsvergoeding, redelijk verantwoord is. 

Of anders gezegd: loopbaanvermindering voor de zorg voor een kind in het kader van de CAO nr. 103 verschilt van de regeling van het ouderschapsverlof en dat verschil heeft als gevolg dat het niet strijdig is met het gelijkheidsbeginsel bij de loopbaanvermindering rekening te houden met het verminderde loon en bij het ouderschapsverlof met het loon van vóór de vermindering van de arbeidsprestaties. 

vermindering van de arbeidsprestaties als gevolg van

berekeningsbasis opzeggingsvergoeding

bron

loopbaanvermindering / tijdskrediet

 

(1) allerlei vormen

 

 deeltijds loon

 GwH nr. 165/2011

 GwH nr. 167/2011

 GwH nr. 191/2011

 GwH nr. 90/2012

(2) in het bijzonder:

 

loopbaanvermindering met motief zorg voor kind

 deeltijds loon

 GwH nr. 172/2019

ouderschapsverlof

 voltijds loon

art. 105 Herstelwet 22 januari 1985 houdende sociale bepalingen

palliatief verlof

 voltijds loon

 GwH  nr. 164/2013

zorgverlof (medische bijstand zwaar zieke)

 deeltijds loon

 GwH nr. 80/2012

arbeidsongeschiktheid met werkhervatting

 

 

 (1) met akkoord adviserend arts ziekenfonds en werkgever

 voltijds loon

 art. 39 § 2  Arbeidsovereenkomstenwet

 (2) zonder akkoord adviserend arts ziekenfonds

 deeltijds loon

 GwH nr. 152/2014

Sociaal Compendium Arbeidsrecht 2019-2020

ann-taghon-2019-small

Ann Taghon was na haar studies zes jaar lang assistent aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Gent alvorens zich voltijds aan de advocatuur te wijden. Ze is actief aan de Gentse balie sedert 1985 en maakt deel uit van de maatschap 'Van Eeckhoutte, Taquet & Clesse' sinds 1991.

  243