Loonkloof tussen mannen en vrouwen blijft stabiel

LoonkloofVrouwelijke werknemers verdienen op jaarbasis 22% minder dan hun mannelijke collega's. De loonkloof blijft stabiel. Dat staat in het jaarlijkse ‘loonkloofrapport’ van het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen (IGVM). De cijfers in het rapport zijn wel enigszins gedateerd: ze hebben betrekking op het jaar 2012.

Enkele krachtlijnen:

  1. Deeltijds werk heeft de grootste impact op het loon. Deeltijds werk blijft in de eerste plaats een vrouwenzaak, en er is weinig evolutie in deze situatie. 22% van de deeltijds werkende vrouwen en 26% van de deeltijds werkende mannen geeft aan geen voltijds werk te vinden, of geen mogelijkheid te hebben om voltijds te werken binnen de huidige job. De combinatie met het gezinsleven is de belangrijkste reden om deeltijds te werken.

  2. De werkzaamheidsgraad van vrouwen vertoont de laatste jaren een lichte stijging, terwijl die van mannen daalt. Maar de stijging bij vrouwen gaat vaker gepaard met banen van mindere kwaliteit die ook minder goed betaald worden, waardoor de loonkloof groter wordt. Vrouwen zijn nog steeds ondervertegenwoordigd in de hoogste rangen van de ondernemingen.

  3. De negatieve impact van een vreemde nationaliteit of een ander geboorteland op de kansen op werk is groter voor vrouwen dan voor mannen. De nationaliteit heeft een beperkte impact op de werkzaamheidsgraad van mannen, maar wel een sterke weerslag voor vrouwen. Slechts een kwart van de vrouwen en minder dan de helft van de mannen uit niet-EU-landen heeft een baan in België.

  4. Dit jaar zullen ondernemingen voor het eerst de lonen van hun werknemers analyseren in de context van de loonkloofwet van 22 april 2012. Een impactanalyse van die wet is nog voorbarig, maar het instituut stelt wel al vast dat deze maatregel een zeer doeltreffend middel is om ondernemingen te sensibiliseren.

    De bestrijding van de loonkloof gebeurt op alle niveaus:
    1. op interprofessioneel niveau, via de verplichting voor alle sociale partners om maatregelen ter bestrijding van de loonkloof te onderhandelen;
    2. op sectorniveau, via de invoering van genderneutrale functieclassificaties;
    3. op bedrijfsniveau, via de organisatie van een verplicht overleg en het aannemen van een actieplan.

  5. Het instituut sluit zijn rapport af met een reeks aanbevelingen over:
    1. de concrete uitvoering van de loonkloofwet;
    2. de combinatie van werk en privéleven;
    3. een betere taakverdeling thuis;
    4. een meer flexibele arbeidsmarkt;
    5. de strijd tegen de genderstereotypen en segregatie op de arbeidsmarkt.

Steven Bellemans


BronPersbericht, “Een kleinere maar aanhoudende loonkloof” 

Gepubliceerd op 05-06-2015

Berichttitel

Berichtomschrijving
  97