Het Stelsel van Werkloosheid met Bedrijfstoeslag... Kunt u nog volgen na alle wijzigingen?

Claeys&EngelsDe regering Michel I wil iedereen langer aan het werk houden. “Werkbaar werk” wordt door tal van beleidsmensen in de mond genomen. Maar wat indien aanpassingen in de manier van werken, deeltijds werken en een landingsbaan geen oplossing bieden? Hebben werknemers dan nog de mogelijkheid om op een “zachte” manier uit de arbeidsmarkt te stappen?

Sinds de jaren 70 vormde het brugpensioen een veel gebruikt vangnet, maar geleidelijk hebben diverse regeringen de toegangsvoorwaarden verstrengd en de sociale bijdragen in hoofde van de werkgevers opgetrokken. Met ingang van 1 januari 2016 werden deze sociale bijdragen zelfs nog verder verhoogd. Desondanks kan het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag (“SWT”, zoals het brugpensioen intussen heet) toch nog in bepaalde gevallen een oplossing bieden.

Wij vroegen aan de auteurs van het boek “Actief Eindigen” om de systemen even op een rijtje te zetten.

Om recht te hebben op SWT moet een werknemer die door zijn werkgever wordt ontslagen een bepaalde leeftijd en een bepaalde loopbaan als werknemer bereikt hebben:

  • Het zgn. “algemeen stelsel” is terug te vinden in cao nr. 17 en geldt dus in alle ondernemingen uit de privé-sector, ongeacht het paritair comité waaronder zij ressorteren en ongeacht of zij in hun eigen onderneming een cao hebben die in SWT voorziet. De vereiste leeftijd is 62 jaar. De vereiste loopbaan is 40 jaar voor mannen. Voor vrouwen bedraagt deze momenteel 32 jaar, maar ieder jaar komt er één jaar bij tot eveneens de vereiste van 40 jaar bereikt is. Tot eind 2017 geldt in heel wat paritaire comités een regeling waardoor toch nog SWT vanaf de leeftijd van 60 jaar mogelijk is.
  • Werknemers die in 2016 ontslagen worden, die minstens 58 jaar oud zijn en die op het einde van de samenwerking minstens 40 jaar loopbaan kunnen voorleggen, hebben op basis van de cao nr. 115 eveneens recht op SWT in alle ondernemingen uit de privé-sector. Vanaf 1 januari 2017 zou de leeftijd opgetrokken worden naar 60 jaar, maar indien in het paritair comité een cao gesloten wordt, kan de leeftijd behouden blijven op 58 jaar.
  • Werknemers die een aantal jaren in een zwaar beroep gewerkt hebben, kunnen vanaf 58 jaar met SWT gaan op voorwaarde dat zij een loopbaan van 35 jaar kunnen voorleggen. Om van dit stelsel te kunnen genieten, is het vereist dat er een sectorale of ondernemings-cao bestaat die dit regime voorziet. De leeftijd zou in de toekomst opgetrokken worden naar 60 jaar, maar de datum staat nog niet vast. Bovendien is er voorzien in een regime om te ontsnappen aan deze verhoging.
  • Ook werknemers die mindervalide zijn of ernstige medische problemen hebben, kunnen vanaf de leeftijd van 35 jaar kunnen voorleggen, toetreden tot het SWT.
  • Daarnaast kunnen werknemers die minstens 58 jaar oud zijn, die 33 jaar beroepsverleden kunnen voorleggen en die ofwel minstens 20 jaar nachtarbeid verricht hebben, ofwel een aantal jaren gewerkt hebben in een zwaar beroep, ook toetreden tot het SWT op voorwaarde dat het paritair comité waaronder hun werkgever ressorteert daarover een cao heeft gesloten.

In ondernemingen die erkend zijn als onderneming in herstructurering of onderneming in moeilijkheden kunnen werknemers momenteel met SWT gaan indien zij minstens 55 jaar oud zijn. Zij moeten een beroepsverleden van 20 jaar bewijzen, al kan dit verder gereduceerd worden naar 10 jaar binnen de sector en dit in de 15 jaar voorafgaand aan het ontslag.

Werkgevers die een werknemer ontslaan met het oog op SWT, mogen niet uit het oog verliezen dat de ontslagen werknemer in principe tot aan de maand waarin hij of zij 65 wordt “aangepast” beschikbaar zal moeten zijn. Dit betekent dat de SWT’er weliswaar wordt vrijgesteld van de verplichting om actief te zoeken naar werk, maar niet van de verplichting om als werkzoekende ingeschreven te zijn en te blijven. Bovendien zal de SWT’er zijn medewerking moeten verlenen aan een aangepaste begeleiding en kan er een individueel actieplan opgesteld worden. Het is wel mogelijk om in bepaalde gevallen een vrijstelling te vragen (bv. bij SWT op basis van de cao nr. 17 indien men minstens 62 jaar oud is en 43 jaar beroepsverleden aantoont).

Tenslotte houden werkgever best ook rekening met de recente verhoging van de werkgeversbijdragen op de bedrijfstoeslag die zij in het kader van een SWT moeten betalen aan de ontslagen werknemer en dit tot het ogenblik dat deze werknemer de wettelijke pensioenleeftijd bereikt:

Leeftijd van de werkloze bij aanvang SWT  % werkgeversbijdrage 2015  % werkgeversbijdrage 2016
100% 125%
52 95% 118,75%
55 jaar 50% 62,50%
58 jaar 50% 62,50%
> 60 jaar  25% 31,25%

De verhoogde bijdragen zijn van toepassing op de aanvullingen die vanaf 1 januari 2016 voor de eerste keer worden toegekend in het kader van een opzegging of verbreking van de arbeidsovereenkomst betekend na 10 oktober 2015.

Actief eindigenIn het boek “Actief Eindigen” komt het SWT uitgebreid aan bod. De auteurs willen een leidraad bieden aan HR-medewerkers en bedrijfsjuristen zodat zij een beter begrip krijgen van dit stelsel. Naast het SWT wordt ook het SWAV (het vroegere “Canada Dry”) toegelicht. De auteurs behandelen ook andere thema’s die van belang kunnen zijn hetzij bij het realiseren van het “werkbaar werken”, nl. deeltijdse arbeid en tijdskrediet, hetzij bij het einde van de loopbaan, nl. het rustpensioen.

De auteurs Ann Witters, Inger Verhelst, Sophie Maes en Annelies Gielen zijn alle vier advocaat bij het advocatenkantoor Claeys & Engels dat gespecialiseerd is in het arbeidsrecht en sociaal recht.

Gepubliceerd op 02-02-2016

Berichttitel

Berichtomschrijving
  128